Liever luchtig

Dit stukje was gemakzuchtig begonnen, ik had een  onderwerp waarmee je alle kanten op kan, ook de komische.
Iemand las mee en vroeg of ik ook op een serieuze manier kon schrijven.
Hier dacht ik een poosje over na.
Het is me vaker gevraagd, bij vorige weblogs en ik zal het hier nog eens uitleggen.
Natuurlijk maak ik ook andere dingen mee en ja, ik kan ook ernstiger zaken beschrijven en inderdaad, hier en daar is de wereld er beroerd aan toe.
Over deze zaken echter bloggen anderen deskundiger, bovendien bereiken ze zoveel meer lezers dan het handjevol dat hier blijft hangen. Daar iets aan toevoegen zou absoluut nutteloos zijn.
Ook in de privésfeer en de kring rondom is genoeg tragiek voorhanden, meer dan me lief is,  ik zou er lange en (misschien) interessante berichten over kunnen posten.
Dat doe ik niet. Zorg en ziekte van me af schrijven heeft voor mij geen therapeutische waarde, integendeel.  Wanneer ik iets naargeestigs wil neerzetten verzin ik een verhaal
Soms maak ik een uitzondering zoals het benoemen van echtgenoots overlijden,  jeugdvoorvalletjes, buurtperikelen. Vrij algemene zaken.
Overheidsbesluiten bespot ik graag, het liefst houd ik het lichtvoetig.
Dat bekomt me het beste.
De lezer moet het er mee doen.  Of gaat voorbij.

Advertenties

Zeer dikke mist

De wereld kromp, werd klein en kleiner tot alleen ik leek te bestaan.
Eenzaam stond ik daar in het vage licht van een versluierde zon. Fiets aan de hand, niet wetend welke kant ik op moest. Door rond te kijken was ik uit balans, alle richtingen zagen er eender uit, zelfs boven en beneden konden verkeerd zijn.
Wat te doen.
Ik voelde met mijn handen of er iets te leunen viel, een boom, muur, wat dan ook. Niets. Op de tast zette ik de fiets op de standaard en liet me voorzichtig zakken op verdwenen grond.
Dan nam ik de tas van het stuur. Maar…wat.. zelfs die zag ik niet meer, in het wilde weg graaiend vond ik hem, zocht naar het mobieltje, toetste 112. Er gebeurde niets.
Mijn hand verdween, ik pakte hem met de andere die ik ook niet meer zag. Alles weg, de wereld, telefoon, ikzelf.
Gespannen zweefde ik in het niets, wachtend op licht? Godot? Hulp?
Het duurde lang.
Veel later, ik was al bijna voorgoed opgelost, werd het helder, nevelen verdunden, contouren werden zichtbaar.
Ik stond op en zag de omgeving verschijnen.
Opgelucht herkende ik mijn achterdeur en keukenraam.
Ik stond op de stoep.

Zinvol of zinloos

-|
Dat vraag ik me wel eens af over het bestaan, de natuur, de wereld.
Ik schaar onder natuur de complete aarde en ruimte.  Natuur is letterlijk het heelal en gaat zijn eigen gang. Vulkanen barsten open en de maan wast, klimaten wisselen elkaar af, een ster verslijt. Zo gaat dat en daar doe je niets tegen want we begrijpen niet waaròm het zo gaat.
Voor de aarde komt er nog wat bij; er wriemelt zich een extra natuurtje tussen, een specifiek planeetgebonden wereldje van flora, fauna en mensen. Alle wezens bestaan maar eventjes, ook al een zingevingsvraag. Bovendien gaan ze onherroepelijk ten onder . Begonnen in water en waarschijnlijk eindigend in as waarna er elders een verse zon ontstaat die een ontvankelijke planeet bestraalt en een nieuwe cyclus in gang zet. Als een soap.

Van al die dingen zou ik graag het waarom willen begrijpen. Of zijn het alleen de aardse mensen die dit willen weten? Dat geloof je toch niet, gezien de ruimte die de ruimte beslaat, er zullen heus wel ergens breinen bestaan. Of niet?
Is die zin er eigenlijk wel? Is het een wezenloze beweging die automatisch doorgaat? Dan hoeven we niet meer te zoeken naar het perpetuum mobile.
Moeilijke kwestie waar ik niet uitkom.
Grotere geesten bogen zich al over deze vraag, zij wisten het ook niet. Sommigen verzonnen een god. Ja, dat is veel handiger, dan hoef je er zelf niet over na te denken.
Maar waarom doet die god dit dan, met dat heelal en die cyclussen en zo?