Die eerste zon


De afgelopen dagen deden me denken aan een vroegere bruiningssessie. In de  allereerste voorjaarszon.
Na vorst- en sneeuwellende was het een sein om mooi te worden (we waren nog erg jong) en ik zette een stoel in het achtertuintje, gezicht naar het zuiden geheven en handen in de zakken want zo warm was het nu ook weer niet.
Buurvrouw kwam naast me zitten. Zo genoten we samen.
Er passeerde een wolk, een kleintje. Daarna een grotere. We vloekten zachtjes  maar versaagden niet. De warmte erna voelde dubbellekker warm.
Een enorme donkergrijze dreef voorbij , langzaam-langzaam, halt houdend in ons warmteveld maar we hielden stand, vesten dichtgeknoopt tot aan de kin.
Bij de volgende zonsverduistering gaven we het op.
Morgen beter, zeiden we tegen elkaar.

Echtgenoot hoorde me in bed klappertanden en deed het licht aan.
‘Je bent vuurrood, ben je ziek?’
‘Zonnebrandje…’