verhaaltje

Verhaaltje voor het slapen gaan

Waarover zal het gaan?
Spannende dingen? Zoet maanlicht?  Over gewone dingen als deuren nalopen, nachtgoed zoeken, tanden poetsen, laatste plas, nog even het net op?
De laatste optie kan beroerd aflopen, in verhaaltjes zijn de onderwerpen eigenzinnig, ze onderwerpen zich juist niet.
Stel, je loopt de deuren na.
Het eerste slot gaat soepel maar piept. Wat? Hoe kan dat? ‘Pie-ie-iep’, dwingend. Je tuurt in  het sleutelgat , een oog staart terug, je schrikt je lam van de paarse pupil die gif uitstraalt. En dan moet je je tanden nog poetsen, met die enge borstel….
Dan ga je toch niet meer vertellen over gewone dingen?
Neenee, ik neem de maan waarvan het licht een verrukkelijk parfum uitstrooit en alle verliefden samenbrengt in een roes  van zoete vrijpartijen waarin ze zo hard zuchten dat zij bijna stikt en hij de ambulance belt en pie-ie-iep… hela, wat is dat nou, komt die van de gewone dingen inbreken.
Spanning is niet aan de orde, daar slaap je slecht van met dromen die spannender zijn dan je bedoelde.
Oké, dan maar een verslagje.
Het is nog te vroeg  om te gaan slapen maar een mens kan er alvast aan denken, hoe hij de deuren controleert en de huisdieren uitlaat, nachtgoed klaar legt op de kruk bij de wasbak en twijfelt over een extra douchebeurt,  de laatste bonbons op het nachtkastje zal zetten, misschien die film zal meepikken of een podcastje luisteren.
En kijk, dan wordt het vanzelf bedtijd.
==
planten·sneeuw·winter

Winteryucca

Natuurlijk maakte ik ook sneeuwfoto’s, als bewijs van het winterduinlandschap.
Er ligt zelfs een boel onder het afdak maar deze plant in het voortuintje steekt er bovenuit. Hij(zij?) bloeit pas veel later maar ziet er nu beter uit. Veel beter.
Ik denk er over een bak kunstsneeuw te kopen en die er overheen te strooien als de winter verdwenen is, dan blijft hij zo knap.
En wie er naar vraagt vertel ik dat dit een speciaal soort yucca is die de sneeuw vasthoudt voor als de zomer te droog wordt, komt hoog uit de koude bergen in Mexico.
Voor wie het geloven wil.
Waardeloos plan maar het houdt me zoet.
==

sport·winkelen

Winkelsport

In de supermarkt.
Groente en fruit, beetje van dit, van dat.
Daarna volgen de gevarenzones: te vet of te zoet of teveel.
Koelvitrines met voorverpakte aardappelschijven, krieltjes, nog meer aardappels, die ik niet koop omdat ik gegarandeerd de grootste hoeveelheid neem en ze allemaal opeet in één maaltijd. Grote boog maar rechts.
Andere vitrines. K+k fruit, veel te duur voor een handje suikergoed. Snel voorbijrennen..
Salades. Eier-tonijn-komkommer-kip-kipkerrie-enzovoorts. Als een haas achteruit en rechtsaf.
Hammen. Kaassoorten. Huphup, naar ander pad.
Droge salami’s, cervelaatjes, twijfel…NEE, vort!
Koek. Chocolade. Snacks. Weer een spurtje.
En zo slalom ik de winkel door tot ik bijna voor pampus over m’n fiets hang.
Thuis neem ik een kopje magere thee met een chocolaadje als troost. Misschien twee.