Luie dag. Of ik?

Tijd om te niksen.
Na drukke verf-, tuin- en wandelsessies alsmede een gang naar de boezempletterij (ik houd het netjes) is het rustdag.
Ja, ik weet dat rust roest. Dat neem ik voor lief.
Ik speel wat met een boek, zoek een paar woorden voor het cryptogram.
Schil een aardappel en trek het bed recht.
De lucht noodt niet tot buitenzitten, is hoogstens goed genoeg om vloerkleedjes te luchten.
Inspiratie zoekend voor een verhaaltje, een rijmpje desnoods, kijk ik rond.
De zon schijnt door het zijraam, legt misprijzend de nadruk op een stoffige plant of verbeeld ik me dat? Ik gooi de plant weg.
Het uitusten bevalt me niet, onwillekeurig komen afkeurende blikken boven, van leraren. Ik verjaag ze resoluut.
Mijn oog valt op een paar bloesjes zonder knopen, naald en draad liggen er naast. Ha, nu heb ik iets te doen tijdens het niksen.
Als ik opschiet is er nog tijd genoeg voor de bibliotheek en een gangetje naar de plantenkas. En voor het uitzoeken van een paar papieren en… en…
Blij dat de ijver terug is zet ik me aan het naaiwerk.

Bijna vakantie

Over een paar dagen gaan we.
Daartoe had ik een plan opgesteld.
– Papieren, financiën, verzekeringen.
Zijn allang in orde.
– Opbergen van waardevolle stukken..
Heb ik niet.
– Uitzoeken van kleren, ook al een snelle kwestie, enkel rekenen: voor 2 weken sokken, broeken, shirts, ondergoed enzovoorts.
– Make-up en verzorgingsartikelen gaan bij elkaar in een hééél grote tas (op zekere leeftijd wordt het gebruik frequenter).
Nu is het klaar.
Hoef ik alleen maar af te tellen: nog drie nachtjes slapen, nog twee, nog één, geloof het of niet, dit duurt me langer dan alle voorbereidingen. De uren komen haast niet om.
Nog drie nachtjes, 21 uur en 45 minuten….