Ongewenst bezoek

Op de markt liep ik een dame tegen het lijf aan wie ik een grote hekel heb. Beleefdheidshalve bleef ik staan bij het ‘Hallooo, hoe gáát het met je.’
Het praatje eindigde met ‘vandaag of morgen kom ik efkes an.’
‘Ik ben nooit thuis’ zei ik gauw.
Later, bij de koffie, bedacht ik dat het echt iets voor haar was om met etenstijd binnen te vallen en hongerig naar het brood te kijken. Ik deed er beter aan de poort op slot te houden.

Te goed herinner ik me de keer dat een irritant echtpaar op de stoep stond en ik niet opendeed. Na drie maal bellen  hoorde ik ze weglopen, ze gingen achterom.
Ik vloog naar het keukenraam, trok de gordijnen dicht en draaide de deur op slot.
O god, de gordijnen sloten niet aan en ik hoorde de poort al.
In paniek dook ik naar de grond waar ik onder het raam ging liggen, strak tegen de muur.
Net op tijd. Ze rammelden aan de deur, scharrelden bij het raam, murmelden. Gesmiespel. Weer stilte. Een harde tik, voetstappen en de poort die met een knal werd dichtgegooid.
Ik bevroor.
De spiegel, ik had niet aan de spiegel gedacht. Die hing tegenover het raam en de plek waar ik lag. Als ze naar binnen keken moeten ze me hebben gezien. Een klassieke spotprent.
Toch beschaamd kroop ik overeind en was naderhand opgelucht te merken dat ze me niet zagen. Of het niet wilden zeggen. Dat kan ook.
Nu deze dame nog weg zien te houden.
Of zal ik een fort bouwen?

Advertenties

Vader en dochters

Ontspannen zoekt Brett de juiste afslag.
Spanje. Vrijheid. Nieuw werk, nieuw land, nieuw leven.
‘Een eigen huis, een plek onder de son,’ zingt ze. Goed,  pappa’s huis maar voorlopig is ze eigen baas en ze gaat ervan genieten, YES.
Het staat leeg en zij mag er in. Lieve pappa, haar zo te verwennen. Hij mag dan teveel vrouwenvlees hebben,voor zijn dochter heeft hij alles over; misschien omdat ze zoveel op hem lijkt? Nou ja, ze vergeeft hem sowieso zijn vriendinnen.
Daar is ze dan, weg van dat stomme baantje bij de helpdesk en ontsnapt aan die suffe Jack. Hij durfde niet mee, hij had het niet op buitenlanders, de lul.
Zij heeft durf genoeg, ze zal de Spanjaarden eens wat laten zien. Met een spiksplinternieuw kappersdiploma op zak gaat ze het maken.
Opgewonden stapt ze uit en bekijkt het huis.
Blij wil ze de deur open maken als er een meisje naar buiten komt. ‘O pardon,’ zegt Brett en doet automatisch een stap opzij. ‘Sorry,’ zegt het vreemde kind tegelijkertijd en zet eveneens die stap.
Wat is dit?  Onbewoond toch??
Nieuwsgierig kijken ze elkaar aan. Trekken dan hoog de wenkbrauwen op.
Hoe kan dat?  Is dit een spiegel?  Verbluft is hun staren, naar eendere ogen, mond, wenkbrauwen.
‘Wie ben jij,’ vraagt Brett tenslotte.
‘De nieuwe bewoonster, Brett. En jij?’ antwoordt het meisje. In het Nederlands.
‘Ik ook.’
‘Maar…’
‘Ik heet ook Brett,  heb de sleutel en ga hier een kapsalon openen.’
‘Hoe kom je op mijn idee? Dit huis is van pappa. Ik heb alle papieren, waar zijn die van jou?’
Ze vergelijken hun sleutels, briefjes met aanwijzingen en officiële stempels tot Brett een lichtje opgaat. ‘Wacht eens…’
Ze bladert en houdt een foto van pappa omhoog, ‘is dit jouw vader?’
‘Hè? Waarom loop jij rond met zijn foto?’
‘Luister,’ begint Brett, ‘mijn vader hield van eh, avontuurtjes…’  en eindigt met ‘…vandaar onze gelijkenis, wij zijn halfzussen, snap je? Hij gaf ons ook nog dezelfde naam, de komiek.’
‘Pfff, geen wonder dat moeder gescheiden is.’  ‘Wat dacht je van de mijne.’
Ze zwijgen, tegelijk en op dezelfde manier.
‘Jeetje. Hij is dus jouw en mijn vader  en heeft ons allebei zijn huis gegeven.’
Ze aarzelen, kijken elkaar aan.
‘Wat vind je ervan, samendoen dan maar? Ik heb al wat spullen.’
‘Tja, er zit niets anders op lijkt me.’
Zo is Spanje een dameskapsalon rijker.
COME 2 BRETT’S staat er op de ruit

© Bertie

Later word ik…


Toneelspeelster, dat wilde ik worden.
Uiteraard hield ik het geheim voor er weer gebemoeid werd. En geplaagd.
Uren bracht ik door voor de spiegel want ik zag mezelf als  karakterspeelster en probeerde alle eigenschappen uit die ik me kon indenken, van baby-blijheid tot bejaardenverdriet. Zelfs de hond en kat werden gepeild om me hun gevoelens eigen te maken. Leek me niet moeilijk, de hond keek altijd lief en de kat was doorlopend lui of hongerig.
Alleen de konijnen en kippen toonden niets interessants.
Zo oefende ik alle vrije ogenblikken, stond links- dan wel rechtsom geposteerd, loerde vanuit ooghoeken met vuile blikken (moordenaarsziel!), imiteerde een deftige mevrouw uit het dorp,  had zogenaamd groot verdriet.
Lastig was dat het stiekem moest, er was maar één grote spiegel in huis en die hing in de keuken. Uiteraard werd ik af en toe betrapt. Dan verzon ik gauw: ik doe tante T. na, of ome J. en zette schele ogen op.
Er werd gelachen. ‘Wat heeft zij nou weer?’ want het jongste meisje werd  nooit serieus genomen. Bovendien had ik altijd wàt (dat zeiden zìj).
Natuurlijk ging het over, dat doen grillen meestal.
Pas later kon ik mijn acteurskunsten demonstreren. Met veel plezier.
Je moet wel bij het krijgen van schattige tekeningetjes en aangeklede wcrolletjes.