Katholieke zomerdagen

Landerig hangen we op vrije –  en vakantiemiddagen rond op het erf, zeuren wat,  pesten elkaar en de hond, gaan elke minuut  naar binnen om op de klok te kijken, wachten tot het zwembad open is. We vervelen ons suf.
Met afgunst zien we de andersdenkenden naar het openbare bad gaan, zij mogen er de hele middag in, allemaal tegelijk.
Wij, roomsen, moeten wachten tot we in het katholieke bad aan de beurt zijn, jongens en meisjes na elkaar.
’s Avonds hetzelfde rooster voor vrouwen en mannen.

Tenslotte moest de kerk toegeven en werd er gemengd gezwommen.
Mijn moeder was al eerder overstag gegaan. Ik mocht eindelijk naar het openbare met een buurmeisje. Ze gaf me entreegeld met een ssst-vinger voor de mond.
Dolblij fietsten we er naar toe.
En wat zag ik?
Veel meer katholieken zwommen daar, waarschijnlijk allemaal met de opdracht: ‘vertel het maar niet verder.’
==

Advertenties

Rare dag

Op verzoek, sla gerust over als je het al kent.

Vanmorgen kwam ik een buurhond tegen. Ik begon een praatje.
‘Zo, beessie, ben je nog steeds braaf?’ en krauwde hem achter zijn oren.
Hij kwispelde als een gek en spinde luid.
‘Wat?’ verbaasd stopte ik en hij reageerde meteen: miauwww.
Ik keek rond of ik de eigenaar zag maar hoorde alleen wrrrraf achter een heg.
Zeker iets nieuws, die mensen hebben alleen ’n eend, wist ik.
Beessie voorbijlopend gluurde ik door de heg.
Wat ik zag: de eend zwom in de vijver, blaffend naar een paar vissenbekjes die boven het water uitstaken en -je gelooft het niet- het do-re-mi mekkerden.
Mijn ogen en oren werden groot! Spinnende hond en blaffende eend, geitevissen.
Aarzelend liep ik een paar stappen.
Op dat ogenblik tjilpten er een groepje mussen; blij met dit normale geluid wendde ik me naar een boom. Hm, ze waren al gevlogen. Maar.. ik hoorde ze toch? Toen merkte ik het, een toompje kippen scharrelde kwetterend door de voortuin van S.
De haan wandelde er loeiend om heen.
Dit werd me teveel.
Ik moest weg, meteen, en rende naar huis.
Bij de achterdeur zat Tinus, een bevriende kater.
‘Sorry Tien,’ hijgde ik ‘ik heb geen tijd..’
‘Ja zeg, ik wil mijn plakje worst,’ antwoordde hij kwaad.
‘Nee,’ huilde ik, vloog de trap op en kroop in bed met het dekbed over mijn hoofd.
Ik durfde niet meer naar buiten.
=

Nog jong. Ja toch?

Een extra streepje voor de vouw boven haar oog, lippenstift doortrekken over dat wrattje.
Als finishing touch een zwarte punt op haar linker wang. Het bedekt precies een gesprongen adertje je.
Ze verstelt de lamp, beweegt de zijspiegels en knikt, het is goed.
Een paar heupbewegingen om los te komen. Andermaal knikt ze. Niet meer zo piep, nog steeds present.
’n Beetje onrustig, met het typerend weekendgevoel van verwachting, bekijkt ze de Uit-pagina. Film, film, klik, nog meer film, klik, Townsingers, klik, rapper’s Delight.
Niet veel soeps.
Misschien is er verderop meer te doen.  Hm, Joe the South zingt in kroeg Hot Spot.
Joe is een populaire streekartiest. Natuurlijk, als hartenbreker is hij op zijn retour maar nog altijd hangen er veel vrouwen rond zijn kleedkamer.
Zelf doet ze daar niet aan mee. Zijn geverfde zwarte haar en de te bruine huid is genant, ze voelt aan haar eigen gestylde lokken.
Ze denkt even na en belt.
‘ Hééj Maries, met mij. Zeg, ga je mee naar de Hot Spot? Joe zingt er.’
Ze luistert. Haar gezicht betrekt.
‘ Wat? Dat meen je niet… nee joh, daar zijn we helemáál niet te oud voor…trouwens, heb je Joe wel eens van dichtbij gezien?’
Die Maries, ze is moe en de kat kan niet alleen blijven. Bitch.
‘Karsten, ga jij ook naar Joe the South?Geen zin? Ok dan vraag ik Dinette wel. Groetjes.’
Tweede keus, maar ja.
‘…met het antwoordapparaat van Dieneke en Johan, spreek…’ Barst. Nijdig sluit ze af. Verrekte Dinette, weer helemaal terug in de tijd. Dieneke en Johan, bespottelijk, een geboren dorpsstelletje.
Wie kan ze nog vragen? Ze is niet van plan om wéér een zaterdag voor de buis te zitten. Zo oud is ze nog niet, toch? Ze bekijkt het telefoonboek.
Wessel dan maar? Nee, niet weer haar broer, zo zielig als je niemand kan krijgen.
Deze keer zoekt ze net zo lang tot ze iemand vindt, desnoods gaat ze met Lonneke al is dat een eersteklas mannengek.
‘Jantien? Nee? Jammer’
‘Heleen? Hond ziek? Oké, ik weet genoeg’ Bitch!
‘Marjo, heb jij zin om….? O sorry, dat wist ik niet. Ik hoor het morgen bij de koffie, oké?’
Dus Marjo gaat liever naar volwassenenvermaak. Trut.
Ze kijkt op de klok. Verdomme, dadelijk is het te laat.
Ze slikt en belt. ‘Hai Lonneke, ga je mee naar de kroeg? Nee lieverd , spijkerbroek is genoeg, alleen Joe treedt op. Ik kom er zo aan. Heb je wat pilletjes?’
==
©Bertjens/Bertie

Jezelf af- en uitbeelden?

Oud gegeven, blijvend actueel.
– ‘Je tekent ongemerkt altijd naar je eigen beeld,’ las ik eens.
Het intrigeerde me toen, ik wist niet of het klopte en dacht aan spiegelen.
De meeste klasgenootjes bakten er niet veel van, ik ook niet, je lette er niet op en het zinnetje verwaterde in mijn geheugen.
In de tekeningen van onze kinderen zag ik dat er waarheid in deze opvatting school; af en toe zagen we duidelijk overeenkomsten tussen kind en tekening, zelfs in de koppoters.
Toen ik later deze stelling weer tegenkwam ging ik op zoek; de kinderkunsten zijn verdwenen naar speurend in eigen krabbels legde ik er pasfoto’s naast en zag wat er bedoeld werd.
Het gaat niet zozeer om de uiterlijke kenmerken, het is meer je eigen oogopslag, het wezen, de ziel, hoe je het ook noemen wilt, die je vastlegt. En die vond ik vrij vaak terug in eigen werkjes.
Voor de aardigheid maakte ik een schetsje en bleek opnieuw een ‘zelfportret’ te hebben gemaakt.
Ingebakken in de mens? Te vergelijken met je  karakter dat je -onbewust- in een verhaaltje vertoont? Want wat is schrijven anders dan tekenen met woorden?
Om over na te denken. Het werpt een verhelderend licht op eigen onkunde om geloofwaardige personages op te voeren,  fantasie reikt blijkbaar niet verder dan je spiegelbeeld.
Zodoende begrijp je dat het scheppen van beeldende kunsten en literatuur voor slechts een kleine groep is weggelegd.

ps  ←Bij deze Mona Lisa had Da Vinci vreemde gedachten.
==

“I’m seeking a man”


Bertjens wou een man ontmoeten
vooreerst als vriend
eventueel
op vrijersvoeten
plaatste foto en profiel.

Men bekeek haar mild en lievig
en prees zichzelf
met veel elan
en positievig
als loyaal en zeer stabiel.

Bij het inzien van haar postvak
dacht ze ernstig
nu, wat moet ik?
Is er draagvlak
voor een deugdelijke deal?

Lezend in het mannenaanbod
viel het oogsten
ietwat tegen
nergens zelfspot
niemand een achilleshiel.

Ze sloot de site en stopte’t zoeken.
Niet eentje paste
teveel eisen
niets te boeken
geen man die haar eens echt beviel.
==

Naar de hemel? Dat ligt eraan.

Na lang zoeken bevind ik me in een saaie wolkenbuurt die voor een grote poort ligt. Weinig indrukwekkend. Geen engel, doodse stilte.
Zou ik het doen? Aanbellen? Als ze me maar niet wegjagen.
Ik doe het, ik wil een antwoord.
Gramstorig komt een norse kerel naar de deur. Petrus.
Je hoort hier nog niet. Dom mens.
Nou zeg, zijn dat hier de manieren?
Houd je in, maan ik mezelf en vraag – Is God zelf aanwezig?
Niet voor de levenden, gromt de man. Waar gaat het over?
– ik wil weten of braaf-zijn de moeite loont.
En? blaft hij.
– ’t Is hier waardeloos.
Hij pakt me beet, zwaait een paar keer en gooit me neruit.
– Val me niet meer lastig, jij!
Opgelucht land ik op mijn luie stoel. Wat een knoest, voor die hemel ga ik me niet meer uitsloven. Braaf zijn, het mocht wat.
Bevrijd keur ik de nieuwste xtc en open de cognacfles. Daarna vloek ik de buurman stijf en verkoop zijn valse hond een rotschop.
Het leven is vurrukkulluk.
==

Iets serieuzers.

Ernstig doen.
Ik zal het proberen, het onderwerp heb ik al.
Kwestie is dat ik er niet voor in de stemming ben. Niet stemmig genoeg. Op het moment dat ik  me het voorneem vervliegt de ernst.
Meestal lukt het wel, ernstig doen, heel goed zelfs als het nodig is.
Maar niet op bevel.
Bevelen wringen, op zijn minst een beetje. Onbegrijpelijk, als kind volgde ik ze klakkeloos op en nu ben ik die vaardigheid kwijt. Misschien ben ik al aan het vergeten.
Maar wacht, niemand beveelt me, niemand anders dan ikzelf vind dat ik iets serieus’ moet bloggen.
Moet ik mezelf wel gehoorzamen? Waarom eigenlijk? Ben ik te dwingend en te wringend en te swingend enne…  daar heb je het al, geen touw aan vast te knopen.
‘Die idiote vertelsels van jou‘, ik hóór het mijn moeder zeggen maar dat telt niet want we dachten zozeer verschillend dat we zelfs over een rijksdaalder twistten. Zij vond het een royaal zakgeld en ik mopperde over een beschamend armoedje.
Daarin waren we beiden serieus, achteraf hadden we er godweetwat voor goeie gesprekken over kunnen hebben. Al zou ze het bedrag niet verhoogd hebben.

Kijk es aan, heb ik toch nog iets redelijks geschreven.
Het eigenlijke onderwerp komt niet aan bod maar dat is voor een andere keer. Een stemmiger.
=

Aardpeer of topinamboer.

Eens wat anders dan gebakken aardappelen.
Hoewel ik geen voorstander ben van vergeten groenten heb ik deze uitgeprobeerd omdat ik ze kreeg van een enthousiasteling.
Ik moet zeggen, het was best smakelijk.
Dun geschild en in schijfjes gesneden, niet te lang bakken (±5-8 minuten), ietsepietsie zout en tijm en serveren met sla en appelmoes.
Dat was niet gek maar op Internet zijn meer recepten te vinden.

Leuker is dat hij een paar uitgedroogde hoeken in de tuin opvult. Het is een snelle groeier, deze staat nog maar een paar maanden is ongeveer 3 meter hoog!
Na het poten kwam binnen een week een plantje opzetten, het is een rappe jongen.
Hij staat in halfzon, verderop staat er een in volle zon die het ook goed doet.
In tegenstelling tot wat het artikel zegt, woekert hij niet maar dat kan natuurlijk nog komen.
Dat zien we dan wel weer, zo blijf ik in beweging.
Met een serieus doel.
Is hij nog nuttig ook.
==

ps
Ik vergat het artikel te plaatsen.
Bij deze.  https://www.tuinen.nl/zelf-aardpeer-kweken/