buren

Over buren.

Iemand had het over een buurvrouw. Daar ging ik niet op in, buren zijn een heikel onderwerp waarover te makkelijk ruzie kan otstaan. De goede niet te na gesproken want die zijn er ook.
We leerden van mijn moeder ons niets van  kwade buren aan te trekken zolang we niets verkeerds deden.
Daar dacht ik het mijne van.
Dat leek me geen punt voor haar. Vrijstaand huisje, ruimte genoeg, grote gezinnen waardoor de huisvrouwen weinig tijd hadden elkaar te begluren.
Ze lachte me bijna uit. Ik hoorde dat ook vroeger mensen ALTIJD tijd hadden om hun buren te beloeren, te bekritiseren en te bekletsen.  Ja maar, waarover dan?
De was, vertelde zij, was een grote informatiebron. Die hing voor iedereen te kijk.
De hoeveelheid maandverbanden (denk aan uitwasbare badstoffen lapjes), luiers, ondergoed en beddengoed vertelde veel over iemands huisvrouwelijke kwaliteiten en zwangerschappen, al of niet van dochters.  Meestal gefluisterd.
De mannen waren ook niet mals.
Op fabrieken, in de bouw, op het land, er werd wat afgekletst. Met elkaar en over elkaar, moeder had dan ook een eigen gezegde over roddelen: vrouwen hebben de naam, mannen hebben het gedaan.
Dat herinner ik me nog. Pa kwam vaak met nieuwtjes thuis, ook de smeuïge. Wanneer wij op bed lagen maar het toch hoorden.
‘Weet je dat die-en-die gaat verhuizen? Ze kunnen niet aarden in de buurt.
Hoorde je dat van W, doodziek, waardeloze vrouw.  P. vertelde het.
Moe wilde het nieuws wel horen maar toch ergerde ze zich ’n beetje. ‘Hebben jullie geen andere onderwerpen?
Nieuwtjes over buren zijn dus niets nieuws.
Ik ben blij met de mijne en waardeer ze!
Aan die dingen dacht ik, ik heb tijd genoeg.
===

Geen categorie·verhaaltje

Nachtleven. Versie 1

‘Bijna tien uur, zullen we?’
Ze knikt.  ‘Bijna, de koffie nog.’ Ze heeft het nodig, koffie sterkt en houdt wakker.
Hij legt de spullen klaar. Infraroodkijker en heupfles met rum.
Na de laatste slok kleden ze zich om, elkaar helpend met  laarzen en dichte jassen, wollen mutsen over de oren.  Ze pakken elkaars hand.
In gelijke pas stappen ze.  ‘Zo fijn dat we dit nog kunnen, fluistert hij.
Ze antwoordt met een kneepje.
Op een goede plek laten ze zich zakken.
Ze kijken het duister in, hopen op gevaarlijk wild.
En ja.
‘Zie je dat?  Best een groot beest,’  huivert ze.
‘Nou! Mooi ook. En daar, kijk daar eens, is dat een ….   jeeee… het is een panter. Die ogen… ‘
‘Ssssst…’
Ze kijken, vergeten de infrarood, talen niet naar de rum.
Na verloop van tijd rekt hij zich uit, hij kraakt een beetje.’We moeten gaan. ‘Je rug?’  ‘Ja…’
Ze gaapt.  ‘We zullen weer lekker slapen’.
Voorzichtig staan ze, leggen kijker en rum weg voor morgen.
Reiken naar de knop.
Het scherm gaat op zwart.
=

versje·winter

Korte winter

Het was een kortdurende winter
slecht even, niet meer dan een flinter
van wind sneeuw en ijs
maar groots was de prijs
te schaatsen zo snel als een sprinter

Toen was het weer tijd om te dooien
de tintel van  kou te verklooien
na zand zout en water
kwam weldra de kater.
Die winters, het zijn enkel fooien.
==

water

Overtollig water.

Corona-carnaval
Valentijn.
Belgische kappers.
IJsdikte en doorgezakten.
Dooi.
Onderwerpen die dit weekeinde veelvuldig genoemd zijn.  Over cor-car en ijsdikte las ik niet verder.
Alleen Kappers, Dooi en Valentijn  hadden mijn aandacht, de laatste omdat een van de broers zo heette, Valentinus. Erfenis van een Russische voorvader die waarschijnlijk Valentin als naam had, denken wij, maar broer had geen Russische trekken: hij dronk niet en ouwehoerde niet.
Hij was juist  heel on-russisch.
Hoe de omgeving eruit gaat zien morgen? Ik ben benieuwd, zo gauw wen je aan omstandigheden dat ik vanavond het water wilde afsluiten, na één week blijk je al een gewoontedier.
Ook vraag ik me af of de Nederlandse vrouwen echt massaal de Belgische kappers bestoken ondanks een tegenverzoek.  En hoe zou het koningsgezin dit oplossen? Opsteken met een kroontjespen? Appje naar Mathilde?
Enfin, mijn zorg niet maar ik zou het begrijpen als ze de boel lieten woekeren. Net mensen, zou ik dan denken.
Alleen nog bekijken hoe het overtollige water op te maken. Met het afsluiten van de hoofdkraan had ik een  speciekuip gevuld en onder het afdak klaargezet.
En een paar emmers.
En, naar me vanmiddag pas opviel, de kuip vergeten. Die staat nog vol te wezen. Zonde om weg te gooien en te koud om in te baden.
Bewaren tot een droge zomer? Dan is het verdampt.
Gewoon leegkiepen dan maar?
Gaat me aan het hart, eenmaal Hollands…  🙄
==
verbouwen

Toen we verbouwden. Semi auto-bio.

Eerst de tussenmuur afbreken.  Dat kon ik zelf maar stond al gauw in dubio, telkens na een paar meter een kruiwagen puin wegbrengen of eerst de muur aan gort slaan? Ik besloot tot het eerste.
Broer A liep binnen: eerst de hele muur eruit slaan, dan pas opruimen, dat is de beste manier. Ik haalde de schouders op en ging mijn eigen gang.
Broer B kwam ook kijken: heel goed, de rotzooi direct wegwerken.
Keukenvloer moest eruit maar wat een pech, de kangoo was er niet. Uitgeleend.
Zus C hoorde ervan en kwam ons de les lezen: had je nooit moeten doen, nu moet je met de beitel.… enzovoorts.
Man haalde de schouders op en ging met hamer en beitel aan de slag.
Broer D hoorde er ook van en verscheen met goede raad: huur een breekhamer , kost niet veel en…  Tja.
Daarna betonstorten, dat  was niet moeilijk maar wederom een goede raad.
Zus E liet weten dat we restbeton on-mid-del-lijk dienden op te ruimen ivm uitharden en dan werd het een zootje.
We  haalden de schouders maar weer op en zetten de molen aan.

Zo maakten we de klus af, dankzij of ondanks de adviezen tot er geverfd en behangen werd.
Je raadt het  natuurlijk.
mooi kleurtje maar past dat wel bij…- weet je waar ze veel keus hebben in behang?- nee joh, ga naar…-  ik zou dat plafond heel anders doen- verkeerde kwast!!- ieee, heb JIJ dat uitgekozen??- enzovoorts.
Tenslotte waren we klaar en besloten een biertje te pakken op onze nieuwe kamer, romantische gedachten, samen gewerkt aan eigen huis. Dat soort dingen.
Toen kwam zus F binnenvallen met haar vrijer. ‘Biertje? Gezellig, wij doen mee, heb je er genoeg?’
We wezen slechts naar de koelkast,  hadden geen schouders meer over.
==

supermarkt

Goedkope supermarkt

Daar kom ik haast nooit meer.
Toen echtgenoot nog leefde kwamen we er wel  en ik moet zeggen dat veel van het aanbod ons beviel, in het begin.
We aten graag hun lekkere dingen voor het weekend.
Daarbij een passend glas van het een of ander.
We namen het ervan tot we begonnen te twijfelen
Er was iets, iets waar we niet de vinger op konden leggen.
Sommige artikelen waren te ‘gemakkelijk’, ik weet niet hoe het anders te zeggen. Je at  er te gauw te veel van.
We namen aan dat de lage prijzen de oorzaak waren (‘het is zo goedkoop, we nemen nog maar een plak’), dat scheen het meest logische.
Maar gaandeweg leek ons dat niet de oorzaak. Bij de meeste supermarkten heb je voordelige aanbiedingen en die waren niet verschillend van de gangbare producten,  je hapslokte ze niet zomaar weg.
Je kreeg bij deze goedkopere zaak het gevoel alsof er iets met de ingrediënten gedaan was, een popi stofje toegevoegd of juist een kruidige eigenschap   eruit gehaald. Minder pittig. Makkelijk slokbaar. Dus snel op waardoor je nogmaals boodschappen deed. Slim.
We stopten met deze winkel.
Nog steeds weet ik niet of we het ons verbeeldden.
Of alleen maar gulzig waren door de goedkoopte. Maar ik denk het niet.
==

licht·zon

Het wordt licht

’s Morgens merk je het voor je je ogen opent, althans, zo lijkt het, dat je het kunt zien in je slaap.
Tegen achten bedenk ik of ik zal gaan voor koffie of nog even blijf soezen.
Maar soezen bij daglicht lukt niet altijd.
Tegen zessen ’s avonds denk ik opnieuw na: gordijnen dicht of de schemer nog even laten.
Prettige vraagstukken zijn dat.
Over schaatsen in/op open water en de TdT die niet doorgaat heb ik geen andere gedachten dan dat het geen haalbare kaart is want te laat in het jaar, de zon heeft teveel kracht.  En dat hadden we kunnen voorspellen.

Eén minizorgje is er nog en dat zijn de bestelde boodschappen die morgen worden gebracht. Ik had een paadje vrijgemaakt bij de voordeur, een aardige buurman had er meer van gemaakt maar kon niet alle ijs wegkrijgen van het trottoir, de laag is te dik.
Nu hoop ik maar dat de bezorger veilig bij de voordeur komt.
Ik zie hem al glijden en de krat wegzeilen, inhoud over de stoep en onder auto’s wegrollen, hij kreunen, ik er sukkelig bij staan, gottegot wat een toestand.
Laat ik niet verder denken, dit is niet constructief.
Straks naar een warm bed met een boek, dat is een prettiger vooruitzicht.
Nog een kop thee en een mee naar boven.
Een laatste slok, zoetjesaan in slaap vallen en doorgaan tot de zon opkomt.
==

druk

Sneeuwpop?

Dat zit er niet in met deze droge korrelsneeuw. Vriessneeuw. Glinstert mooi in zon- en lamplicht maar bouwen kun je er niet mee.  Met een natte tak trok ik een paar strepen door deze vogelhuishoed en dat was alles.
Ook mooi. Als je gauw tevreden bent.

De winter doet nog iets anders dan vriezen: het maakt me licht in mijn hoofd. Nee, niet door bier, wijn of wat dies meer zij.
Het is het buiten zijn. Vegen, scheppen, paadjes maken naar schuur en wasmachine,  matten op de sneeuw keren, en ik voelde me na een half uur dwarrelen als een maxi vlok.
Voor ik werkelijk door de lucht zou gaan en neerkwam in iemands tuintje ging ik naar binnen en maakte me een kop thee. Dat hielp tot ik het opnieuw probeerde.
Verder vermaak ik me met het tappen van voorraadjes water, ’s avonds de hoofdkraan dichtdraaien en ’s morgens weer open, cv hoog en terug -afwisselend rillend en zwetend- , slaapkamerraam openen en na een uurtje weer dicht doen, toch maar even naar buiten, deken voor raam (noordoosten) hangen, af en toe een telefoontje of appje doen (helaas te weinig appfamilie), oude boeken lezen, sudoku’s invullen en cryptogrammen.
Voor een alleense heb ik het best druk.
Maar tis beter dan verveling.
==

eten

Koken

We eten Chinees,  als ik hem gaar kan krijgen.
Of Frans, al is hij wat mager.
Misschien Brits? Slaap ik vannacht wel op de bank.
Een Kapsalon zou er ook ingaan, staan nu toch leeg.
Scheermessen dan? Nee, te gevaarlijk in je lijf.
Krabben lusten we al zéker niet, ze bloeden zo.
Bij Mexicaantjes zit je met taaie sombrero’s.
Pffff.
….
Ik geef het op.
En ga voor een omelet, uitsmijters lijken me een te taai volkje.
==