tijd

Tijd

Nooit had ik gedacht dat je als gepensioneerde de tijd voorbij zou zien vliegen.
Want dat doet hij.
Na mans overlijden verwachtte ik een leegte zonder einde, ik zou erin verdwalen en niet weten wat te doen. Dat was ook zo. Voor een poos.
klokclocks-257911__340Toen ik bij zinnen kwam  veranderde het beeld, ik merkte dat de tijd gewoon doorging, en snel ook.
Zó is het maandag, dan halfweek, en plotseling weer weekend.
Als je niet beter wist zou je bang zijn kinds te worden: ‘hoezo vrijdag vandaag, gisteren was ik nog op de maandagclub.’
Dit hoor ik van veel anderen ook.
Waarom die haast, vraag je je af.
Worden we voorbereid op afscheid?
Wil de natuur van  ons af, we dienen tenslotte geen aanwijsbare doelen meer behalve als groeimiddel voor jonge aanplant.
Is het bedoeld als verzachting voor eenzaamheid? (Komt meer voor dan je denkt).  Ik kan me niet voorstellen dat het leven zo coulant is.
Wat je ook wil weten, het antwoord is duister.
Internet eveneens en de juiste boeken vind ik niet.
Dus wachten we af.
En plotseling zijn we dood en kunnen het niet meer uitleggen.
==
god·hemel

Nog eenmaal naar de hemel

godjesus-4929681__340
Geërgerd las ik de krant.
De waanzin, in het groot maar ook bij onszelf. Die klotewereld ook.
Ik nam een besluit en ging nogmaals naar god.
Ditmaal niet voor een nieuw lontje, zodra de poort een stukje opende zei ik het alvast opdat Petrus me niet zou afpoeieren.
‘Goedemorgen, ik hoef niets te hebben hoor, alleen maar wat vragen.’
Hij verbreedde de kier waardoor ik één oog zag.
‘Weet je het zeker? God heeft meer te doen,’  was het antwoord. Knorrig als gewoonlijk.
Daar zei ik niets op.
Het bekende toetsgeluidje klonk (ze gaan hier serieus met de tijd mee, heel wat beter dan sommigen van de volgelingen).
Hij bekeek me van onder tot boven en ik zou zweren dat hij me keurde voor de grote kookpot.
‘hm#mmpglgrrr..  je weet de weg.’
Ik kon er niet meer om lachen.
God wachtte me al op.
‘Bijna Kerstmis Bertjens, je komt zeker om vrede verzoeken?’
‘Inderdaad meneer God, al was het maar een beginnetje. Het is niet om aan te zien, overal, ook in eigen land….’
Hij viel me in de rede. ‘Je weet toch dat ik de mensen verstand gaf?’
Daar gaan we weer, dacht ik mismoedig.
Ik probeerde het nog eens.
‘U kunt immers alles, waarom niet af en toe dat beetje extra aan ons brein  toegevoegd waardoor we soepeler worden. Denkt U zich eens in, dictators krijgen spijt, soldaten weigeren de wapens, en het gekweel over vrede op aarde krijgt betekenis, U houdt toch van ons en weet U… ‘
Hij hief zijn hand op.
‘Voor de laatste keer: ik grijp NIET in, die taak gaf ik de natuur. Dat weten jullie nu toch?’
We zwegen.
Ik dronk de koffie op en nam afscheid.  Voorgoed deze keer.
‘Het ga je goed Bertjens.’
‘Dank U, van hetzelfde.’
Voor ik de deur dicht deed schoot me nog iets te binnen. ‘We zijn inderdaad naar uw beeld geschapen, U bent net een mens.’
Petrus stond me op te wachten bij een wijdopen deur, een beetje verlegen knikte hij me toe en wees naar buiten.
Ook hij zweeg.
==

mijmers

Late mijmers.

Het tikt op de koepel boven mijn hoofd
Zacht en vinnig tegelijk, van dunne toch snelle druppeltjes.
Ik luister naar ze alsof ze iets te vertellen hebben. Niet dat ik dat geloof, regen heeft geen woorden.
Sneeuw  trouwens ook niet, klimaat is natuur en je hebt maar te accepteren wat je er in hoort.
Op dit moment is het een vredig geluidje, het ebt weg en komt terug.
inslapennight-1077855__340Mooiweer-programma vandaag, zon om te wandelen, nu dit tiktakmuziekje, ik reken erop dat ik straks in slaap word gewiegd door de wind die ik niet hoor maar me voorstel.
Het stemt tevreden.
Stukkend tablet ten spijt.
De smart is er nog en de laptop, mocht alles kapot gaan neem ik de huistelefoon, daarmee kun je een of andere klaaglijn bellen. Geen idee wat je dan te horen krijgt.
Straks bedtijd.
Dekbed om me heen, boek glijdt langzaam weg – een plof op de grond, wakker schrikken, opnieuw twee regels lezen – boek schuift langzaam – wegdoezelen…
Zalig vooruitzicht.
Tot morgen.
==

natuur·weer

Dag, droom.

Er volgen alsnog een paar warme dagen. Daar verheug ik me op, in september blijft de hitte ’s avonds niet hangen, zo zou ik het de hele herfst wel willen.

Het was ideaal als de natuur persoonlijke verzoeken kon inwilligen, die bestuurt tenslotte het weer. Ik snap dat ieder zijn eigen klimaatje teveel gevraagd is maar een meteorologische loterij lijkt me wel wat. Als probeersel.
Elk seizoen één winnaar per provincie, beter nog: per gemeente. Daar profiteren alle bewoners van.
Stel je de feestelijke loting voor, Chantal doet de trekking, kust de stralende gelukkige, iedereen is blij. KNMI biedt een extra prijsje, een zonnebril of zo.

Maar het zou niet in vrede verlopen, vrees ik.
Protesten, complotten en halvegaren verstoorden waarschijnlijk de gang van zaken met heibel over de uitslag.
Het zonnetje zou de winnaar niet gegund dus verduisterd worden.
En het weer?
Dat hield het voor gezien en  liet de mensen aan hun lot over.
De natuur eigen.
==

Geen categorie

Insecten van nabij bekijken?

Nou nee,  ik ben zuinig op een goede nachtrust.
Bovendien herinner ik me beelden van een vlieg, vlo, luis en nog wat van dat gespuis. Sterk uitvergroot,  de bloeddorst droop zowat van de foto’s. Likkebaardend keken ze de kijkers aan en het  ìs dat het schoolboeken waren, ik had ze morsdood gescheurd.
Vooral de luis was huiveringwekkend. Jaren van wakker gelegen.
Tja, insecten zijn nodig, leerden we.
Ik begreep dat ze nuttig zijn en hun plaats hebben in biotopen (welke dan?) al zie je dat de natuur zich aldoor aanpast bij een teveel of teweinig van wat dan ook. Het zou me niet verbazen als de wereld bleef bestaan wanneer bijv. alle muggen uitstierven
HIER  lees je er een artikel over, voornamelijk mooi door de bloemfoto, de tekst is voer voor entomologen.
Misschien ook voor de lezer.
ps
ik heb er een klein vergrotinkje bij geplaatst.  Is nog net acceptabel.
==

natuur

Het imperialisme van vaste planten


Een paar oudere foto’s maar in de tuin elk jaar nieuw, de tekenen zijn al zichtbaar.
In de basis veranderen ze niet, ze vernieuwen zich door uit te breidden en meer plaats in beslag te nemen, hier en daar een kind te deponeren.
Soms teveel, dan spreek ik ze streng toe over bescheidenheid en samenheid. Ze luisteren nooit, keihard gaan ze door.
Medeleven met buurplanten is in de natuur onbekend.
Dan wordt het de botte bijl, wortelen scheuren en de keuze: overdadige groei weggooien of elders neerzetten? Meestal  is het de kliko ivm gebrek aan grond.
Keihard kan ik ook zijn.

We kunnen ons beter niet aan de natuur spiegelen.
==

dood

Laatste woorden

Ze ligt en wacht.
Mijmerend over wat komen gaat.
Hemelse heerlijkheden?
Daar gelooft ze niets van.
Heet hellevuur? Dat gelooft ze evenmin.
Is er überhaupt nog een bewustzijn? Nee, niet menselijk voelbaar.
Wat met het lijf?
Ze denkt aan de natuurlijke weg, vergaan tot een paar botten. Letterlijk terug in aarde. Het idee van wriemelend ongedierte doet haar huiveren.
Crematie overweegt ze, ashes to ashes.
Dood is dood.
Waarom zou je een reeds ontbindend lichaam bewaren? Er zijn liefdevoller aandenkens om je een overledene te herinneren.
Er valt haar iets in, ze glimlacht en tast naar pen en kladblok.
‘Doe er knoflook bij, ik hield van de geur.’

haar

Haar

Kijk eens wat een boel krulletjes ik toen had.
En helemaal echt.
De kapper hoefde er niets aan te doen.

Zeg nou zelf, daar kan toch geen permanent tegenop?
Geef mij maar de natuur.