Schemergeluiden


Wat is dat?
Met gespitste oren loop ik naar het raam.
Loerend door een kier van het gordijn zie ik duistere dingen.
Ketting en een touw, een haak, een donkere lucht en vreemde dingen.
Wat is de bedoeling, vraag ik me af, en waarom hoor ik ze?
Welk geluid maken ze dat me naar het raam roept om voorzichtig te gluren?
Waarom zo onherkenbaar? Zitten er vreemde wezens op het afdak,  ruimtevirussen, zich vermommend als aardse zaken? Wil iemand me ophangen?
Ik vrees met grote vreze.
Ik vertrouw het niet.
Ik wil ze weg hebben voor ik rare ideeën krijg en vreemde boodschappen de wereld instuur.
Maar hoe?
Er is maar één oplossing.
Ik sluit het gordijn.
===

Corona

Een meisje loopt door het park, zich haastend, het begint al te schemeren. Bovendien hoort ze  voetstappen achter zich.
Omkijken durft ze niet.
Ze versnelt. De voetstappen ook.
‘Ga weg,’ roept ze bang, ‘ik bel de politie.’
‘Doe niet zo raar,’ zeggen de voetstappen,’we houden ons aan anderhalve meter.’
Ze zwijgt, niet in het minst gerustgesteld, versnelt nogmaals tot ze rent en de uitgang bereikt. Opgelucht leunt ze in het licht tegen een lantaarnpaal.
Verschrikt veert ze weer op.
‘Zie je nou? Niks aan de hand.’
De voetstappen verdwijnen.
==
Update
Een ander slot, aangeleverd door Ans, ms, Suske, TaaltuinZuid
Hartelijk dank.


Net als ze weer op adem is en haar hartslag weer een normaal tempo heeft hoort ze gehijg achter zich. Ze geeft een gil…..dit is teveel…. dit kan ze niet aan….wat moet ze nou?
Ze valt op haar knieën en slaat haar handen voor haar ogen….ze wil het niet zien!
Dan voelt ze iets kouds in haar nek en gilt weer…….
….”Dino! Hierrrrrrrr” Dino? Huh? Ze kijkt op en ziet en man met een hond, de man kijkt haar aan: “Gaat het weer een beetje? Schrok je erg van Dino? Je was net al zo schrikkerig toen ik achter je liep. Dino doet niks hoor, ’t is een best beest!”
Van opluchting begon ze te huilen…… blij dat er echt niets aan de hand was!
Ans.
====
“Wat voer je in je schild?” vraagt hij “Laat me door” en hij belde de politie.
ms
====
Net als ze weer op adem is en haar hartslag weer een normaal tempo heeft hoort ze gehijg achter zich. Ze geeft een gil…..dit is teveel…. dit kan ze niet aan….wat moet ze nou?
Toch kijkt ze om, de voetstappen zijn ook gestopt. Een duistere figuur met cape staat daar zonder een woord t zeggen. Zijn gezicht wordt duidelijk zichtbaar. Het is een lijkwit hoofd met holle ogen. “Eindelijk kan ik je naar de hel sturen !” spreekt hij met onmenselijke stem terwijl hij een mes te voorschijn haalt. Ze gilt het uit en voor ze goed en wel beseft wat er gebeurd is ligt ze naast haar bed op de grond.
Suske
===
De voetstappen verdwijnen. Maar de aanwezigheid blijft. Ze durft niet om te kijken maar ze voelt dat er nog iemand is. Ze voelt het gewoon. …
TaaltuinZuid
===

Een ijselijke gebeurtenis. Lang geleden.

De sfeer op die dag deugde niet.
Vanaf het ontbijt voelden we het. Iets unheimisch’.
We wisten niet waaraan het lag en liepen het hele huis na, voor- en achtertuintje. Van vliering tot kelder.
We vonden niets wat we verdachten van onheil. Hoogstens was er een vervelende buurman en aan hem waren we gewend.
In de loop van de dag veranderde de lucht. Groenigheid schemerde door de wolken, het blauw leek te vergelen. Bladeren ritselden alle kanten op, we zagen trillende takken. Bangelijke bloemen sloten zich, de waterlelies doken onder.
Bevreemd zagen we het aan. De zon scheen toch nog?
Wat maakte ze zo benauwd?
Langzaam verdween de dag.
Te vroeg. Er klopte iets niet.
Dan kwamen er schaduwen opzetten, zomaar, vanuit het niets.
Tot we naar buiten keken en een paar wezens zagen, zo eigenaardig van silhouet dat we ze niet herkenden als iets van deze wereld. Ze keken naar elkaar, als ze tenminste een gezicht hadden.
‘De camera,’ haastte echtgenoot zich, ‘vlug, straks zal niemand zal ons geloven…’
Hij vond hem.
Maar toen hij de lens op de onbekende figuren richtte schrok het toestel vreselijk en sloeg op tilt, het was duidelijk dat zijn plaat té gevoelig was.
De schaduwen bewogen, even maar. Dan losten ze op in de schemer.

Niettemin ontwikkelde zich een foto.
Slecht van kwaliteit maar de wanstaltigheden zijn duidelijk te zien.
Opgelucht dat de normaliteit terugkeerde bekeken we de opname.
Kijk en huiver.
Het beeld spreekt voor zich, en toch zag niemand dat we de waarheid spraken.

Melancholie

Een prettige.
Ondanks het gemis van zomerse hitte (mopperend genoot ik ervan) min ik ook de septemberavonden, waarin je je na het achtuurjournaal  afvraagt of het de moeite loont om nog een poosje buiten te lezen.
Meestal niet maar een kabbelend praatje of, als je zicht hebt op een mooie omgeving, simpelweg voor je uit stare
nd, zomaar, misschien wat mijmerend, misschien een herinnering overdenkend, daar is dit een ideale tijd voor.  Het klimaat is zacht en koel tegelijk,  tegen najaarskilte voldoet nog een vestje.
Wie op de weilanden uitkijkt heeft het beste beeld. Lichte nevel gaat aan de schemer vooraf,  soms in slierten; koeien en struiken vervagen tot losse delen net als geluiden tot je alleen het snorren van verre auto’s hoort.  Of is het de stilte?
Neem het er van.
Straks stormt het.

Pawi plaatste er een mooi beeld bij.
Bedankt!
mijmer2afkfh2

Vanavond, buiten


De wereld is verstild.
Vogel noch kat laat zich zien, bomen waaien onzichtbaar met geluidloze bladeren.
Schemer gaat over in duister waarin ik poëtische woorden uitprobeer om deze zomeravond te vangen maar ze blijven haken bij gebrek aan dichterlijk gevoel.
Ahum.  Gegeneerd kijk ik rond of iemand deze gedachten hoorde.
Er is niemand.
Niemand?
Toch wel, een kleine zonnebloem kijkt op, verbaasd staart ze naar de lens:  De zon?  Zo laat nog?