Welterusten?

sky-1753246__340
Het is laat.
Ik denk over allerlei, van vroeger tot vandaag en daarna.
Typisch de gedachten van de laatste uren, waar je niets aan hebt.  Oude dingen die weliswaar voorbijgaan maar altijd blijven hangen.
Probeer ik die gedachten om te zetten naar iets anders dan krijg ik trek en herinner me een paar dingen in koelkast en diepvries, de kelder.
Naar iets verstandigs dan is het prompt het banksaldo. Nou ja, ik lijd geen honger, dat is al heel wat.
Naar iets romantisch’? Sorry, is té privé.
Al dat zinloze gedenk heeft één voordeel: je wordt er slaperig van.
Het duurt even maar je soest langzaam weg, schrikt nog even op, nestelt wat.
Niet gek, jezelf in slaap denken.
Levert soms mooie dromen op. Heel soms.
-==

Hoe de mensen er toe kwamen om te dichten. Beknopte samenvatting.

Wel, het begon met kou. Heel lang geleden.
Mensen woonden nog hoog. En droog maar ook in de trek.
Tja, je weet hoe dat gaat in een boom, het waaide ook toen al precies langs die tak  waarop jij sliep. Bladeren hielpen niet.
Mannen beraadslaagden en besloten  naar de begane grond te verhuizen.
Ieder droeg de eigen spullen, een tamme pterodactylus of een ijspapiertje (Back to the future maakte wel eens een foutje) en kroop achter de man aan van wie ze aannamen dat het de vader was.
Voorzichtig sluipend, bedacht op narigheid vonden ze een veilige grot zonder verborgen beesten en nestelden zich daar. Ze maakten zich de beste plekken eigen  met meegenomen gras en de veren van de pterodactylus die er niets mee leed want bij bestond eigenlijk nog niet. Ze verzamelden voorraden bessen en aten dooie vleermuizen, het leven was niet slecht. Van virussen hadden ze geen weet.
Maar toen.
De winter begon en een ijskoude wind woei de grot in. Pegels hingen aan de neuzen, het gras – inmiddels gedroogd- dwarrelde rondom de slapenden die wakker werden van het gekriebel.
Wederom beraadslaagden de mannen. Mopperend. Alweer die kille trek, verdomme!
Tot een van het het licht zag, hij wees er naar en riep: ‘Dáár! Daar komt de kou vandaan!’
Allen keken en zagen het: een lichtende opening waardoor een ijzige koude binnen stroomde en  hen bijna vermorzelde.
Gesteund door de vorderende tijd die hun hersenen deed groeien begrepen ze het.
Het gat moest gedicht.
==
En zo is het gekomen.
=

Jarige koning

Dat hij er een gezellige dag van maakt met vrouw en kinders.
Ik doe met ze mee, heb taart in voorraad en oranje stickertjes geplakt op het gebakschoteltje en ga smullen. Feestelijk. Wie weet zing ik  ‘Oranje Boven’ al past WA niet in het ritme.
En daarna bekijk ik de uitslagen van de staatsloterij.
Mocht ik een grote prijs winnen stuur ik alle volgers een bos oranje bloemen, kan ik makkelijk beloven want de adressen zijn me onbekend.
Zo niet, dat gun ik ze mijn tranen.
Hoe kom ik zo oranje-gezind? Normaal gesproken ligt me dat niet. Integendeel
Verveling? Nee, ik vermaak me wel.
Politiek inzicht? Nee, ik begrijp nog steeds niet veel.
Maar ja, je kunt niet om de familie heen.
W&M houden ons zoet met gezinsplaatjes, een van hun hoofdtaken. We hebben wat te bekijken in pers en op tv, het leidt af van problemen, zoiets.
Ik had nooit gedacht hier nog eens in te lopen.
Het zal de trek in de taart zijn.
==

Van die dingen


Al vroeg stond ik bij de supers. AH was open, ik wachtte bij de ander.
Er stond een man die gelukzalig een sigaretje wegpafte. Het rook zo lekker kruidig in de ochtendlucht dat ik er trek in kreeg. Ook een paar anderen snuifden, misschien speelde melancholie ons parten.
‘Niet doen,’ zei hij. We lachten.
En praatten.
Over corona, uiteraard. En de vogelgeluiden. De droogte.
Ondanks de afstand hoefden we niet te schreeuwen, een toontje luider spreken wordt gewoon.
Worden de stemmen ook eens getraind.
Oefening voor eenzamen.
==

Eigenwijs brein

Al twee afleveringen gemist van Ruben Terlou, Chinese Dromen.
Ik had het me nog wel keihard voorgenomen: DIT GA IK ZIEN.
Maar door andere  dingen werd het vergeten.
Mijn brein raakte niet onder de indruk van het plan noch van het keiharde aspect. Ik zal de voornemens moeten noteren en de agenda om de nek hangen.
Wat ik gek vind is dat ik plannen voor extra-lekkere maaltijden altijd onthoud.
Dat verschil begrijp ik niet.
Alsof het brein mijn gedrag dicteert, en passant zwaar discriminerend.
Het herinnert zich mijn lekkere trek, kooklust, slaapzin, gezelligheidsafspraken, simpele maestro, kortom, al die ‘leuke dingen voor de mensen’.
Maar denkt niet aan die documentaire of aan de titel van dat speciale boek wat ik wilde bestellen, belafspraken met de bank, niet eens aan de annulering van een te duur kerstdiner.
Het is een onaangenaam brein. Het denkt dat ik alleen nog simpele dingen wil, àls het al denkt.
Aftands voor zijn tijd. Voor MIJN tijd.
Wat moet je daar nou mee.
==