Missie geslaagd.

Pratend met een bermprikster hoorde ik voorbeelden.
‘In het dorp valt het wel mee maar daarbuiten en in de bossen vind je van alles.’
Een herinnering kwam boven.
aardaprotting-potatoes-185928__340We zaten opgescheept met een halfvolle zak aardappelen, stikvol uitlopers.
‘We gooien ze stiekem in de berm,’  zei echtgenoot, ‘het is organisch en doet geen kwaad.’   Daar kon ik in meegaan.
We reden naar een stille bosweg. Hm, teveel fietsers.
Naar een andere. Wandelaars.
Zochten een paar stille akkers. Tractors.
Boomgaarden en weiden. Plukkers.
We zweetten.
Ongewend in de misdaad durfden we nergens die verrekte aardappelen te storten, overal waren potentiele getuigen, het was drukker dan ooit.
Tot man zijn geduld verloor, abrupt stopte, in één beweging de zak naast  de auto zette en doorreed.
Daar was niet gemaaid, verklaarde hij, hoog gras.

Later kwamen we langs de bewuste plek, half-en-half een politielint verwachtend maar zagen niets.
==
ps
het was echt, eerlijk, de enige keer dat we afval in de berm gooiden.
=

Heksenwerk?

Over de Doornappel schreef ik al eerder. Een aparte plant, giftig maar mooi.
Hij doet het bijzonder goed ondanks een minimum aan water.
Bloeit met spierwitte kelken en krijgt uitlopers.
Beetje vreemd vind ik dat. Kent hij geen dorst?
De scharnierbloem, vlak naast hem, profiteert mee, met nog minder water. Ook al zoiets raars.
En wat te denken van die schaduw, doorschijnend als van een geest?
Bestaan er dan toch heksenkunsten?
U mag gerust weten dat ik dit beangstigend vind, ik durf hem niet eens te rooien. Wat zal de reactie zijn? Vergif spugen? Bijten?
Ik neem geen risico, op fluwelen voeten sluip ik naar de schuur waar de fiets staat en rijd met een boog om hem heen.
Stel je voor dat ik ook ga groeien en bloeien en uitlopers krijg.