Druiven en merels

De druiven zijn rijp.
Prachtig en verleidelijk hangen ze in kleine en grote trossen, bedauwd en van dat bijzondere blauw. Druivenblauw.
Ik eet ze als ontbijt, lunch, diner en als tussendoortjes. En ben niet de enige die dat lekkers  waardeert.
Plukken blijkt een ingewikkelde bezigheid doordat ik de opbrengst met vogels -meest merels- moet delen.
Dan sta je met je hoofd tussen de bladeren, schaar in de aanslag, vergiet eronder,  en je voelt dat je gadegeslagen wordt. Je dekt je in en houdt je stil, slechts je ogen loeren van links naar rechts en zoveel mogelijk naar boven en beneden en jawel, plotseling staart een vinnige kraaloog terug, in gelijke mate wantrouwend, bang dat hem de beste vruchten door de neus geboord worden.
Ik versaag niet en doe een knip met de schaar; de merel neemt een snaai met zijn snavel.
We loeren. Knip-snaai. Knip-snaai.
Opnieuw loer ik, hij ook. Knipknip. Snaaisnaaisnaai.
Verrek, hij meer dan ik, ik hoor het aan het bladergeritsel. Wacht maar, knipknipknipknip, dat zal hem leren.
Stilte.
Ineens: snaaisnaaisnaaisnaai, en voor ik kan antwoorden schatert het beest de klimop uit, pitjes achter zich aan strooiend. Daar gaan mijn ontbijt en andere maaltijden.
De lelijke dief.

Advertenties

Merel vs kat

Er klonk geritsel op het dak. Ik keek op en zag een merel over de koepel hupsen, hij had twijgjes in zijn snavel.

Een kwartier later weer een of dezelfde. En later nog een. Ik ging naar buiten, nieuwsgierig naar waar de vogel het nest bouwde. Bezorgd ook.
Een ander geluid werd hoorbaar, heel zacht. Van een kat die niet kon voorkomen dat het afdak waarop hij in sluipgang bewoog, licht kraakte. Hij zag me en stopte even, liep dan door met zwiepende staart.
Waarschuwingsgeroep van de vogel waarop ik wachtte bleef uit. De kat zette zich in de loerhouding en wachtte ook.
Er kwam niets.
Toen heb ik de kat zelf weggejaagd want hoeveel ik ook van katten houd, een merelwoning in aanbouw, daar moet hij van afblijven.
Ik dacht niet ver genoeg vooruit.  Niet aan de  jonkies die straks uitvliegen onder pootbereik van dezelfde kat. Dat dat erger is dan een vernield huis vóór er eieren in liggen.
Zucht.
Wanneer doen we het goed?

 

Bijeneters.

-Foto en onderschrift uit het Vogeldagboek van Adri de Groot,  http://www.vogeldagboek.nl/

Zoiets moois zou ik wel willen zien bij het opstaan, je zou er een boom bij je raam voor willen plaatsen.
Weliswaar geen tango, in kleurrijkheid en schoonheid doen ze er niet voor onder. En wat een vent hè, buigend zijn vrouw wat lekkers brengen, hij is vast gevallen voor haar kapsel.
Wat zouden de merels en mussen zich de ogen uitwrijven,  de kauwen tekeer gaan. De kleine sierduifjes konden wel op de pot met hun ijdel gekoer.  Hoogstens een enkele vink of mees kon zich met hen meten. Als ze wat groter waren.

* Bijeneter, Merops apiaster, European Bee-eater, Guêpier d’Europe, Bienenfresser *
Tekst en foto Inge Duijsens: Deze bijeneters heb ik begin mei in Hongarije gefotografeerd.
De bijeneters waren druk bezig om hun nestgangen uit te graven in een zandwand.
Het mannetje geeft zijn vrouwtje een cadeautje. Zij accepteert de bij, maar verder bleef alles
zoals het was. Bijeneters broeden in Europa, overwinteren in Zuidelijk Afrika. Vrij zeldzaam in NL.