Zelf-beeld

Toen de televisie voor de derde maal uitviel gooiden we hem weg.
‘We verzinnen zelf wel wat,’ zei echtgenoot.
‘Toneelstukje?’ stelde ik voor want ik ben dol op verkleden en rare typetjes.
‘Goed idee, me Tarzan you Jane?’
Great!
Terstond hulde ik me in het vel van onze tijgerkat. ‘Is dit wat?’
Man keurde. ‘Is het niet te klein? Buk eens.’
Ongeduldig riep ik hem tot de orde. ‘Niet zeuren. Wat trek jij aan?’
‘Euh, we hebben de hond nog.’
Prima, het beest had de juiste kleuren.
Zo speelden we jungletje tot de avond om was.
Zwaaiend van lamp naar bovenkast met kreten en al.
Genieten, beter dan welk programma ook.
Maar dat slachtafval…

Advertenties

Zo kan het ook


Behalve flauwekul valt er ook wel eens iets anders te vertellen. Niet diepergaand, wel naar waarheid.
Een van de zussen had een tuintje met een oude, wijdvertakte perzikenboom  waaronder niets wilde groeien.
Bij een bezoek zagen we zus springend heen en weer lopen onder de takken; nieuwsgierig vroegen we wat er aan de hand was.
‘M. heeft hier dat oude matras begraven maar niet diep genoeg. Het blijft veren. Hoelang blijft dat zo?’
Nou ja…  goeie smoes.
Zoiets kun je niet verzinnen.
Ik snap het wel. Een overtollig tweepersoonsmatras met springveren, loeizwaar en niet te hanteren, teveel sjouwwerk om het weg te brengen, dan is de gedachte aan een stuk ongebruikte grond helemaal niet gek. Praktisch naast de deur, een of twee spaden diep en hupsakee.
We vonden het slim.