Herfst is dubbel

Heerlijke Herfst.

Het is prachtig om te zien hoe de zomer ten einde loopt.
Imponerend verheffen zich grote wolken, zij vormen reinigende stormen en koele buien en spelen met een regenboog aan bladeren.
Een blije herfst bemerk je ook bij mensen en dingen.
In de groenteafdeling beleeft zomerfruit sprankelend de nadagen; aardappelen piepen zingend door hun plastic zakken en stevige preien dansen bijna in hun kisten.
Ook de slagerij biedt een opgewekte aanblik, niet in het minst door de fris-ogende karbonades en de stevig in het vel zittende saucijzen. Chateaubriands loeien je tegemoet vanuit hun kraakheldere bakken.
En dan het brood, een en al geurigheid en glanzende korstjes.
De winkelenden stappen met opgewekte najaarspassen langs de schappen om uiteindelijk liefdevol de waren op de band te vlijen.
Afrekenen lijkt een spel voor twee: hand op hand, een lach, een vriendelijk ‘dank-u-wel’ en tenslotte huppelen de mensen naar buiten, de schoongewaaide lucht tegemoet.
Het personeel wuift hartelijk.

———————————————————–

Herfst.
Mineur.

Je kunt wel zien dat de herfst is begonnen.
Niet alleen aan wind en regen, ook aan mensen en dingen die verwaaid en bewolkt ronddwalen.
Ga naar een willekeurige winkel en zie.
Bij de groenteafdeling liggen de preien lusteloos in hun kist; aardappelen hangen onderuitgezakt in de rekken; restantjes zomerfruit schrompelen onder mistige ademstoten .
Bij de slagerij is het niet veel beter. Zowel de karbonaadjes als de braadlappen liggen vellerig te wezen in verdofte bakken en de braadworst ziet er zowel grijs als gerimpeld uit. Chateaubriands lijken op de dode ossen waaruit zij gesneden zijn.
Het brood behoeft geen beschrijving: alles is grauw.
En dan de mensen die er rondlopen, daar wordt je pas goed herfstig van.
Beregend en verwaaid slepen ze zich lauw langs de schappen om tenslotte met kleurloos chagrijn de artikelen op de band te gooien -moet die rotzooi nog betaald worden ook? Vooruit dan maar-
Landerig vegen ze de boel in versleten tassen en  tenslotte sjouwen ze  naar buiten. Het najaar tegemoet.
Het personeel kijkt ze narrig na.

Advertenties

Over cliché’s

Je gebruikt ze, ze zijn handig als je geen woorden weet. Je accepteert ze ook van anderen. Ik snap het wel, denk je dan, bij goedbedoelde opmerkingen betr. ziekte en dood.
Maar soms word ik zo narrig bij het zoveelste loze zinnetje dat ik moeite moet doen om niet te reageren.
Een greep.

‘Politici zijn allemaal zakkenvullers.’
‘Er lopen meer gekken rond dan er in een tehuis zitten.’
‘Kunstschilder? Dan is mijn kleine broertje het ook.’
‘Mannen komen van Mars, vrouwen van Venus.’ Treurig: het boekje werd nog gekocht ook.
‘Dit gevecht kon hij niet winnen’, een intrieste conclusie die me altijd pijn doet bij het lezen ervan.
‘Laat de natuur zijn gang gaan.’
Enzovoorts.
Ik houd  het netjes; ongefundeerde politieke meningen laat ik achterwege.
Waarom het nu bij me opkomt?
Door een ronkend gezegde dat graag gebezigd wordt door napraters die indruk willen maken:
‘Als je de mensen leert kennen ga je van dieren houden.’
Tistogwat, een interessantdoener moest weer zo nodig.