Jolita, de koe die zich verveelde 3 + 4

‘Pak haar, vlug, voor ze wegloopt, hahááá daar is ze dan, vuurtje erbij…’ gemene ogen keken haar aan, een scherpe brandgeur tergde Jolita’s neusgaten. Ze huilde van ellende tot ze wakker werd van Betsie 3578 die haar zachtjes porde.
‘Hé Jool, ben je ziek? Heb je ’t scherp? Wil je een slok water?’
‘N-n-hee, ik droomde, een griezel wilde me brandmerken, het stonk al..’

‘Gatver wat eng. Dat komt natuurlijk door gekke Marjana,’ wist Betsie.
‘Huh? Marjana?’

‘Wist je het niet? De dochter heeft een nieuwe naam en om het te vieren stak ze gisteravond een reuzejoint op, van òns hooi nog wel. De baas was maar net op tijd, er brandden al drie balen. Daarom stinkt het zo.’
‘Oh…’

Met de punt van Betsies staart droogde Jolita haar tranen.
Ze probeerde weer te slapen maar het lukte niet.

-Wat een wereld, dacht ze, woon je met twintig koeien op een kluitje, steken ze je voorraadschuur aan.
Ze dubte.
Kon ze niet beter meteen gaan? Maar haar melk dan? Die moest ze kwijt, zo kon ze niet reizen. Sjonge, wat een probleem. Als ze nou ‘ns….

Hier stopte ze met piekeren.
Ferm schudde ze haar kop. Ze ging. Nú! Onderweg kwam ze vast wel een dorstig iemand tegen.

Voorzichtig laveerde ze tussen slapende familieleden, zachtjes soppend in het ochtendnatte gras; ze monsterde het hek en klauterde er overheen. Dat valt niet mee voor een koe, het lukte maar net zonder haar uier te schaven..
Dra stond ze aan de andere kant en keek nieuwsgierig rond waar de verten door het gedempte licht nog waziger waren dan anders. Ze zag niet veel, alleen een kip die druk liep te stressen.

‘Wat doe jij hier?’ vroeg ze
‘Ik kan mijn ei niet kwijt,’ antwoordde de kip trillerig

©

De koe die zich verveelde 4

‘Kom met mij mee, de wijde wereld in,’ noodde Jolita, ‘met wat geluk lossen we meteen je ei. Aan wie dan ook, wat maakt het uit.
De kip aarzelde
‘Hm, wat zal ik zeggen, het gaat tenslotte om
mijn ei, ik heb het zelf gemaakt. Maar vooruit, laten we het proberen. Een plek waar je ei niet geaccepteerd wordt is ook niet alles.  By the wei, mijn naam is Claer Cant, achternicht van een markies.
Geef me je poot.’

‘Jolita I, stamboek, nazate van Pitje Boel, aangenaam.’ Ze schudden voorpoot en vleugel.
‘Nou, welke kant zullen we opgaan Claer? Eerst de snelweg over?’

‘Vooruit maar’.
Het was een angstige ervaring voor een koe die geen verkeer gewend was. De ochtenspits maakte haar schichtig; onbeholpen volgde ze haar nieuwe vriendin die niet onder de indruk leek van het verkeer.

Claer zat met andere zorgen.
Jolita wilde er het fijne van weten en zodra ze veilig aan de overkant waren en zich richting wazige verten wendden vroeg ze haar nieuwe vriendin er naar.

‘Claer, zeg eens eerlijk, er is iets met je nietwaar? Ik voel het, je bent niet voor niets zo nerveus.’
Met een gekwelde blik dacht Claer een ogenblik na en barstte los in een huilerig gekakel.

‘Het is 2Macho,’ schreidde ze, ‘2 is de knapste haan van de hoeve, moejeskijke’ en ze haalde een pasfoto tevoorschijn van een inderdaad zeer aantrekkelijke haan.
‘En hij wil me niet, ik ben te vet, zegt ‘ie. Hij heeft liever zo’n lellevel, sniksnotòktòòk..’  Verdrietige tranen maakten sporen op haar mollige borstveertjes.
Ach. Jolita was begaan met het arme kippetje en probeerde het op te beuren.
‘Kom op, ik weet zeker dat we straks andere hoeves tegenkomen, daar lopen vast verstandiger hanen. Echte mannen, lieverd,’  ze trok een deskundig gezicht, ‘hebben liever echte vrouwen!’

‘Zou je denken?’snifte Claer.
‘O,  zeker!’

Claer liet haar ogen over Jolita’s weelderige bouw glijden waarbij ze de volle uier opmerkte.
‘Uh, lieve Jolita, is het nog geen melktijd?’

© Bertjens.

Advertenties

Over marineren van vlees

Vlees eet ik niet altijd, een enkele keer een biefstuk of kippenboutje wat ik in de pan gooi met boter, zout en peper.  Makkelijk, smaakt overal bij en het is nog lekker ook.
Voorheen deed ik er meer moeite voor, vooral als het hele gezin bij elkaar was. Lekkerbekken zijnde zaten ze watertandend met vork en mes in de aanslag te wachten op wat komen ging.
Hoe meer hoe liever en graag veel vlees.
Dat kregen ze.


Vlees verwerken is een dankbaar werk omdat er veel mogelijkheden zijn er iets meer van te maken.
Marineren is er een van
Zoveel hoofden, zoveel marinades. maar vaak komt het neer op kruiden, mosterd, uien en wijn/azijn. Soms bier.
Zelf ken ik nog cola(lekker) en fruit, bij varkensvlees en kip een flinke lepel sambal oelek.
Maar koffie, melk, thee? Nee daar zou ik nooit op gekomen zijn.
Op deze site  lees je over andersoortige marinades en waarom ze gunstig zijn.
Misschien voor U bekend, voor mij nieuw.
Eet ze.

Warm eten

Rond vijf uur liep ik door de straat.
Etenstijd, een feestje van geuren.
Bradend vlees, ergens stond soep op het menu, verderop nasi of bami en ik denk snert te hebben geroken. Niet alles kon ik thuis brengen, het was allemaal verleidelijk.
Het maakte hongerig.
Ik dacht aan het broodje dat me wachtte. Is ook smakelijk maar met een hoofd vol lekkernijen kwam het me armzalig voor.
Watertandend, kwijlend bijna hield ik mezelf voor: waarom zou ik niet nog eens koken? Wat was er mis met tweemaal op een dag warm eten, het lijkt me juist gezond. Een schaal verse groente en aardappelen met donkere jus, misschien wat extra’s erbij, rijst met kip? Soep?
Zo liep ik met mijn gedachten aan eten te denken dat ik ineens in de supermarkt stond. Ik zweer je, het was niet gepland.
Toen kwam ik tot bezinning en kocht een krop sla. Voor morgen.


ALARM, we leven nog.


ALARM. Van roken ga je dood Alle tabak de wereld uit.
ALARM. Spinazie zit vol nitriet. Alle spinazie doordraaien.
ALARM. Te bruin brood deugt niet, het wordt geverfd. Alle bruine broden de zee in.
ALARM. Kip kan salmonella bevatten. Alle kippenvlees doodkoken.
ALARM. Ouderen drinken teveel alcohol. Alle drank verbieden.
ALARM. Agrariërs verpesten de grond. Alle boeren opsluiten
ALARM. Er komen…
ALARM  ..vast nog veel meer…
ALARM  ..vreselijkheden voorbij.

En zo worden de mensen ouder, blijven ze langer actief, hoera.
Bijtend op een naturel houtje, water drinkend uit veilige bronnen. Schoffelend in geschoonde grond tussen wormige worteltjes. Hebben ze toch nog een stukje vlees.

Natuurlijk, zo overspannen reageren we niet (meer). We weten wat er bedoeld wordt en matigen onze eet- en drinkgewoontes.
Maar ik mis de spontaniteit. Onwillekeurig denk je bij elke bitterbal of biertje: eigenlijk niet gezond maar voor die ene keer, het is weekend/vakantie/feestje/enzovoorts.
Doodjammer.

Over geestelijke gezondheid durf ik niet eens te denken. Door bovenstaand gedoe beweeg ik me toch al schichtig door de supermarkt.
.

Geklets

Bij onderstaand plaatje hoor ik Moe’s woorden weer: jij kletst als een kip zonder kop. Daar puzzelde ik over. De eerste keer dat ik een kip zonder kop zag was ik nog heel klein en begreep absoluut niet dat iemand mij met die dooie kip kon vergelijken.
Eerlijk gezegd nog steeds niet.