Gehoorzamen of juist niet?


Niet doen wat moet? Geen zin?
Een eigen weg gaan, noemen enkele mensen het.
Het getuigt van een krachtige wil en eigen mening, van ruimdenkendheid. En lef.
Althans, dat vinden ze zelf.
Ze hebben ballen en protesteren met recht tegen zinloze plichten.
Zeggen ze.
Je leest deze prietpraat in artikelen van,  bijvoorbeeld, artiesten. Het staat goed, ‘ik ben niet zo van discipline.’ Ze suggereren vrije vogels te zijn, kunstenaars, zit in het bloed hè.
Zo opgelegd bij sommige.

Een familielid zag het ook graag bij kinderen.
‘Daar zit pit in, ‘zei hij dan, ‘die komt voor zichzelf op. Zonde dat ouders dat eruit willen halen.’
Hij haalde een paar dingen door elkaar: de kinderen die het ‘waarom niet’ konden uitleggen waar andere hun tong uitstaken.
Zelf had hij geen gezin en geen notie van wat een ongehoorzaam kind bezielde maar het oordeel was klaar: dit worden sterke volwassenen.
Tja, het zal voor een paar kinderen wel opgaan net als voor de rest van de mensen.

De werkelijkheid?
U kent ze misschien ook, de kinderen die uit pure balorigheid ‘nee’ zeggen. Wanneer ze moe zijn. Of honger hebben. Of boos/jaloers zijn. Of gewoon lui. Een goed weerwoord  hebben ze  zelden.
Uit puberale dwarsheid niets willen toegeven en pas hun mond opentrekken in eigen groep.
De mensen die uit gewoonte mopperen, zonder inhoudelijke argumenten. Zomaar. Daar leven ze op.
De eigengereide drammers die protesteren maar zelf niets constructiefs aandragen. ‘Dat moet anders!’  Bij een paar gele hesjes kreeg ik die gedachte.

Dat wil niet zeggen dat alle dwarsliggers praatjesmakers zijn.
Maar ze hebben niet allemaal de grote geest die ze zich aanmeten.
==