Winter is onderweg

Ik zag hem grijnzen
in de mist
verscholen in een dooie boom
alsof hij wist
dat ik hem zag en
schrikken zou.
Hij had gelijk, die takkenvent
ik ben niet gek op winterkou.

Dat was zijn punt: hij genoot
ook van de schok
die me beving
mij omhulde als de vrees
voor wat zéker komen ging
wind uit oost
en noordse ijzel
sneeuw gestampt in poolse vijzel.
==
’t Is nog maar  november
wat moet dat worden in december.
======