Profiteren van extra zomerdag

Deed ik ook.
Ligstoel uit de schuur.
Beetje afstoffen, voetenbankje erbij halen.
Bakje klaarzetten met lees- en zonnebril, huistelefoon en gsm, tabletje, leesboek, krant, cameraatje, notitieblok en pen.
Thee zetten.
Schoenen verwisselen voor slippers.
Vest uit en mouwen oprollen.
Nog even naar de wc.
Nog even alles verschuiven ivm schaduw.
Nieuwe thee zetten.
Buurkat van schoot zetten. (2X)
Mouwen terugrollen voor windvlaag.
Toen was de dag half om.
Maar wat was het lekker, de extra zomerdag.
Je ontspant er zo van.

Advertenties

Heksenwerk?

Over de Doornappel schreef ik al eerder. Een aparte plant, giftig maar mooi.
Hij doet het bijzonder goed ondanks een minimum aan water.
Bloeit met spierwitte kelken en krijgt uitlopers.
Beetje vreemd vind ik dat. Kent hij geen dorst?
De scharnierbloem, vlak naast hem, profiteert mee, met nog minder water. Ook al zoiets raars.
En wat te denken van die schaduw, doorschijnend als van een geest?
Bestaan er dan toch heksenkunsten?
U mag gerust weten dat ik dit beangstigend vind, ik durf hem niet eens te rooien. Wat zal de reactie zijn? Vergif spugen? Bijten?
Ik neem geen risico, op fluwelen voeten sluip ik naar de schuur waar de fiets staat en rijd met een boog om hem heen.
Stel je voor dat ik ook ga groeien en bloeien en uitlopers krijg.

winter-lente, halfomhalf

De lente nam bijzonder snel winter’s plaats in.
Een paar dagen terug liep ik nog met warme kruiken in mijn schoenen, gistermiddag zat ik buiten. In de zon en uit de wind was het 20ºC, later nog iets meer.
Achterover leunend in de zonnestoel, benen gestrekt en met blote voeten. Groenja met ijs naast me.
Het leven was vurrukkulluk voor even.
Het kostte me dan ook moeite de stoel te verlaten bij het voortgaan van de tijd, ik stond niet op ondanks de nadering van schaduw. Het koelde af en ik rilde maar volhardend bleef ik. Armen en gezicht vingen nog zon die de puntjes van mijn kippenvel verwarmde.  Nog tien minuutjes. Nog vijf.
Tot alleen mijn haar oplichtte.
Gezond verstand overwon. Ik rees op en verdween naar binnen waar de cv eveneens op 20 graden stond en een aangename warmte verspreidde.
Maar het was niet hetzelfde.

wolf leeuw hond

In nachtverhaaltjes die ik hier plaats komt herhaaldelijk een (weer-)wolf voor.
Waarom? Ik heb geen flauw idee, misschien was ik er een in een vorig leven, raakte ik gefascineerd door Bor uit de Fabeltjeskrant, maakte Roodkapjes opvreter teveel indruk. Wie weet zijn de nieuwkomers uit Duitsland nieuwsgierig naar hun neven en zoeken ze me voor informatie waardoor ik van ze droom enz. enz.
– In werkelijkheid ben ik een   . Zo een die luiert in de schaduw en zijn vrouwen op jacht stuurt behalve dat ik geen vrouwen heb en het nu veel te koud is laat staan dat kale bomen schaduw bieden. U ziet: dit lijkt in de verste verte niet op wolveneigenschappen.
Een kennis die alles weet over sterrenbeelden vroeg ik naar een verband tussen leeuwen en wolven. ‘Ze lusten beiden een mals schaap,’ zei ze. Nou ja zeg.
Ik legde het een psycholoog voor. Hij verwees me naar een psychiater.
Wat nu.
Als leeuw geboren in het jaar van de hond en geobsedeerd door (weer-)wolven.
Godnogantoe, wat moet er van me worden in een volgend leven.
Een spaniel met wolfskop? Leeuw met melkboerenhondehaar?