We zullen doorgaan

Het is stil in de straat.
Een enkele flinkerd veegt wat vuurwerkafval weg, een dappere loopt met haar hond.
Het is pas half negen en ik kruip weer in bed.
Pech. Slapen lukt niet meer.
Draai naar links, rechts, op de rug.
Plots klinkt een verlate knal. Meteen zit ik rechtop en grijp verbolgen naar het kladblok voor een woeste log.
Ik leg het blok weer weg.
Waarom zou ik? De blogstop van de laatste twee dagen beviel prima, het jaar was zó om. Toegegeven, het was een kortje, ik zou er een echt jaar achteraan kunnen plakken.
Maar dan.
Zit ik waarschijnlijk vanavond al met jeuk in het hoofd: zal ik dat rijmpje, versje, verhaaltje effe doen? Die rare wolken bijtekenen, ook leuk werk. En het vertrek van de kerstboom zingt door me heen. En…
Krijg je dat weer.

Eenmaal beneden zie ik een overgebleven halve tomaat. Hij kijkt me uitdagend aan, verrimpeld maar ik lust hem rauw.
Na een wijnavondje heb ik meestal honger. Na een bieravondje trouwens ook. Altijd, eerlijk gezegd.
De tomaat doet me goed, de laatste vitamien die er nog in zat was net genoeg om het kriebelhoofd te genezen: ik blog door en geen gezeur.

Ehm, effe denken…
===

Politiekziek


Af en toe steekt HAP de kop op. (Hekel Aan Poltitiek)
De afgelopen weken waren de eerste symptomen weer merkbaar; jeukvingers bij het lezen van de krant,  loopneus bij het horen van regeringsnieuws. En nog veel storingen meer. Terwijl ik er niet eens verstand van heb.
Negeren, het leven zèlf is politiek en dat kun je niet ontlopen. Kom op Bertus, beetje flink zijn.–  Mijn betere ik.
Zo sukkelde ik verder met klachten en klachtjes die mijn dapperheid behoorlijk ondermijnden.
De bijna-genadeklap kwam donderdag jl. Zappend kwam ik bij de televizierring terecht en wat zag ik?
Rutte.
Niet eens de echte maar dit was al beroerd genoeg, hij was zo mogelijk nog vervelender en schijtlolliger.
Snotterend en krabbend wierp ik me op de ab en gooide hem naar het scherm. Mijn avond was stuk.
Nogmaals probeerde ik me flink te houden. Helaas, HAP won terrein, ik werd gek.
Tromp. Clontin. Abrabas. Kerrrieta. Partipragormas. Wirdler.  Onze Bruggemeester….
Tot ik vanmorgen jammerend in de gang op mijn knieën zat, bezig de krant terug naar buiten te duwen.
Toen kwam ik bij zinnen en besloot in therapie te gaan:  politieke stilte tot na de verkiezingen.
Hier en in Amerika.

Muggen


Ze zijn elke zomer een probleem. Zelf heb ik er geen last van en nu ik weet dat je een muggensteek te lijf moet gaan met een varenblad waardoor bult en jeuk verdwijnen neem ik ze nog minder serieus. Er staan genoeg varens in de tuin, wat kan mij nog gebeuren?

Hadden we dit maar eerder geweten, wijlen echtgenoot was een modelslachtoffer. Ze wachtten hem op; ik weet wel dat ze op geur afkomen maar het leek hem of ze in in hinderlagen zaten; onder bed, achter gordijnen,  alle duistere spelonken werden benut door muggenvolkjes die stiekem uitkeken naar P. Likkebaardend,  je reinste minidraculaatjes.
Met de kennis van nu zou ik het bed beleggen met varens dan wel een kermisbed opmaken in de achtertuin. Wat een genot zou dat geweest zijn, het woord alleen al.
‘Gaap, ik duik vast in de varens.’.
‘Hmmm, er gaat niets boven verschoonde varens.’
Alleen ruzie zouden we moeten vermijden.
Zou doodjammer zijn te horen:
‘Dag schat, varen wel.’