SF?

onweernature-3102762__340
Het werd donkerder op aarde.
En kouder.
Klimaat verandert weer, dacht men. Anderen vermoedden een gemanipuleerd wolkendek. Fantasten meenden dat de zon met de VUT ging of buitenaardsen het zonlicht stalen want afwijkende denkers waren er altijd.
Ook was het vreemd dat er geen informatie meer binnenkwam.
Geleerden zonden nieuwe satellieten. Ze verdwenen.
Men zag grauwheid achter de wolken, met flitsen en gepiep dat aanzwol, elke dag een beetje luider waarvan  men radeloos gek werd.
Naarstig zochten deskundigen in alle laboratoria en werkplaatsen,  professoren en monteurs, en net toen de mensheid en bloc aan het bidden sloeg werd de oplossing gevonden. Een bijzonder apparaat werd afgevuurd met speciale messcherpe punten dat het dikste staal doorsneed en, naar men hoopte, ook het wolkendek.
Men wachtte. Ademloos, bang voor wat tevoorschijn zou komen.
En toen.
Toen viel het kwartje.
Een dikke, dikke laag overviel de aarde, bestaande uit kunstmanen, shuttles, verloren gewaande raketten, allerlei ruimteafval bleek zich te hebben opgehoopt tot een omhulsel rondom de aarde. Zelfs overleden ruimtereizigers zaten er tussen, een afschuwelijke eyeopener voor velen.

De stilte erna was veelzeggend. Alle regeringen zwegen en de wetenschap deed mee.
Het duurde tientallen jaren voor de troep enigszins was weggezakt en de ruzies over dumpplaatsen werden nooit bijgelegd.
Het maakte niets uit, de zeeën waren al in opmars.
==

Lezen?

Daar bewegen er nauwelijks in zit en de bibliotheek op halve kracht draait zocht ik in de boekenkast. Je moet toch wat.
Ik stuitte op een vergeten exemplaar waarvan ik nooit heb geweten hoe het hier terecht kwam. Adem van Geluk, een bundel van Leni Saris, Jos van Manen-Pieters, Henny Thijssing–Boer.  Weer  gauw weggemoffeld.
Ik vond het boek van Daniel Kehlman, Het meten van de wereld.
Vreselijk ding.
Hierin ben ik talloze malen begonnen en even zo vaak mee gestopt.
De oubollige humor is te tergend om te vermaken en van personages’ wetenschap snap ik niks.
Ik zocht verder maar het regende opeens.
Vlug een stoel naar buiten, vol verwachting het gezicht omhoog.
Tja.
Net zat ik in positie toen het blikte.
Donder er achteraan. Paar hagelstenen. Grrr.
Narrig stond ik voor de kast.
Geen goed boek.
Geen buitendouche.
Geen pistool.
Pling. Buurvrouw redde me met een grap.
==