Lief of leed?

50/50 naar een idee van Geesje
https://kreta8.wordpress.com/2023/04/12/
======
December komt eraan
Heerlijke vooruitzichten doemen op, Sinterklaas met pakjesavonden, blije kinderen, gezellige papierproppen rondom, chocolademelk en biertje voor de sint.
Die spanning alleen al.
En daarna Kerstmis waarvoor je hunkert naar de boom met de versieringen.
Het opbouwen dat al het halve feest is.
Ach, die zalige,  prachtige maand.

December komt eraan.
Die ellendige, afgrijselijke maand waarin je zo goed als doorlopend wordt geplaagd door allerlei vreselijkheden.
Het gejengel over de kadootjes, de lijstjes die steevast te lang en te veeleisend zijn. Het geruzie wie de grootste speculaaspop krijgt.
Om het over die stompzinnige kerstboom maar niet te hebben.
===

Mooi weer, dacht ik.

Het was een zomermooie dag
waarin ik zonnewarmte zag
meteen wat blote kleren zocht
want nu het toch nog even mocht
kreeg ik graag wat extra kleur.
Als een kundig etaleur
koos ik schaduwvrij een plek
– ver van’t  (kale) bladerdek-
en zette me  flatteus terneer.
..  .   .    .     .      .       .
Het duurde een minuut of tien,
deez’ stervenskoude zonnescene.
==

Over niet-lusten.

(Nu iets wat echt  gebeurde☺)

Warm eten, dat was een drama in onze kindertijd.
Beter gezegd: in míjn kindertijd want  ik lustte de meeste groentes niet.
Broers en zussen hadden ook hun voorkeur  maar ze aten alles gewoon op.  Onbegrijpelijk vond ik het,  mij lukte het niet.
Spruiten, witlof en bloemkool  bijvoorbeeld waren -in mijn ogen- geen eetbare zaken. Niets bijzonders,  dat is bij veel kinderen niet populair, maar ik lustte andere soorten ook niet.
Sla? jèk. Worteltje?  getsie. Doppers? omg….  enzovoorts. Alleen als er appelmoes of rabarber overheen kon, dan at ik het op.
Mijn moeder was geduldig genoeg maar af en toe, wanneer de anderen zich ermee bemoeiden, stuurde ze me naar de keuken, mocht ik pas binnenkomen als ik daar mijn bord had leeggegeten.

Dat lukte nooit, het koelde snel af en dan kreeg ik het helemáál niet weg. Moest ik het doen met een beetje vlees en de yoghurt die we meestal toe kregen.
Ik was niet slim. In de keuken had ik het eten moeten weggooien en naar binnen kunnen gaan met een leeg bord. Op dat idee kwam ik nooit.
Later ging het beter, al had blikspinazie mijn voorkeur. Maar ja, we hadden zelf een groentetuin, dus…
Wonderlijk, toen ik later zelf kookte vond ik bijna alles lekker, terwijl ik het net zo deed als mijn moeder.

Hoe ik zo groot ben geworden is me nog steeds een raadsel.
Vermoedelijk door mijn broodhonger,  daar konden ze me voor wakker maken.
==-

Evan

 Verhaal  met de woorden parkeerplaats-tekens-speer.
Naar een idee van   coach Bert
==
Liefkozend bekeek  Evan de speer.
Weliswaar een oude, zéér oud zelfs, voor hem voelde het als nieuw.
Jammer dat grootvader overleed maar geweldig dat hij de speer per se aan hem wilde nalaten.
Hij richtte hem zoals hij dacht dat de oude volken het deden: hand op schouderhoogte, elleboog recht naar beneden, kneep één oog dicht en tuurde naar,  waarnaar eigenlijk?
‘Hé joch, hou je een beetje in,’ klonk het plotseling achter hem. Verschrikt draaide hij zich om en keek een lachende man in het gezicht.  Vuurrood liet hij zijn arm zakken. ‘Sorry meneer…’ mompelde hij.
‘Geeft niks hoor, als je maar uitkijkt’ , de man stapte in zijn auto en reed weg.
Evan keek de parkeerplaats links en rechts af, er stonden weinig andere wagens, goddank, hij had dus niet voor iedereen te kijk gestaan.  Hij nam de speer mee de auto in en, wachtend op zijn vader,  fantaseerde hij over de kracht van het wapen, dacht aan spannende boeken en verhalen, zag zichzelf als strijder tegen onrecht of vechten om een prinses.  Hij herinnerde zich dat opa iets losliet over extra krachten en verbeeldde zich dat de speer gloeide. Als vanzelf gleed zijn hand over het scherpe blad en voelde iets hobbeligs, hij keek en zag dat er iets  in gekerfd was.
Geen letters, eerder gekrabbel, wat zou er staan?
Hij hoopte op herkenbare tekens die hij op kon zoeken in het geschiedenisboek.
‘Ziezo, we kunnen naar huis’. Zijn vader was ingestapt.
‘Je was verdiept in de speer, zag ik. Zullen we hem eens goed bekijken straks?  Er liggen nog wat oude boeken van opa, die geloofde dat ergens een beschrijving van dit wapen stond, van de originele eigenaar. Maar dat kan ik me niet voorstellen.’
‘Echt?’ vroeg Evan.
Hij streek nog eens over het blad,  zag zich weer vechten, voelde de hitte van een strijd…..
je wist maar nooit….
=

Magnetron weigert.

Stekker en stopcontact bekeken.
Ook van binnen,  mijn hoofd paste er bijna in.
Alle knoppen geprobeerd.
Schotel eruit gehaald en weer teruggezet.
Heen en weer geschud, voor zover dat ging met het lompe gevaarte.
Toegesproken,
liefjes → neutraal → dwingend → dreigend.
Aangekeken op dezelfde manier.
Hij blijft weigeren.
Morgen haal ik de buurman erbij, als hij het ook niet weet gaat het apparaat eruit.
Wat denkt het ding wel…  arme oude vrouwtjes te mogen pesten?

Vandaag had ik geen verhaaltjesonderwerp, ik dacht alleen aan die narrige, dwarskoppige, chagrijnige,  ellendige magnetron.
==

Godus.

Deze keer een shortstory uit 2017.  Sla het gerust over als je het herkent.

Er leefde eens een Riesenschnauzer genaamd Godus die  een eigenaardige maar levendige hobby had: hij beheerde een vlooiencircus.
Achter zijn rechteroor woonden de artiesten, onder zijn linkeroksel bewaarde hij de attributen. Springtouwen en zo. Op deze manier hield hij het spul onder controle.
Bij voldoende publiek hees hij het hele circus op zijn rug en daar vertoonden de vlooien hun kunsten.
Het moet gezegd, ze waren goed. Geen andere vlo sprong ooit zo hoog en hun pyramide-opbouw was werkelijk adembenemend.

Op zekere dag vermoordde zijn baas alle deelnemers, knipte de touwen weg  en toen was het gedaan met Godus’  hobby.
Hij wilde geen nieuwe meer en schurkte zich in zijn lot.
=

Topje

Naar een idee van Geesje  (Mijn Gedachten
Viel niet mee maar ik kreeg het voor elkaar.
Scharnieren aangedraaid, kastplanken op maat gezaagd, ophanghaken aangebracht,  heen en weer geschoven met spijkerbakken en boormachine.
Het duurde weliswaar wat lang en het was zoeken naar welke stuk gereedschap bij welk onderdeel van de klus hoorde maar het lukte.
Tevreden zette ik een paar dingen in de grondverf.
Daarna in de echte verf en deed er voor alle zekerheid nog een laklaag overheen
Tot ik zag dat er een plank scheef hing.
Verdorie, geërgerd  nam ik de hamer, sloeg zo hard ik kon en …
…hield een halve duim over.
====

Flink?  Had ik gedroomd.

Uitzoeken hoeveel kou ik kan verdragen, besloot ik op 5 oktober.
Niet veel, weet ik nu.
Ik merkte dat ik op kille dagen alleen maar aan de cv-thermostaat dacht en er regelmatig naar toe liep,  me met moeite inhield. Ik verbeeldde me zelfs ziek te zijn, bibberend van koorts.
Een paar weken geleden zou ik bijna gebeden hebben van OLHeertje, geef mooi weertje. Niet dat ik een luisterend oor verwachtte maar een beetje kou leert bidden als in echte nood.
Tistochwat,  de nonsens die je bedenkt.
Bij het terugzetten van de klok heb ik het flinkheidsidee dan ook laten varen en met een groots gebaar de warmte eveneens terug gehaald.  De ketel sprong op van plezier: hij mocht weer.

Weer een beetje over  mezelf  geleerd.
Geeft niet, een beetje zelfkennis is nooit weg, maar op de duur wordt het wel véél.
===

Maanperikelen 2

Samen met zijn vrouw keek Maanmannetje  naar het  AS (AardeScherm). In gemakkelijke stoelen zittend, zwevend bijna,  drankje en knabbeltje genoeglijk tussen hen in.
‘Kijk, daarginds zijn verkiezingen,’ wees zij,  ‘wat een gedoe hè.’  Hij knikte. ‘ Zoveel moeite voor zo’n minilandje.’
‘Onbegrijpelijk, dat Aardse volk. Hebben ze een koning, moet er een burger de baas worden.’
Hij knikte weer. ‘Ja, in een paar van die gebieden is dat nog steeds zo. Ze gebruiken zo iemand voor het algemeen nut, wat moeten ze er anders mee.’
‘Welke dingen dan?  Nuttige Handwerken?’
Hij lachte. ‘Bezoeken aan andere koningen en presidenten om ze gunstig te stemmen. Biertje drinken, gesprekken voeren, logeerbed aanbieden. Masseren heet dat.’
Zij lachte niet. ‘Wat een zielig gedoe…’
Hij haalde zijn schouders op. ‘Zo doen mensen dat.’
Ze dacht na. ‘Ik zou nooit een aardmens kunnen zijn’, zei ze toen, ‘het idee dat jij of ik…’
‘…wat?’
Ze bloosde. ‘…gezellig moesten doen, met wie dan ook….’
‘Dat hoeven wij immers niet. Gezellig doen met jou is…’  onverwachts bloosde hij nu ook.
‘…ja, wat…?’
”Ruim voldoende!’ en ze proostten op hun  Maanse geluk.
===

Over stemmen.

Actueel woord.
Het heeft verschillende betekenissen, die van vandaag  is momenteel het belangrijkste:
Iemand aanwijzen die je het meest geschikt acht voor een politieke functie,  desnoods een minder geschikte bij gebrek aan beter.
Iemand kiezen voor toelating bij een sociëteit of vereniging (balloteren)
Iemand kiezen voor een clubfunctie.
Een muziekinstrument op de juiste toonhoogte brengen.
Het geluid dat meerdere pratende mensen voortbrengen.
Een van de tinnitusgeluiden.
Vermeende woorden in een zomernacht met maanlicht en een geliefde: ik hou van je -je bent mooi-en zo lief-zullen we… en zo meer.
Menselijke stemmen kunnen diverse klanken hebben. Bas, sopraan, bariton  en de bekende namen. Zwaar klinken of licht, schel, zoet, liefdevol, onaangenaam,   al naargelang aanleg of situatie. Combinaties kunnen stemmig klinken,  positief of negatief.
Dierenstemmen zijn moeilijker te duiden. Veel mensen herkennen de betekenis van hun huisdier. Sommige buren ook van hun hond.
Er valt vast meer te zeggen over stemmen maar dit is al heel wat.