Aanpassing weblog en wachten op winter

De links zijn hervonden, ze staan allemaal onderaan.
De omtrek is nu lichtpaars, misschien morgen weer anders, als het kon zou ik gestreept, geruit, geblokt, gedriehoekt of gevlekt nemen maar die keus is niet aanwezig voor zover ik weet.
Tussendoor kijk ik telkens naar buiten: nog geen sneeuw?
Al een paar dagen worden we er voor gewaarschuwd en nu zou ik graag gaan slapen  met een winters gevoel van wegkruipen tot aan het voeteneind. Een week of zo, is dat geen zalige gedachte?
De koelkasten en vriezers zijn gevuld,  leesvoorraad voldoende.
Je begrijpt: als gepensioneerde heb ik makkelijk praten. Geen baas, geen plicht.
Het is het idee van een poolvakantie maar dan in eigen bed en niet te lang.
En natuurlijk de zekerheid dat er geen ijsberen zijn. Stel je voor dat je wakker wordt terwijl ze aan je voeten knabbelen, misschien nog klagen over je nagellak…

Tot morgen.

 

Advertenties

De bloedeloze

De echte rode maan was er wel, ik heb hem ook gefotografeerd.
Maar ja, de camera en ik…
Vanmorgen zag ik plaatjes die heel wat mooier waren dus gooide ik die van mij weg.
Omdat dit te voorspellen was heb ik de maan van gisteravond opgenomen, hij gaf zoveel licht dat het opviel ondanks de bewolking die half voor zijn neus hing.
En kijk.
Foute belichting, verkeerde sluitertijd en meer van dat, alles werkte mee om er iets bijzonders van te maken. Hij lijkt nu op reflecterend water in een diepe put.
Waar vind je zoiets? In ons achtertuintje.
Mijn eigen maanmodel. ♥

V(F)riezen

Zwetend ontwaakte ik uit een nare droom, een die bijna jaarlijks terugkeert zij het dat hij de laatste winters minder heftig was.
Tot nu toe.
Rillend greep ik naar de paracetamol en nam een dubbele dosis.
Het hielp niet veel.
Een borrel dan maar? Had ik niet in huis.
Warme kruik? Ook niet en wat zou dat ook geholpen hebben.
Tegen de ochtend stond ik op.
Deed de gordijnen open, zag de vorstige wereld en wist het weer:
Elfstedenkoorts.

Toch maar een winterslaap overwegen?
==

Rustig slapen.

Bang zijn is een druk bestaan.
Inbrekers, terroristen, enge beesten, gerontofielen en ander gespuis, het loopt vrijelijk rond.
Het huis dient daarvoor afdoende beveiligd en dat houdt regelmatige contrôle in.
Sloten van ramen en deuren bijhouden, is een extra schuif niet verstandiger, lopen rolluiken nog soepel, zit de kraak nog wel in de trap, liggen de telefoons op het nachtkastje en hoe zit het met dat driepuntsslot, sleutel erinlaten of juist eruithalen en bewaar ik hem dan onder het hoofdkussen of juist niet, ze vermoorden je voor minder en… o jé, de poort, was hij wel afgesloten? Ik geloof het wel, ik weet het zeker of toch maar even kijken?
Brrr, koud zeg, op je sloffen in de sneeuw, gauw naar binnen.
Ha, ik hoor buren babbelen, altijd een veilig idee. Ze horen beter dan ikzelf.
Goed dat de achterdeur zo’n herrie maakt, hier komt niemand ongehoord binnen.
Een hond? Alsjeblieft zeg, bij elk blafje ben ik bang dat er iemand binnensluipt.
En…

U begrijpt nu waardoor ik zo goed slaap. Ik ben bekaf als ik aan de nacht begin.

Nog vergeten:
Onder het bed kijken doe ik ook voor ik inslaap. Ik vraag me af wat ik zou doen als er ècht iemand zou liggen.

Winter met lentegeluid

Het was rondom half acht.
Donkerte won nog nèt.
Helder, koud, windstil.
Een genot om buiten te zijn.
Bevroren sneeuwkorrels knerpten, hier en daar stapte ik voorzichtig over een ijsplasje.
Na een paar minuten drong het tot me door dat ik vogels hoorde. Daar keek ik van op, zo vroeg? In het donker?
Het was geen uitbundig gefluit, meer gekoer en gekibbel als van een gezin bij het opstaan.
Het maakte het fijne weer nog mooier. .
Dat ik de poort niet open kreeg omdat het slot bevroren was deerde me niet. En met fiets en tas binnendoor naar de voordeur moest was grappig.
Zelfs de bijna-valpartij bij het struikelen over de drempel bij de bloedpriklocatie maakte me geen poep. De urinecontainer (de naam…) zat veilig dicht.
Een goed begin van de dag.

Gerrit Achterberg

 

Verscholen achter een stapel grote boeken vond ik dit kleintje terug.
Een bundeltje uit 1969 van dichter Gerrit Achterberg.
Het is inktzwarte poëzie over de tijd die hij in een psychiatrische inrichting doorbracht.
Onbegrijpelijk dat ik dit vergeten was, de narigheid maakt nogal indruk. Zie voorbeeld
In deze trant staan er 25 gedichten in.
Moeilijk naar mooi, mooi maar triest, de titel van het boek zegt alles.
Hij moet een ongelukkige man zijn geweest.
gerrit-achterberg-1905-1962
Ik wil het niet meer lezen maar weggooien kan niet.
Het gaat weer terug naar de vergeethoek.

Kom, laat ik nu eens iets verstandigs schrijven..

..dacht ik
Iets wat de mensen aan het denken zet, de lezers doet beseffen dat er meer is tussen hemel en aarde.
Nou begin ik meteen al verkeerd, ‘hemel’ is geen serieus onderwerp.
Verder.

Een paar dagen terug las ik dit↓ bij wikipedia.
De goudvis (Carassius gibelio auratus) is de kweekvariëteit van de giebel. Zie goudvis
Vreemd, tot die tijd meende ik te weten dat hij afstamt van een Russische karper maar wie weet was zijn kaviaar niet goed genoeg..
Een giebel is (was) een irritant ding in de klas dat voornamelijk giechelde. Meer zat er niet in, daarom is ze nu opgewaardeerd tot een gouwe ouwe in een kommetje. Ach gut.

Zojuist keek ik naar het derde deel van DWDD University presenteert op NPO1. Geen nieuwe feiten maar wat ìs het goed gebracht. Mijn ouders zouden alsnog aan marsmannetjes geloven. Daar kon het MULO-onderwijs niet aan tippen.

Over de Brexit kan ik kort zijn.
Ik weet niet wat het beste is maar voel mee met May. Ze is dapper, terecht of niet. Onwillekeurig vraag ik me af hoe Merkel dit zou hebben opgelost. .

Er zijn nog veel meer dingen die me aan het hart gaan maar voor vandaag is het genoeg.
Niet iedereen wil aan het denken gezet worden.
Voor ik het weet zit ik met Trump in mijn maag en met China en vlak het Midden-Oosten niet uit om het over Afrika maar niet te hebben.,
De kwestie is, je komt er niet uit.
Wil je een oordeel vellen moet je van alle markten thuis zijn. Van de hele wereld dus.
Ik ben al blij dat ik Oost-Brabant ken.
Niet dat ik daar vaak over nadenk.
‘Het verstand komt met de jaren,’ zegt men,  daar hopen we dan maar op.

Zinloos

Wat was ik blind
een kuikentje.

Het is cliché
maar waar, zo waar,
ik wist niet dat
een boekenwens
veranderen kon en
klip en klaar
ontaarden zou
in droge stof en zeurderig doceren.

Mijn hang naar kennis werd
geen weten
noch ging ik
begrijpen —

Dertien jaar
was ik
en enthousiast
en willig om te leren.


© Bertjens

ps
Mogelijk stond dit eerder in een vorige weblog. Ik kan het niet meer terugvinden.