1. Lieftallige Lina in de bibliotheek

Stel je voor. Het is april, je wilt genieten van het lentegevoel maar winterse buien zitten nog in je hoofd. Zie ze kwijt te raken, denk aan bonte  bloemen als geurige madeliefjes, steek een zonnig-geel kaarsje op, lach tegen iedereen…’
Deze en andere dingsigheden stonden op een weblog onder de titel:ZOEK DE LENTE IN JEZELF.
Met aandacht las Lieftallige Lina het artikel, geïmponeerd. door de deskundologische adviezen.
Even uitproberen.
Hard schudde ze haar hoofd om het te ontdoen van sneeuw en ijs dat zich in de holtes had gevestigd. Ze zwierde haar krullen tot haar oren hagelden en vlokken en pegels uit haar mond rolden als tekstballonnen. Oef, dat was heel wat. Ze deponeerde de buien in de prullenbak en voelde zich merkwaardig licht, vervuld van luchtige zinnen. ‘Hmmmm, heerlijk helder hyacintje, weg de jassen en eeuwig groenen de grassen…’
Hier stopte ze met denken en keerde terug naar het scherm.
Vanuit de ooghoeken spiedde ze naar links en rechts , gelukkig, niemand van de bezoekers lette op haar.
Aller oren en ogen waren gericht op de straat waar langzaam een veelkleurige auto reed,  voorzien van een knalroze luidspreker op het dak.
‘Hedenavond in ons theater,’ schetterde het, ‘is de première van …gepruttel…, een film, speciaal gemaakt voor lenteminnenden. Romantiek, spanning, avontuur, met in de hoofdrollen verse spelers. Komt dat zien, kom dat zien.’

© Bertie

Advertenties

Kwestie

In mijn allereerste weblog schreef ik makkelijk. Naïef, onnozel soms.
Onbekommerd gaf ik mijn mening op wat me de meest geschikte plek leek: mijn eigen Bertjens.
Dat viel tegen.
Bij een paar onderwerpen kreeg ik zoveel verontwaardigde antwoorden dat ik verontwaardigd was over de verontwaardiging.
Blijkbaar stelde ik mijn ideeën te hard. Tegendraads.
Ik schrok er van en hield me in het vervolg rustiger.
En nu?
Van de gemiddelde mening trek ik me niets meer aan.
De vraag is over welk onderwerp ik me druk moet maken.
Er zijn er zovéél, ver van je bed en dicht bij huis.
Het is moeilijk kiezen en daarom houd ik het bij een eenvoudige:
zal ik een witte of een rode wijn nemen?

Foto

“Er moet een persoonlijk fotootje komen op je weblog, dat vinden de lezers leuk”
Misschien is dat zo. Maar er kleven ook nadelen aan, heb ik dat niet al eerder uitgelegd?
Hij kan te onaantrekkelijk zijn waardoor de aanstormende lezer onmiddellijk verder zapt: zal de rest ook wel niks zijn.
Hij kan te mooi zijn, waardoor een bladeraar niet meer aan lezen toekomt en zwijmelend de tekst vergeet.
Hij kan te oud zijn, waardoor enerzijds lezers onder de negentig afhaken en anderzijds de eeuwelingen zich gaan verlekkeren op een manier die gevaarlijk is voor hun gezondheid.
Hij kan te jong zijn waardoor de gedachte aan een kleuterschool opkomt.
Hij kan te blond zijn waardoor een bijnalezer denkt een stom stuk onder ogen te krijgen.
Hij kan te, ja, hij van alles te zijn en daarom begin ik er niet aan.

Men vraagt wel eens

-Wat is er leuk aan facebook en vergelijkbare social media?
Een poosje rondkijken wiens foto’s te zien zijn en of er bekenden en buren bij zitten.
-Wat is de lol van Twitter?
Hoogstens de snelle reacties maar ik zou het eerder hervatten dan facebook.
-Wat is er goed aan alle andere e-communicatiemogelijkheden?
Nuttig, soms. Dat het kàn, vaak.
Met deze antwoorden is waarschijnlijk niet iedereen het eens, het zijn de mijne.

De hamvraag:
-Wat is er zo mooi aan het bijhouden van een weblog?
Afgezien van de bekende argumenten zijn het voor een groot deel de reacties en
weerwoorden daarop. Van cliché tot origineel of doordacht, van hartelijk tot afkeurend. Informatief of enkel een groet.
Daarom kwam ik telkens weer terug.