Water en zo

Ruw geschat heb ik de halve watervoorraad van de provincie opgedronken.
Van Earth Overshoot Day  was ik me niet bewust, ik heb er een paar weken over gedaan.
Was lekker.
De achtertuin heb ik ook zijn dorst gelest.
Voor het eerst in de tropische dagen heb ik extra gesproeid, beter gezegd, de tuinslang op de grond gelegd en het water een poos laten lopen.
Van die dingen in droge tijden.

Op het ogenblik is het windstil, zacht, aangenaam.
Ik ga buiten zitten, dacht ik, en deze keer met een glas wijn, luisteren naar die typische buurtgeluiden die een zomeravond zo zoetjes maken. Zacht gebabbel, ploppende bierdoppen, ijsblokjesgetinkel. Sfeer.
Ik hoorde niets.
Zijn ze links en rechts op vakantie.
==

Droog

De zon is half weg, schemer lonkt.
Wolken naderen. Ze zoeken een geschikte locatie om te lossen, ze strekken de handen uit om de droogte te peilen, zie je hun vingers boven daken en bomen?

Het wordt nu langzaam donker. Koppig blijf ik buiten, wachtend op regen, dikke plensbuien met grote druppels en kleinere voor de lis en wisteria.
Het gesleep met gieter en sproeiers ben ik spuugzat maar ’n beetje spuug is niet toereikend voor de  bloemen.
Aaarrrg, de wolken gaan voorbij.
Zucht.
Misschien dat er vannacht nog eentje langskomt, een die water over heeft en compassie met-of-voor de tuintjes in onze buurt.
En anders dondert ‘ie maar op.