bang

Met blote biene naar bed!

Ach ach, wat waren ze toch simpel, die ouwe opa’s.
Een straf, noemden ze dit en kleintjes liepen er in.
De Tientonen, ook zoiets. Die zaten in de sloot onder het kroos en konden je pakken. (tonen was Hollands voor tenen).
Pas op voor de bed-uul, hoorde ik een Brabantse vriendin haar kinderen waarschuwen, toen al oubollig.
Tja.
Hier dacht ik aan toen we spraken over een andere herinnering, van een kennisje dat haar kind  dreigde: beter je best doen of je hoeft nooit meer naar de tandarts, ik sla ze er allemaal uit.
Nounou, dat kwam hard aan, we wisten niets te zeggen en vonden het keihard. Tot we het kind zagen grijnzen, het lachte de moeder finaal uit.
We zuchtten van opluchting.
_
Tijden veranderen.
Ik weet niet of kinderen nog steeds vermaand worden met fictieve engerds, het zal in dat geval iets zijn uit de E-sectie.  Een muilworm met grote tanden, creeps die je Instagram leeghalen, valse lurkers, ik roep maar wat.
Of wordt er teruggegrepen op Sinterklaas en zijn Pieten?
=
sprookje

Zomaar een sprookje, het betekent niets

Er was eens een echtpaar zo mooi,  zo liefdevol, je zou het niet geloven.
Met verrukkelijke kinderen en wonderlieve huisdieren.
’s Morgens had hij een baan en ’s avonds had zij er een, om de beurt voor het gezin zorgend, eens als ze waren over de taakverdeling.
Ze waren gelukkig.
Totdat…
… een knappe maar hebzuchtige heks rondwaarde, op zoek naar iets nieuws. Ze bekeek het echtpaar.
Ze gaf niets om gezinsgeluk maar deze mooie man wilde ze.
Verleidelijk ronkend op haar bezemsteel loerde ze door het raam.
Zong zoete liedjes in de nacht.
Smekend.
De man bracht de dagen vaker veilig thuis door, hij werd gevaarlijk warm als hij de knappe heks hoorde. Hij bekende zijn vrouw dat hij liever trouw bleef maar die heks was te toverachtig om te ontwijken.
De vrouw bedacht iets.
‘Het is riskant, zei ze ‘maar dit kan zo niet blijven. Ga haar vannacht tegemoet en blijf stilstaan. Kijk haar niet aan, anders ben je verloren.’
Hij ging.
De heks gilde verrukt, trok hem mee.
Hij keek smekend achterom, ‘…één keertje…’ en bezweek.
Bedroefd keek zijn vrouw hen na, ze mompelde iets.
Het was beslist een vloek, in twee minuten waren man en heks verschrompeld tot brandnetels.
==

Geen categorie·moppen

energie-rage-mop

‘Duurzame energie uit een box ter grootte van een accu? Dat klinkt te goed om waar te zijn...’
Toch wordt het beloofd, lees het in  http://www.bloom-box.nl/nld/
Over vijf tot tien jaar zal het in elk huishouden staan, verwacht men.
Nu is nog een beetje duur, $ 750.000.
Voor dat geld koop ik liever een compleet huis-met-kachel.
Herinnerd, een rage in de brugklas.
Flesje cola, 1 of 2 aspirines erin, schudden, laten bezinken en opdrinken.
Dan werd je high, zei de een.
Nee, sexy, zei de ander.
Nee, wild, aldus de volgende.
Alleen een paar jongens probeerden het uit. Nooit meer wat van gehoord. Van de uitwerking, bedoel ik.
Mijn kinderen lachten zich ziek om zoveel onnozelheid hetgeen me argwanend deed vragen of zij een beter middel kenden?
Geen antwoord.

Een coronamop heb ik niet voorhanden, althans geen goeie.
Een oudje van Max Tailleur is ook wel aardig. Uit 1972 dus je mag hem antiek noemen.
schelden

Schelden

Er stond een jong gezin voor de winkel.
Donkerharige kinderen, moeder met hoofddoek.
Het jongetje wees naar de mand met gekleurde ballen die buiten stond, het meisje reikte er al naar. Moeder schudde nee en trok de kleintjes mee verderop, een gewone  gezinssituatie.
Plots een loeiharde kreet:  BEDELAARS.
We keken op, zagen een jochie dat wees naar het gezin en opnieuw schreeuwde: BEDELAARS.
Toen zag hij dat wij hem boos aankeken en fietste razendsnel weg. Het gezin was al verdwenen.
De vrouw naast me riep hem na:  ‘Heb je zeker van jullie pap geleerd?‘ Hij hoorde het niet.

Nu weet ik wel dat dit weinig voorstelt vergeleken bij haatuitingen op twitter e.d.  Ook in  grotere plaatsen in de omgeving zijn we wel wat gewend.
Hier was het zo onverwachts, een ventje van hooguit tien met een halfwas fietsje, op een stil dorpsplein. Misplaatst eigenlijk.
Zo’n rotkoppie met brutale ogen maar zo heb ik het waarschijnlijk wìllen zien.
==

.

tv-programma

Heel Holland Bakt

Daar kijk ik graag naar.
De deelnemers zijn gewone mensen, je kunt met ze meeleven zonder je belazerd te voelen.
Bij bee-enners voel ik dat wel door de nepperige humor, ze ‘doen’ hun grappen en oeps-foutjes. Dat zou niet erg zijn als ze echte acteurs waren maar soms lijken ze van een b-garnituurtje. Of verderop het abc in.
Het kan ook anders zag ik gisteren, er was de nieuwe serie Langs de Rijn,  gepresenteerd door Huub Stapel en dat is wèl een goede acteur, hij deed tenminste vrij normaal.
Misschien een kwestie van smaak.

Daarna Andere Tijden Sport, een nostalgisch programma.
Om de sport geef ik geen zier maar ik zie meteen mijn man voor me die nu al rechtop zou gaan zitten, ‘dat weet ik nog...’ roepend.
Sportkijkers zijn in hun enthousiasme net kleine kinderen, iets wat hij mij verweet als ik keek naar Maya de Bij van wie niemand kon ontkennen dat ze echt goed was.
Ook dat was een smaakkwestie.
Waar we niet uitkwamen en een beetje melig ruzieden hetgeen uiteindelijk leuker was dan Sport en Maja samen.
Echtelijke neptwisten.
Bijna net zo goed als Bakkend Holland.
==

lezen

Ik leef mee

Er hing een geur sigaren en cognac. Het overviel me bij het lezen over een bruiloft.
Nou weet ik wel dat mijn verbeelding gauw op hol slaat maar dit ging me te ver, ik lag in bed!
Anderzijds vind ik het juist lekker om me in te leven. Zoals er gezwijmeld wordt bij plaatjes van poesjes, hondjes en ander dierlijk liefs zit ik ademloos boven vertellingen met beeldende taal. Ik ben geen filmfan maar stel me voor dat kijkers hetzelfde ervaren.
Soms charme, soms keiharde rotzooi. Ziekte, ellende en dood horen daar ook bij.
Met die laatste onderwerpen is het oppassen, is de sfeer tè indringend dan voel ik me niet lekker en roep mezelf tot de orde: stel je niet aan.
Je kunt nu eenmaal niet alle narigheden uitbannen, ook niet in films en romans. Zelfs veel kinderen lezen en zien liever zieligheden, enge dingen en opwinding.
Met elkaar in tegenspraak is het wel: ontspanning dient levensecht te zijn, op zich al een contrast voor velen.
Maar ja, een ‘gewoon’ leventje is niet veel aan, dat hebben we thuis meestal ook.
==

man vrouw enz.

Man spreekt

Kerels? Een slag apart.
Vrouwen? Niet te rijmen.
Kinderen? Altijd maar afwachten.
Dieren? Gadver.
Planten? Jèk.
  – Jij leeft zeker alleen?
Neenee, ik woon met mijn vrouw, ouders, zonen, dochters, kat en hond en heb een tuin rondom het huis.
  – Wat zeur je dan?
Ik zeur helemaal niet.  Zo is mijn ervaring.
  – En wat vind je van jezelf?
Niks. Ik ben de baas van het spul.
 – Maar je bent een man, dus ook een slag apart.

Dit is niet helemaal verzonnen.
Een paar jaar geleden spraken we  iemand die op deze manier zat te jeremiëren, ontevreden over zijn inwonende ouders, kinderen en kippen. Bloedserieus zei hij letterlijk:
 ‘Een gewoon mens zou het niet aankunnen, het is maar goed dat ik me kan aanpassen’.
Hij snapte niet waarom we lachten.
==

naar eigen beeld

Jezelf af- en uitbeelden?

Oud gegeven, blijvend actueel.
– ‘Je tekent ongemerkt altijd naar je eigen beeld,’ las ik eens.
Het intrigeerde me toen, ik wist niet of het klopte en dacht aan spiegelen.
De meeste klasgenootjes bakten er niet veel van, ik ook niet, je lette er niet op en het zinnetje verwaterde in mijn geheugen.
In de tekeningen van onze kinderen zag ik dat er waarheid in deze opvatting school; af en toe zagen we duidelijk overeenkomsten tussen kind en tekening, zelfs in de koppoters.
Toen ik later deze stelling weer tegenkwam ging ik op zoek; de kinderkunsten zijn verdwenen naar speurend in eigen krabbels legde ik er pasfoto’s naast en zag wat er bedoeld werd.
Het gaat niet zozeer om de uiterlijke kenmerken, het is meer je eigen oogopslag, het wezen, de ziel, hoe je het ook noemen wilt, die je vastlegt. En die vond ik vrij vaak terug in eigen werkjes.
Voor de aardigheid maakte ik een schetsje en bleek opnieuw een ‘zelfportret’ te hebben gemaakt.
Ingebakken in de mens? Te vergelijken met je  karakter dat je -onbewust- in een verhaaltje vertoont? Want wat is schrijven anders dan tekenen met woorden?
Om over na te denken. Het werpt een verhelderend licht op eigen onkunde om geloofwaardige personages op te voeren,  fantasie reikt blijkbaar niet verder dan je spiegelbeeld.
Zodoende begrijp je dat het scheppen van beeldende kunsten en literatuur voor slechts een kleine groep is weggelegd.

ps  ←Bij deze Mona Lisa had Da Vinci vreemde gedachten.
==

vakantie

Thuisvakanties

Soms bejubeld, tot voor een paar jaar terug ook door mij.
Voorheen vond ik het lekker. Geen herrie en ik voelde me  echt ‘op me eige’.
Zodra de druk van scholen niet meer telde en de kinderen hun eigen zomer bepaalden planden we onze vakanties na de bouwvak, dan hadden we tweemaal achter elkaar een paar mooie weken.
De rustige op eigen stoep, daarna de echte.

Nu echter word ik er na een week of anderhalf ongedurig van.
De planten geteld hebbende is het wel èrg stil, een achterfje is niet hetzelfde als een mooi natuurgebied waar je van de rust geniet.
De kwestie is dat je de herrie van vroeger niet meer hebt. Er zijn veel minder kinderen en die zijn òf van babyformaat of ze zitten binnen, grotere kinderen gaan op pad, op kamp.
Buurtfeestjes zijn uitgestorven op een enkele verjaardag na, muziek hoor je zelden. Barbecuën en verbouwen wordt nog wel gedaan maar niet meer op grote schaal.
Heel fijn.
Maar de hang naar rust is nu verdwenen, in vakanties wordt het uitzicht op de stilte van schuurtje, schuttingen en buurtuinen tergend saai.

Ik zoek iets, afleiding.
Zodoende heb ik uitgekeken naar een eigen vakantie.
Met een buurvrouw zocht ik naar korte tripjes, per avontuurlijke bus of boot, of wat dan ook.
We hebben er een paar op het oog en vergelijken datum en tijd.
Een dezer dagen zijn we weg en als het me bevalt ga ik alsnog verderop.
Wordt het hier ook eens rustig.
==

.

fruithapje

Fruitbomen in bloei.


Daarmee  begon het.
Dan hoefden we maar te wachten tot we stiekem naar het erf konden.
Als indianen door het gras sluipend zochten we naar afgevallen peertjes. Of appeltjes, wat er maar op de grond lag.
Lekker waren ze niet. Hooguit een paar centimeter dik, groen, onrijp en bitter, door de boom als overschot afgestoten.
We aten er gretig van. We moeten gekokhalsd hebben maar dat herinner ik me niet.

Gestolen goed gedijt niet.
Straalmisselijk werden we, krampende buikpijn was ons deel en elk jaar kregen we iets lulligs te horen als ‘het gaat wel over voordat je een jongetje bent.’

Achteraf denk je: wat bezielt kinderen.
Tegen beter weten in, buikpijn op voorhand incalculerend en boze ouders erbij. Vooral mijn vader werd razend, we mochten helemaal niet op het erf komen.
En toch deden we het weer.
Ik geef niet graag toe dat we dom waren, maar wat dan wel?
==