IJsselmeerplannen

water-ijsselmeer-zakt-sneller-dan-verwacht/
Een leeggelopen IJsselmeer. Denk je eens in, er gaat een wereld voor je open.
  Daar kunnen heel wat Oostvaardersplassen in gestopt worden, meteen tribunes erbij en gratis verrekijkers. Bij alle zitplaatsen wi-fi voor de klachtenlijn over hongerend wild.
  _
Amsterdam kan een superoverstortventiel plaatsen om massatoeristen te lozen in een pretgrachtenpark, compleet met bootjes,  rode lampjes en roze wolken.

Of een imitatie-Hof van Eden, dat zou helemáál prachtig zijn.
Hedendaagse Adam en Eva erin. 60 Is het nieuwe 20, een paradijs voor kwieke bejaarden.
Lieflijke bosschages, Zuiderzeeballade door de speakers,  vijgenbomen voor de dagelijkse verschoning en een wietplantage opdat de bezoekers in hemelse sferen komen. Haalt meteen de angst weg voor slangen die met appels gooien.
Lucifer houden we eruit, voor je het weet steekt hij de boel in de fik.

En als we niets weten te verzinnen plaatsen we Schiphol in het midden en de hele vliegmikmak eromheen.
Droomoplossing.
Advertenties

Somber sprookje


Er was eens een mopperig volk. Men  voelde zich tekortgedaan, teveel verplicht, zelfs muziek verwerd tot een scheldpartij.
‘Je moet dìt en je moet dàt en je mag niets. Wat heb je nu nog?  Er is niks aan.’  Het chagrijn vierde hoogtij.
Tot men op een dag alle ergernissen overboord gooide en besloot te leven naar eigen inzicht. De mensen gehoorzaamden niet meer aan wetten, zij volgden enkel nog hun instinct. Ze zouden gelukkig worden.
Het leek heel wat: weg met de lasten, leve de lusten, het paradijs opende zich!

Helaas, het paradijs bleek zeer aards.
Het was  een wildwest après la lettre, hetgeen behoorlijk tegenviel zonder Hollywoodromantiek. Diefstal en moord werden onbestraft gelaten, men leefde in achterdochtige buurtschappen. Ach en wee, grienden een paar klagers,  hun  kleurloze en vodderig geluk overziend.

Buurlanden, geschokt door de domme bandeloosheid, sloten hun grenzen.
Het volk was nu op zichzelf aangewezen.
Wetteloos en vrij.
Gedegenereerd, gedesillusioneerd, getraumatiseerd.
Niemand leefde nog lang, hoogstens ongelukkig.

Paradijselijke droom


Het was er groen, erg groen; het schemerde voor je ogen.
En warm. Daarom liepen we in ons nakie al hielp het niet veel. Herhaaldelijk doken we in zeeën of rivieren, opdringerige krokodillen slikten we er wel bij, als het maar koelde.
Het ergste was de herrie.
Het floot, zong, krijste, brulde en siste en welke geluiden je maar bedenken kon die dieren maken terwijl je tegelijkertijd het lawaai hoorde van gebeweeg door ritselende bladeren of sluipende slangen dan wel blubblubbende vissen want de natuur was zo overvloedig dat je als mens je eigen stem nauwelijks hoorde.
Een onaangename plek maar wie weet komt er een vervolgdroom met een goede afloop.