Nachtelijk intermezzo

Het was al laat toen we gewekt werden door  Fee.
-Hè? vroeg ik al ogenwrijvend, bestaat U dan?
-Wel, je ziet het,  antwoordde ze. -Kom op, we gaan een tripje maken.
Daar waren we voor in, na de zomerhitte was een luchtig nachtje nooit weg.
-Waar gaan we naar toe?
-Naar een antispokenparty, zei ze. Daar kan je alles kwijtraken wat je bang en bezorgd maakt.
Dat wilden we wel.
We stapten in haar koets. Ze bracht ons naar een plek waar een enorme kachel in het midden stond. Roodgloeiend.
Er liepen mensen heen en weer, ontspannen rondkijkend.
-Zie je, hier is niemand bang, iedereen heeft zijn spoken en problemen in de kachel gegooid.

Ahhh, zomaar je angsten in het vuur donderen. We deden ons best.
De ene narigheid na de andere verdween in de vlammen.
Huwelijkscrises, economische en financiële, de hongerige wereld,  kinderruzies, familietrammelant, webloggriezelstories, tot we helemaal leeg waren. Ze brandden met hoge vlammen.
Wat voelde dàt goed, we werden er helemaal licht van.
Daarna gingen we de bevrijding vieren met een stevige soep.
Een koud buffet wachtte. Limonadeglazen werden begeleid door drankorgeltjes zodat we dansten als jonge godjes.
Het was fantastisch; we merkten niet eens dat de koets ons terugbracht.
Pas toen Fee het dekbed over onze schouders vlijde herkenden we de slaapkamer.
We schudden haar hand.
-Dank je wel, Fee, het was geweldig.  Tot een volgende keer?
-Komt in orde. Doei!

Het was een nacht, die je normaal alleen in fillums ziet maar dan anders..
==

Advertenties

Verliefde buurman 3

‘Problemen met de ex? Sorry, ik wil niet brutaal zijn maar ik herken deze scènes direct.’

Inwendig kokend wendde ik het karretje en liep snel naar de parkeerplaats. ‘Niet zo vlug,’ deed hij zielig, ‘ik ben gewond.’ Hij trok zwaar aan mijn arm hoewel er van mankheid nauwelijks sprake was.
Ik stopte bij de achterklep. ‘En nu loslaten. Meteen!’
Dat maakte onverwachts indruk, hij trok schielijk zijn hand terug. Misschien hielp het dat er meerdere mensen hun wagen in- of uitlaadden, zijn protest klonk minder zelfverzekerd. ‘En de dokter…’
‘Je maakt nú dat je wegkomt of ik klaag je aan wegens stalking!’ Een paar mensen keken op; hij bond in en draaide zich om. ‘Ik bel je nog’ zei hij over zijn schouder.
Dat maakte me nog helser, ik trilde van spanning. Hij voelde het, zijn schouders zakten af.
Pas toen hij wegliep durfde ik de wagen te openen. Ik laadde de boodschappen in; het karretje bracht ik niet terug, wie weet stond hij daar te posten.
‘Ik neem hem wel over,’ klonk het vriendelijk. Een vrouw stond naast me, zoekend in een portemonnee. ‘O, dank U, laat die munt maar zitten hoor.’
‘Geen moeite. Problemen met de ex? Sorry, ik wil niet brutaal zijn maar ik herken deze scènes direct.’ ‘Nou, eh, zoiets, een vroegere buur. Het is erg lastig, ik zal van winkel moeten veranderen.’
‘O jé, en je adres? Kent hij dat?’
Verschrikt keek ik haar aan, daar had ik niet aan gedacht. Ze schudde haar hoofd. ‘Zullen we ergens koffie drinken? Misschien kan ik U raad geven.’
Ze was zo sympathiek; het deed me goed en ik knikte spontaan.

©Bertie
Wordt vervolgd