Herman wie?


Een klein meisje huilde en vroeg ‘waarom mag ik niet naar mamma?’ ‘Dat kan niet schat,’zei pappa, ‘mamma is in de hemel.’

‘Daar wil ik naar toe.’ Driftig stampte ze tot een grote zus haar bij het handje nam, ‘kom maar, ik breng je.’
Gewillig liep ze mee. ‘Is het ver?’ ‘vroeg ze.
‘Nee, we zijn er bijna.’  Ze waren al bijna bij het water, tussen het riet zou zij haar zusje naar  mamma brengen.
Hier stopte ik.
Het drong tot me door dat ik een oud verhaal kopieerde. Over een meisje dat haar broers en zusjes naar hun gestorven mamma zou brengen door ze te verdrinken, het lukte niet, na het eerste slachtoffer wilden ze naar huis.
Oneindig droevig, echt Herman die dit kon schrijven als geen ander zonder goedkoop te worden.
Maar ik weet niet meer welke Herman.
Iemand?
update
Het zou ook Bertolt Brecht kunnen zijn, ik zoek nog steeds.

Een zomerdag

Luierend op het gazon. Muziekje, reader, spelletje, ik nam het ervan.
Ergens jengelde een kind, een vrouw riep. ‘Neenee, niet naar de vijver, op het gras blijven.’
Ik soesde verder.
Het kind jengelde weer, luider deze keer. De vrouw riep opnieuw. ‘Op het gras, zei ik. Moet ik je vastbinden?’
Ik zat rechtop van ergernis, waarom dat kind niet een bootje gegeven of een opblaasbandje. Warm als het was.
Enfin.
Bijna weggedommeld hoorde ik het kind opnieuw, kort, me toch weer uit mijn ritme halend.
Het werd stil.
Beetje vreemd zonder gejengel. Ondanks de irritatie vond ik het zo, ja, zo gewoon, het hoorde bij een kind en de mamma.
Een nieuw geluid.
Geschrokken sprong ik op, een vrouw schreeuwde hard.
Mensen riepen, snelle voetstappen, de sirene van een ambulance.
Het kind dat niet meer jengelde.
De geluiden ebden weg, die van de ambulance ook.
Ik ging naar binnen.
==

De natuur is een kei

De nieuwe baby heeft de grijze ogen en het bruine haar van mamma, evenals de kleine oortjes.
In de rest van het hoofdje, nek en hals zie je duidelijk pappa.
Rug en schoudertjes verraden opa één terwijl de brede handjes en voetjes naar opa twee wijzen.
Oma een en twee manifesteren zich respectievelijk in de stevige ledematen en het bolbuikige rompje.
De overige voorvaderen houden zich schuil in de organen en proberen de dna-touwtjes stevig in handen te houden voor het geval de nieuwe combinatie op hol slaat.
Knap dat de natuur dit keer op keer op keer voor elkaar krijgt. Je staat er telkens weer versteld van.

Verliefde buurman 6

‘Frànk? Ga weg…’
‘Ja. En Len, een vreemd mens, leg ik straks uit. Tot zo.’

‘Hoi mam, dag mamma, weet je wel mam, kijk eens mam….’ Het gebabbel leidde me af; knuffelend en luisterend loodste ik de meisjes achterin en reed naar huis.
Toch keek ik in de spiegel. Niemand die me volgde, we kwamen veilig thuis; ik zuchtte van opluchting. Meteen stoorde ik me aan mijn overdreven gedachten.
Volgde? Op de achteruitkijkspiegel letten? Eén irritante buurman en een raar wijf, het maakte me bezorgd maar moest ik om die reden politiegedrag vertonen? In het gesprek met Willem zou ik er een grap over maken, rechercheur Martje in de bocht.

We hadden het een paar uur gezellig. We aten samen, ze kletsten zonder pauzes en ik hoorde het laatste schoolnieuws, hun lieve en onhebbelijke eigenschapjes. Je zou niet geloven dat er narigheden waren. In feite raakte Frank en Len zover op de achtergrond van mijn denken dat ik opgewekt Willem belde en vroeg of hij tijd had voor een gesprek en misschien wilde Olga erbij zijn? Wie weet had ze als buitenstaander een andere kijk op de dingen.
‘We willen natuurlijk komen maar wat is er aan de hand? Iets met de kinerern?’
‘Frank.’
‘Frànk? Ga weg…’
‘Ja. En Len, een vreemd mens, leg ik straks uit. Tot zo.’
Terwijl ik koffie klaar zette vervaagde het probleem nog meer; waarom me kwaad maken om Frank, hij snapte nu dat ik hem de baas was; waarschijnlijk zouden we er om lachen.
Prrrr, whatsapp. Ik opende en las: –Heb je mannetje al gebeld? ☻-
Neeee, idioot mens, ze was toch klaar met me?  -Enfin, ik heb mijn best gedaan-  En dan die zwarte smiley. Wat een kreng. Ik brieste.
We zouden niet lachen, vreesde ik, opspringend bij het horen van Willems auto.

© Bertie
Wordt vervolgd