Melancholie

Een prettige.
Ondanks het gemis van zomerse hitte (mopperend genoot ik ervan) min ik ook de septemberavonden, waarin je je na het achtuurjournaal  afvraagt of het de moeite loont om nog een poosje buiten te lezen.
Meestal niet maar een kabbelend praatje of, als je zicht hebt op een mooie omgeving, simpelweg voor je uit stare
nd, zomaar, misschien wat mijmerend, misschien een herinnering overdenkend, daar is dit een ideale tijd voor.  Het klimaat is zacht en koel tegelijk,  tegen najaarskilte voldoet nog een vestje.
Wie op de weilanden uitkijkt heeft het beste beeld. Lichte nevel gaat aan de schemer vooraf,  soms in slierten; koeien en struiken vervagen tot losse delen net als geluiden tot je alleen het snorren van verre auto’s hoort.  Of is het de stilte?
Neem het er van.
Straks stormt het.

Pawi plaatste er een mooi beeld bij.
Bedankt!
mijmer2afkfh2

Onze bakermat

De zee is aller levensbron, dat wisten we.
Nu blijkt dat we op speciale plekken ontstonden,  we startten in heetwaterbronnen in de diepste diepten van de oceanen.
Volgens de krant althans die het weer van deskundigen heeft, zie  ons-leven-begon
Sporen wijzen op ca 3½ miljard jaar terug.
Een getal dat ons niets zegt, daarom is het goed dat we er informatie bij krijgen waarvan we een naam kunnen maken, Last  Universal Common Ancestor.
LUCA.
Het schijnt dat er in magen van herkauwers -zoals koeien-  iets te vinden is wat een link zou kunnen zijn naar die diepzeebron, iets dat te maken heeft met  methaan en botulisme.
Bijzonder interessant, voortaan bekijk ik iedere koe met extra aandacht.
Zodra ze teveel scheten  laten zou ik ze op een veldje apart houden en vertroetelen; ze hebben misschien een ongekend heimwee naar baarmoederlijke troggen, een onbewust verlangen naar de tijd waarin ze niet met een zak vol melk hoefden te zeulen, waarschijnlijk zelfs niet eens koeien wáren. Bovendien wil je geen botulisme op je erf.
Gewichtloos en zonder verstand door het leven zweven, dat  moet voor deze plompe dieren  een hemels verlangen zijn. Zouden ze daarom iemand zo nieuwsgierig  aanstaren met die blik van je-ne-sais-quoi?
Enfin,  als ik boer was zou ik om te beginnen alle koeien dezelfde naam geven, LUCA 1, LUCA 2 enzovoorts, eventueel met een koeienfluisteraar in vaste dienst, groepsherinnering oproepend via hypnose, visvoer en plankton door het hooi mengen en plaatjes van ont-uierde zeemeerminnen aan de stalmuren hangen.
Je weet naar nooit wat zoiets losmaakt.
Op zijn minst smakelijker vlaaien.

Vee


Bij het weggooien van overtollige foto’s trof me de herinnering aan mijn angst voor vee.

Weliswaar afkomstig van de Zaanstreek (de oude naam) weet ik nog alles van koeien, paarden,  kippen en ander gespuis.
Die enorme koeienkoppen waar altijd kwijldraden aan hun bek hingen. Witte geiten, pisgoor tussen de achterpoten; een constant steigerende bok; het onbetrouwbare paard van de groenteboer; konijnen die altijd kleintjes hadden. Schapen die jonkies kregen en waar de boer ze uit moeders achterste moest trekken. Die dingen deden me iets. Iets ondeugdelijks, voor mijn gevoel.
Ik neem aan dat het geheugen de boel vertekent. Eén dwarsliggend lammetje was waarschijnlijk niet vanzelfsprekend voor de schapenteelt en de koeienkoppen waren  natuurlijk te groot voor een kleuteroog.
Toch raakte ik de hekel nooit helemaal kwijt.  Ondanks het mooie beeld van koeien (superfotogenieke dieren) blijf ik uit hun buurt, maak ik voor paarden een omweg. Kippen ontloop ik.
Nu, wonend op het platteland, houd ik van al deze dieren.
Van een afstandje.