Schilderwerken


De schilder was er
Iemand die altijd zeer welkom is. Hoe mooi meubilair, vloer en stoffering ook zijn, verf (en behang) maken een woning pas af.
Met het resultaat ben ik echt in mijn sas,  telkens liep ik even naar buiten om de opgeknapte kozijnen te bekijken. Sjonge, dacht ik dan, wat zijn ze weer mooi.
Het waren drukke dagen.
Een binnendeur-met-ruitjes werd intussen van een nieuwe laag voorzien en dat moest natuurlijk ook bewonderd worden zodat ik tussen de buitenpartij en binnendeur heen en weer rende.
Al met al een vermoeiende bezighid.
Vanavond zaten zowel de schilder als ikzelf uitgeteld aan de eindkoffie, hij had niet alleen de klus geklaard maar was ook bekaf door mijn gedreven enthousiasme.
En nerveus omdat ik af en toe voelde of de verf al droog was zodat hij opnieuw de plekken moest bijwerken waar hij een hekel aan had maar het niet wilde zeggen. Er moest nog afgerekend worden.
Enfin.
Ik bood hem als troost een derde kop aan met een extra koekje.
En toen ik de rekening had voldaan was hij ook tevreden.

Boos weer


‘Het onweert…’ kwam ik binnenvliegen.
Echtgenoot keek op; ‘het is nog ver.’
‘Weet ik wel,  toch is het eng.’ Ik rilde.
‘Wat dondert het,’  probeerde hij. Ik kon er niet om lachen.
Nerveus liep ik de trap op naar een bovenraam, mijns ondanks gefascineerd door de aparte lichtval die onweersbuien met zich meebrengen.
Rrrrrrommmmm klonk het, plotseling vlakbij;  geschrokken rende ik weer naar beneden.
Naar de serre, stil blijven zitten is niet weggelegd voor een bangerd.
Een dikke wolk barstte open. Hoog-opspattende druppels, regennevels die van dak naar dak joegen deden me de camera grijpen maar door  een keiharde knal  trilden mijn handen teveel en opnieuw vluchtte ik, ditmaal naar de veilige huiskamer waar ik mijn man wist.
Mijn trooster,  held, veilige haven, mijn superman.
Die stoïcijns voor de  televisie bleef zitten.