Kritiek leveren..

..een heikel punt.  Soms ook problematisch.  Je zegt het te hard. Of te scherp. Het wordt een twistgesprek.  ‘Je snapt het niet.’  ‘Bemoei je met je kippen’.
Je durft het daarom niet altijd, ík durf het niet altijd. Liever stel ik lafjes dat ieder zijn eigen opvattingen heeft. Ook discussieer ik niet graag omdat je het -naar mijn ervaring- zelden eens wordt  maar intussen wel opgefokt raakt bij het elkaar tegenspreken.

Onlangs begon iemand over, je raadt het, corona. Het vaccin was nep evenals de griepspuit, enzovoorts.
Aanvankelijk haalde ik mijn schouders op, plaatste na een paar opmerkingen toch een tegenzetje, de ander begreep het véél beter, maar na een paar minuten zweeg ik.  ‘Sorry, ik laat het hierbij.’
We lachten maar wat.
Enige maanden geleden werden ergens het geloof en de bijbel besproken.
Daar hoorde ik teveel wat me tegenstond en vroeg om uitleg.
De antwoorden kwamen snel, over en weer werden we al drukker, niet kwaad, wel verhit. Tot we stopten. Net op tijd maar hij vond het leuk, een echt debat noemde hij het.
Ik vond er niets aan,  herinnerde me waarom moeder mijn vader dringend waarschuwde met verjaardagen:  straks NIET over het geloof en politiek beginnen. Ze wist van wanten met man,  broers en zwagers. Vrouwen hielden zich toen nog gedeisd.
kritiekwoman-3271589__340
Dus ben ik een lauwe. Uiterlijk althans, inwendig maak ik me soms razend. 
Gelukkig, denk ik dan, dat ik langzamerhand heb geleerd om niets te zeggen.
Dat proces duurde wel lang, moet ik toegeven.
===

L’histoire se répète

In ons geval in familiegedrag maar dat is net zo goed een onderdeel van de geschiedenis.

Ik zal het uitleggen.
Een aantal jaren geleden zaten we in de situatie die nu door de sandwichgeneratie geclaimd wordt.
Kerst, paas, kermis, verjaardagen en de telkens terugkerende vraag:
doen we de ene dag de ouders en daarna kinderen of andersom?
Het maakte de ouders niets uit. Eigenlijk bleven ze liever thuis (al zeiden ze dat niet) maar ze begrepen ons plichtsgevoel.
Inmiddels zitten de kinderen in die situatie.
Het gedoe van vroeger indachtig inviteerde ik ze zelf op eerste paasdag, dan ben ik de tweede dag vrij om met een vriendin te gaan stappen.
Tis toch wat. Ondanks verlichte tijden nog steeds vast te zitten aan gewoontes.
Maar we doen er niets aan.  Dat willen we niet.
Het is een luxeprobleem dat we graag behouden.