Energydrink

‘Een godendrank mevrouwtje’, antwoordde de jongen toen ik vroeg naar de kwaliteit. ‘Wat heet? Nike zou er persoonlijk voor naar de winkel komen, ik zweer het. Je loopt er de vierdaagse mee in een uur mevrouwtje’, antwoordde hij wervend. Met een soepel lijf liep hij naar een fitnessapparaat en gaf een demonstratie.
Enthousiast trok en duwde hij aan stangen en gewichten.
Ik bekeek hem eens goed en zag dat hij er zonnig en gespierd uitzag met bovenarmen als hoofdkussens, zijn nek een glijbaan. En  groot genoeg om ‘mevrouwtje’ te zeggen tegen een cliente van een-meter-vijfenzeventig.
‘Drink je het zelf ook?’ vroeg ik, naar zijn gespannen shirtje wijzend.
‘Drie maal daags en U ziet dat het werkt,’ zei hij gevleid. ‘Je had me een maand geleden moeten zien, gottegot wat een schlemielig ventje was ik, enkel bleek vel met botten en wat zie je nu?’ Opschepperig spande hij zijn biceps aan..
‘Word je er ook bruin van?’  Ik kreeg lol in het gedoe en speelde met hem mee.
‘En lang, breed, knap, slank, wacht effe, ik neem nog een slok. Proeven?’ Hij hield me het flesje voor maar ik aarzelde.
‘En spraakzaam?’ vroeg ik onschuldig.
Hij keek me sympathiek aan, ‘omdat U in mijn eerlijkheid gelooft zal ik een partijtje voor niks meegeven, alsjeblieft, tien halen vijf betalen.’
Ik stond paf. ‘O, eh, is het in de reclame?’
‘HELEMAAL NIET’ klonk de stem van een binnenlopend mannetje, mager en kleurloos.
‘Ik heb je gewaarschuwd, ijdeltuit’, ging hij verder, ‘verkopen doe ik zelf en jij demonstreert. Hup!’  Verongelijkt stapte de jongen op een trimfiets.
‘Altijd hetzelfde met die kleerkasten, pronken met hun opgeblazen lijf. Gadverdammese uitslovers. Maar waarmee kan ik U van dienst zijn, mevrouw?’
Ik keek naar het schlemielige mannetje dat niet veel meer dan wat bleek vel met botten was.
‘Niets, dank U. Ik hoef niets.’

© Bertie

Advertenties

Vragenlijsten

Ongeveer tien dagen geleden kwam er een verzoek binnenrollen van de gasleverancier. Het was een herinnering.

Onlangs hebben we u gevraagd een vragenlijst in te vullen. We werken continu aan het verbeteren van onze dienstverlening, producten en diensten. Uw mening is daarbij onmisbaar. Neemt u deel, dan maakt u kans op een van de 20 cadeaukaarten van Gamma t.w.v. €70,-*.
Het beantwoorden van een aantal vragen over onze dienstverlening en uw interesse in producten en diensten duurt slechts 5 minuten.

Een paar dagen geleden kwam dezelfde mail met dezelfde tekst. Ook deze gooide ik weg, uit ervaring weet ik dat de winkans ontzettend klein is, bovendien heb ik geen zin in deze troep. Heb ik adblock tegen reclame, krijg ik dit soort gezeur.
Het invullen is een kleine moeite, het gaat me om de dwingelandij waar ik niet tegen kan. Het is toch geen wettelijke plicht deze vragen te beantwoorden?
Ook webwinkels leuren met vragenlijsten.
Ik neem aan dat er goede sier (reclame?) wordt gemaakt met lovende antwoorden. Dan mogen ze de mensen er ook wel voor betalen in plaats van ze met een lullig waardebonnetje te lokken.

Winnen en vergeten.

Een mailtje met de ronkende titel:
Van harte gefeliciteerd! Uw gedicht staat in de prachtige bundel…’
Nu moest ik even knipperen. Welk gedicht dan?
Na het openen herinnerde ik het me, het ging om gedichten over je woon- of geboorteplaats.
Het klinkt aanstellerig maar ik wist het werkelijk niet meer, ik schrijf altijd dingetjes, het bureau ligt bedolven onder zoveel papiertjes met zinnen, titels, invallen, probeersels en andere prullaria  dat er een schep naast de stoel staat om de laptop uit te graven.
Met cryptogrammen had ik het ook eens, kwam er een brief binnen van een wildvreemde krant. Ik nam aan dat het reclame was. Man, die een nieuwsgierige aard had, pakte hem van de oudpapierstapel, scheurde de envelop open en trok wit weg:
‘Wou je zomaar vijftig gulden weggooien??‘ Was het een prijs voor een vergeten Kerstpuzzel.  Tja, dat kan iedereen toch gebeuren?
Enfin. Stadsgedichten.
Nu nog wachten wie van de geplaatsten de hoofdprijs heeft. Dat horen we pas 3 september, met dit logje heb ik in ieder geval een geheugensteuntje.

Moe’s ergernis, vroeger: ‘ jij zou je gat nog vergeten nog als het niet vastzat.’  Dat was nou ook weer overdreven.