Geen categorie

Wormenwinterslaap. Fantasietje

Diep in de grond zat een worm die de slaap niet kon vinden.
Hij was afwisselend koud en warm, vond de juiste houding niet, werd telkens wakker en als hij ribben had gehad waren alle anderen bont en blauw. Nu deinden ze dromerig mee op zijn  gewoel.
Na een paar vervelende vorstvrije maanden vond hij het welletjes en wurmde zich omhoog.
En wat zag hij, nog voordat hij boven kwam? Een onbekend licht dat door de opperste grondlaag schemerde, onwaarschijnlijk wit, beweeglijk en met vreemde geluiden.
Vreemd was ook dat hij er niet doorheen kwam, de grond was te hard. Hij duwde en duwde maar miste de kracht, bovendien raakte hij bijna onderkoeld, hij voelde zich suf worden en liet zich naar beneden zakken.
De eigenwijze.
Het is niet bekend of hij het haalde, de aardkrant meldt hier niets over.
Was hij overdreven nieuwsgierig?  Of een dwarskop?
We komen het nooit te weten want hij liet zich niet meer zien.
Dat heb je met die sluipers, je wordt nooit wijzer van ze, ze zijn allemaal hetzelfde.
==
ps
Geen té realistisch plaatje, ik wil rustig slapen.
==

buren

Over buren.

Iemand had het over een buurvrouw. Daar ging ik niet op in, buren zijn een heikel onderwerp waarover te makkelijk ruzie kan otstaan. De goede niet te na gesproken want die zijn er ook.
We leerden van mijn moeder ons niets van  kwade buren aan te trekken zolang we niets verkeerds deden.
Daar dacht ik het mijne van.
Dat leek me geen punt voor haar. Vrijstaand huisje, ruimte genoeg, grote gezinnen waardoor de huisvrouwen weinig tijd hadden elkaar te begluren.
Ze lachte me bijna uit. Ik hoorde dat ook vroeger mensen ALTIJD tijd hadden om hun buren te beloeren, te bekritiseren en te bekletsen.  Ja maar, waarover dan?
De was, vertelde zij, was een grote informatiebron. Die hing voor iedereen te kijk.
De hoeveelheid maandverbanden (denk aan uitwasbare badstoffen lapjes), luiers, ondergoed en beddengoed vertelde veel over iemands huisvrouwelijke kwaliteiten en zwangerschappen, al of niet van dochters.  Meestal gefluisterd.
De mannen waren ook niet mals.
Op fabrieken, in de bouw, op het land, er werd wat afgekletst. Met elkaar en over elkaar, moeder had dan ook een eigen gezegde over roddelen: vrouwen hebben de naam, mannen hebben het gedaan.
Dat herinner ik me nog. Pa kwam vaak met nieuwtjes thuis, ook de smeuïge. Wanneer wij op bed lagen maar het toch hoorden.
‘Weet je dat die-en-die gaat verhuizen? Ze kunnen niet aarden in de buurt.
Hoorde je dat van W, doodziek, waardeloze vrouw.  P. vertelde het.
Moe wilde het nieuws wel horen maar toch ergerde ze zich ’n beetje. ‘Hebben jullie geen andere onderwerpen?
Nieuwtjes over buren zijn dus niets nieuws.
Ik ben blij met de mijne en waardeer ze!
Aan die dingen dacht ik, ik heb tijd genoeg.
===

leven·techniek en elektronica

Waarom zou je lang willen leven

Daar zijn verschillende antwoorden op, iedereen heeft zijn eigen reden. Of niet.
Mijn motief is nieuwsgierigheid.
Uiteraard naar de toekomst van de (klein-)kinderen en familie.
Maar ook naar ontwikkelingen op allerlei gebied.
‘De techniek staat voor niets‘, zei men vroeger en dat is gebleken.
Electronica, Internet, het biedt telkens meer, ik voorzie een ter plekke geprinte ambulance bij ongelukken. Nou ja, bij wijze van spreken.
Staatsvormen. Keuringen voor presidenten.
Koninkrijken, worden het benoemde Koningen-des-Vaderlands?
Mensenstromen, vanwaar en waarheen en waarom.
Geneeskunde, psychiatrie, sameleving, wetenschap, ontdekkingen, uitvindingen, sport, cultuur, huisdieren.
Verhoudingen van landen onderling, oorlog of vrede..
Ruimte.
Zoveel dingen die je misloopt bij overlijden, ‘het mos niet magge‘ zou een ouwe Zaanse  oom zeggen.
Het is alleen afwachten of je redelijk gezond blijft.
Het lijkt me pijnlijk om atomische hardloopschoenen te krijgen terwijl je op krukken   strompelt. Tenzij daar intussen een middeltje tegen is.

Jammer dat we zo oud niet worden.
Hoewel, als de techniek echt voor niets staat…
==

geitenvlees·nieuwsgierig

Geitenvlees?

Dacht ik het Brabants aardig te kennen, hoorde ik vanmiddag iets nieuws.
We hadden het over een voorval en rikraaiden over het verdere verloop.
‘Ik ben toch zo nieuwsgierig naar het einde,’ zei ik.
Zegt schoonzus: ‘Heb je geitenvlees gegeten?’
Huh?
‘Je bent toch nieuwsgierig? Dan geven we dit als antwoord.’
Ze lachte maar was serieus.
Dit had ik nooit eerder gehoord.
Ze komt van een ander dorp, misschien weten ze daar meer over geiten? Nee.
Ook op google kan ik niets vinden.
Het is altijd mogelijk dat iemand een grap maakte die een eigen leven ging leiden.
Thuisgekomen zocht ik nog eens, maar het blijft een raadsel.
Misschien weet iemand de betekenis hiervan?
Ik kan zelf niets bedenken.
=

sinterklaas

De waarheid was dat we het allang wisten…


..dat Sinterklaas niet bestond.
Sterker: ik kan me niet eens herinneren dàt ik ooit in hem geloofde. De keren dat we ’s morgens een mand met cadeautjes vonden lagen achter ons, we dachten er nooit meer aan.
De waarheid kon immers niet verborgen blijven.
Moe die het druk had met boodschappen op de gekste tijden. Haar afwezige blik de laatste dagen. De groten die ook al geheimzinnig deden met hun geknutsel.
De duidelijkste aanwijzing was dat we aldoor de kamer werden uitgestuurd: ‘ga maar buiten spelen.’ Dan begrepen we dat ze met de cadeautjes bezig waren.
Mijn twee jaar oudere broer en ik liepen dagenlang rond met geheimzinnige gezichten; deden alsof we nog geloofden want dat hield de spanning er in. Het werd min of meer van je verwacht omdat er nog een klein broertje rondliep.
We zongen zogenaamd angstig mee terwijl we gisten van wie die zwarte glacé was die door de deuropening met pepernoten gooide.  En genoten van  de grote zussen die flirtend ‘dank je wel Piet, lieverd’ riepen.  (Zij wisten welke buurjongen het was). Een  vertoning die erbij hoorde.
De laatste middag vóór pakjesavond was niet door te komen; dan stond in het portaaltje de grote teil of de wasketel klaar, boordevol met pakjes. Een tafelkleed erover om het geheim in stand te houden..
Moe was op de valreep met een paar laatste surprises bezig, tobbend over een zinnig vers.
We stierven bijna van nieuwsgierige zenuwen.
Wat zou er voor ons bij zijn?
En, niet onbelangrijk, zouden we TWEE chocoladeletters krijgen?

Het was elk jaar een van de mooiste en spannendste periodes.
Nooit heb ik me verdrietig of belazerd gevoeld dat Sinterklaas niet bestond.
Integendeel, ik keek met ongeduld uit naar de tijd dat ik zelf mee mocht doen met surprises, grappen en versjes.
Ik zal toch niet de enige geweest zijn?
==

paarden

‘Drie mooie paardebeesten stonden bij een hek…

…zomaar bij een hek.’

Dit plaatje kwam ik tegen bij  pixabay
Het trof me zoals ze daar nieuwsgierig staan te wezen.
Zijn ze benieuwd naar de foto?
We weten niet hoe ijdel ze zijn, paarden zeggen in de regel niet veel.
Misschien hopen ze op suikerklontjes, over cariës en plomberen hoor je ze ook nooit.
Willen ze aandacht, een goed gesprek wellicht?
Als ik niet zo bang voor ze was zou ik dat gesprek graag met ze aangaan.

versje

Nieuwsgierig

 

 

Om verder te kijken
zijn zicht te verrijken
groeid’hij  per dag
draaide een slag
tot hij de buurt overzag
maar ach
hoe hij ook rekte
zijn bladeren strekte
het had weinig zin.
Een buur en een spin
een slome duivin.
Te min
en hij boog
zijn nieuwszucht vervloog.
Ernstig verdord
bruin en gekort
ineengestort.
Hij mort.

oud

Hoe alles vervliegt. Impressie.

Emoties gaan luwen
vriendschap vervlakt
gemis en begeerte verzachten in weemoedig sentiment.
Berustend in tegenspoed
wordt voorspoed nauwelijks omarmd…

Lang geleden leerden we een vrouw kennen die ver in de negentig was.
Ze had iets achteloos’ over zich, alsof het leven haar weinig interesseerde.
Het was geen dementie, geen levensmoeheid.
Later zag ik hetzelfde -in mindere mate- bij enkele andere hoogbejaarden.
Het intrigeerde me. Het leek me een natuurlijk verloop, terug naar een blanco gevoelswereld om dan, wanneer heftige emoties verwerkt zijn, in alle rust te overlijden.
Misschien is dat de gewone weg en slijt niet alleen het lichaam, ook de geest.
Ik weet het niet.
Maar nieuwsgierig ben ik wel.
Naar hoe we zelf zullen zijn mochten we die leeftijd halen.

bloemen·tuintje

Net mensen


Deze zonnebloem staat met zijn hoofd boven de schutting en richt zich op de buren. Nieuwsgierig volgt hij hun leven, waarom eigenlijk? Dat weet hij zelf niet.
Wil ìk zijn aandacht dan dien ik te wachten tot halverwege de middag, tot de zon gedraaid is en  hij zich naar onze achterdeur keert. Denkt zeker dat ik eindeloos zit te wachten tot hij me ziet.
De verbeelding van grote bloemen is gewoon bespottelijk.

 

 

 

 

 

De sedum is anders, bescheidener.
Steekt rustig zijn kop uit de grond en groeit op elke plek, zonnig of niet, nat of droog, met of zonder dorre blaadjes, hij staat bescheiden te wezen in al zijn fletse rozerood.
Dat hij, van bovenaf gezien, op rauwe gehakt lijkt is grappig maar het kan hem niets schelen. Zei hij. ‘Ik ben vegetariër.’