Vrijheid, blijheid

Hoe goed je het hebt als – gezonde- gepensioneerde bleek vandaag weer.
Wat zal ik het eerst doen, dacht ik vanmorgen.
Strijken? Op bezoek? Verven? Schrijven? Ramen? Anders?
Ik had het voor het uitzoeken en het was allemaal nodig.
Maar ik kon niet kiezen en heb er de rest van de dag over nagedacht.
Tijdens het spitten, poten, en andere buitenklussen. Dat wel.

Advertenties

Mooi weer

Om van de zon te profiteren nam ik vandaag een Internetpauze.
Vanmorgen had ik al vroeg een luie stoel klaargezet. Boek, koffie, voorpret.
Toen viel me de rommel op van het vorige tuinwerk. Dat ging naar de schuur waar ik struikelde over dozen oud papier.
Dozen opnieuw gevuld en gestapeld, niet nauwkeurig genoeg: de toren van verfblikken donderde om. Er kwamen allerlei voorwerpen mee, een kwastenpot, blokwitters, behanglijm, kit, afplakband enzovoorts.
Terugzetten, vloer aanvegen.
Goed begin Bertus. Dacht ik.
Het was niet erg, de zon was nog ver weg. En omdat ik toch bezig was kon ik netzogoed de tuinhoek schoonmaken.
Verplaatsen, bezemen, afstoffen, ragen, spuiten en uiteindelijk was het klaar en stonden tafel en stoelen te drogen in de zon die rond het middaguur tevoorschijn kwam.
Ik had mijn rust verdiend, vond ik.
Hangend en lezend op de luie stoel voelde ik de zalige warmte, achterover leunend deed ik de ogen dicht, heel even maar. Vriendin zou bellen ….
….en deed dat inderdaad.
-Waar ben je mee bezig, ik bel en bel. Kom je nog theedrinken?
Ik gaapte
-Sorry, ik had het zo druk dat ik je niet hoorde. Is niet zo erg toch?
Ze lachte.
-Nee, het is pas half vijf. Ik kom wel naar jou, kun jij intussen wakker worden.

Mooi weer

Het leek wel vakantie.  Zon, blauwe lucht, draaglijke wind.

Ondanks hoop op een strenge winter (die intussen krimpt en krimpt) waardeer ik deze lentevoorbode zeer.
Voor grondwerk is de tuin te stijf bevroren anders had ik tulpen geplant en het vijvertje opgeschoond, nu houd ik het op schaatsen, misschien morgen al. Op 1 m³ kun je een flinke haal maken, eventueel koop ik kleinere noortjes.
Nadat het achterpad was geveegd nam ik de voordeurstoep onderhanden.  Verderop in de straat was ook al iemand aan het voorjaren, hij zwaaide met de tuinschaar en floot er bij. Kennelijk waren we aanstekelijk, binnen een kwartier was  iedereen aan het knippen, plukken en schrobben, je wist niet wat je zag.
De buurkat lag te zonnen op een autodak,  een paar hondjes verdrongen zich voor het raam en keken kwispelend; zij hadden er natuurlijk bij willen zijn.
Het was een uitbundige middag waarbij we graag wat muziek hadden gehad maar ja,  het vriest nog en wie kent er nou een ijs-elijk lenteliedje.