Bril


Leesbril kwijt, dan valt er niet te tabletten. Nou ja, bij de laptop ligt een andere.
Daar viel telkens een glas uit, verdorie. De volgende, uit de keuken.
Geloof het of niet, de steker brak af, nou zeg, ze moeten me wel hebben. Nog één kans en dat is de bril naast bed.
Wat, ook al kwijt? Nee, geplet tussen matras en ledikant en, natuurlijk, gebroken.
Vier exemplaren en niet kunnen lezen, hoe krijg ik het voor elkaar.
Zonder leesbril ben ik onthand, alleen krantenkoppen en grote letterreclame begrijp ik. Op de laptop is tekst te vergroten maar op een minischermpje is dat ondoenlijk met lange zinnen.
Van alle gewoongeworden dingen is de leesbril (en -loep) een van de beste uitvindingen.
Stel je voor, nooit meer te kunnen lezen en puzzelen, een ramp, ik zou de laatste cent overhebben voor Drion.
Handwerkers en -sters zijn uitgehobbied, veel mensen van middelbare leeftijd stoppen met werken, knollen worden voor citroenen verkocht, politici tekenen verkeerde wetten, lesgeven is alleen voor veertigminners, je koopt de verkeerde wijn of een rare jurk,  de lijst is eindeloos.

Enfin, met de verrekijker kroop ik in en door en onder alle hoeken en stoelen en vond uiteindelijk de zoekgeraakte, de ene die nog heel is.
Nu kan ik de andere drie repareren.

Advertenties

Onrust


Trek hebben in iets maar niet weten in wat.

Weg willen maar waarheen?
Woonkamer veranderen maar niet weten hoe.

Achtertuin herindelen in zomaar wat.

Kortom, ongedurigheid slaat toe.

Wat doen we eraan, zou de huisarts zeggen maar die vraag ik natuurlijk niets.

Als ik nu eens de vertrekken omruil? Keuken boven, bed beneden, douche in de kelder, luie stoel in de schuur, dat is alvast iéts.
Zou me dat tot rust brengen? Of zijn er rigoureuzer maatregelen nodig?

Televisie op het platdak dan? Fiets in de koelkast? Of is dat te lastig als ik moet remmen voor de juspan?

Toch maar de luie stoel naar  binnen maar dan achterstevoren? Ingrijpende veranderingen schudden een mens wakker, lees ik, al weet ik niet precies hoe en waarom.

De interne verhuizingsvoorstellen overziend word ik bij voorbaat doodmoe en vraag me af wat het rendement is, brengen ze inderdaad rust?

Eh, nee.
Dus blaas ik ze af en, stiekem opgelucht,  besluit ik alles bij het oude te laten.
Alsnog vredig gestemd pak ik een boek uit de kast. Het heeft piepkleine lettertjes. Ik zal de leesbril moeten veranderen.