Vermoeiende herinnering

Vergeten hoeken heb ik gesopt, garage en schuur moesten leeg om te schrobben.
De serre kreeg een sopbeurt.
En de vliering, die had al jaren geen dweil gezien.
Het kwam door de groene zeepwoede die me in de greep had.
Ik had een pot in huis gehaald om een paar vette dingen op te knappen.
Daardoor herinnerde ik me de verheerlijking van dat spul, vroeger.
Groene zeep, god wat stonk die troep, we waren blij dat moe het niet vaak gebruikte.  Ik weet ook nog dat het goede diensten deed, complete woningen werden ermee gereinigd en blonken minstens twee dagen.

En toen kreeg ik de geest. Dat hoopte ik al al weet ik niet waarom.
Ik leegde en veegde, werkte als een bezetene.
Enorme stofwolken wierp ik op, de KNMI kwam op werkbezoek na telefoontjes van nerveuze buren die meenden een plaatselijke klimaatverandering te aanschouwen.  Daarna belde de vuilnisophaaldienst wanneer ze de afvalhopen konden ophalen, ze belemmerden het uitzicht van het blok achter ons. Enfin, zeikerds heb je overal.  Éven bedacht ik de hele straat te laten onderlopen  maar dat idee liet ik varen.
Zo wraakzuchtig.
Na de commotie kon het echte werk beginnen met emmers heet water en vette klonten Driehoek (bestaat nog steeds).
Daar had niemand last van,  dat schoot lekker op.

Mijn aanval is voorbij.
De pot is leeg.
Nu het verfwerk nog, oud tafeltje en kastje  worden vernieuwd.
Ja, ik heb genoten van het mooie weer.☼

Advertenties

Voorjaarsonrust?

Daar heb ik weinig last van.
Vroeger vond ik het logisch.  De hele winter zat een gezin gepropt in een rookhol, zowel van benauwende haarden als van sigaretten, gebukt gaande onder de ‘gezelligheid’ die toen heette te heersen en dan nog diverse kookluchtjes waar geen klapraampje tegenop kon.
Voor kinderen ging het wel; feestdagen hielden de sjeu er in en bij sneeuw en ijs was er het genot van schaatsen en sleetjes.
Sommige moeders echter haakten naar schone lucht.
Weg met dat gebruinde behang,  berookte gordijnen en tafelkleed,  muffe beddengoed en onfrisse kasten vol kleren, in het sop ermee. Wasmachines snorden, stofzuigers galmden in holle kamers, een paar dochters raagden en lapten.
Mijn moeder en menig zus en tante heb ik na afloop zien genieten als ze blij rondkeken en snoven: wat ruikt het hier weer lekker.
Vergelijkbaar met een softdrugje. En de opgewektheid hield dagenlang aan

Als kind vond ik het spannend maar heb die behoefte al lang niet meer.
Behangen en schilderen? Dat zie ik nog wel.
Kasten en kelder opruimen? Dat heb ik al zo vaak gedaan, ik ga de spullen niet nogmaals verplaatsen. Hetzelfde geldt voor schuurtje en garage.
Vliering? Laat die stofdraden maar hangen, ze vormen een geschikt gordijn om de rommel aan het zicht te onttrekken.
Er wordt niet gerookt en gestookt, de cv doet zijn werk. Stofzuigen doe ik wekelijks net als bed verschonen en vitrages heb ik niet meer.
Waar ik wel om geeft zijn de eerste bloemen en ik kan het niet laten om iets fleurigs binnen te halen.
Ze staan midden op tafel, truttig misschien maar ik vind het prachtig.
Blij kijk ik rond , snuif en denk: wat ruikt het hier weer lekker.

Behangen


Er liep me een verhaal over de vroegere Grote Schoonmaak in handen.
In ons nog prille huwelijk wilden wij ook eens ander behang en nieuwe kleuren in huis.
We beraadslaagden niet lang. Ook vroegen we geen advies aan ouders, die bemoeiden zich overal mee.
We gingen naar een behangwinkel en kozen een mooi dessin.
‘Hoeveel rollen?’ vroeg de verkoper.
Goeie vraag.
‘Uhm, 2 muren van vier meter lang en 2,5 hoog en 2 korte wanden min de schoorsteen, ramen en deuren……’ begon echtgenoot, hij was tenslotte de kenner, zijn moeder deed dit elk jaar..
De verkoper keek ons aan. Hij verkocht een heleboel.
Thuis zetten we tafel en stoelen aan de kant en rolden het behang uit op de grond, knipten de banen op maat en smeerden ze dik in. Tijdens het indrogen haalden we snel de snuisterijen van de muur en schoven de trapkruk aan. We konden beginnen.
We kregen het voor elkaar.
Trots waren we op ons werk,  ook dat we ondertussen de baby gevoed, verschoond en gewiegd hadden, rommel opgeruimd en afhaalchinees aten. Wie deed ons wat?
We waren piepjong.

Bijna voorjaar


Het was zo onherfstig zonnig vanmorgen dat ik er zowaar schoonmaaklust van kreeg.

Stofzuigen boven en beneden, ramen lappen, bed verschonen, douche soppen, wat er allemaal gebeurde weet ik niet precies maar we kunnen weer naar buiten kijken en de kleur van de vloeren is ook terug. Best mooi, eigenlijk.

De ijver was absurd groot, ik wist niet dat ik het nog in me had.

Buiten staan emmers en bezems uit te rusten, netje op hun kop zoals dat hoort. Dweilen er over gespreid.

Vanuit het keukenraam zie ik ze en bekijk ze met eerbied.