Fragment René van ’t Hof

https://youtu.be/8cPD0pHYABg
Uit  café lehmitz
Gekozen door
Romana Vrede in zomergasten     (VPRO  Janine Abbring).

Ik kende het fragment maar dacht nu pas terug aan iemand die vergelijbaar gedrag vertoonde.
Hij handelde niet zo uitgebreid maar in wezen deed hij precies hetzelfde. Zijn ongegeneerde manier van eten, kleedje vouwen en gladstrijken enzovoorts, alles of hij alleen op de wereld was.
Het was onprettig om aan te zien, aandoenlijk en irritant tegelijk temeer omdat hij een helder verstand had. Je dacht dat hij zich allerlei dwangmatige aanwensels eigen maakte, het typische gedoe van iemand die te lang alleen woont en te weinig onder de mensen komt.
Het ging verder dan dat, bleek later..
Wat het dan wèl was?
Dat zijn we nooit te weten gekomen.
.

 
Advertenties

Ongewenst bezoek

Op de markt liep ik een dame tegen het lijf aan wie ik een grote hekel heb. Beleefdheidshalve bleef ik staan bij het ‘Hallooo, hoe gáát het met je.’
Het praatje eindigde met ‘vandaag of morgen kom ik efkes an.’
‘Ik ben nooit thuis’ zei ik gauw.
Later, bij de koffie, bedacht ik dat het echt iets voor haar was om met etenstijd binnen te vallen en hongerig naar het brood te kijken. Ik deed er beter aan de poort op slot te houden.

Te goed herinner ik me de keer dat een irritant echtpaar op de stoep stond en ik niet opendeed. Na drie maal bellen  hoorde ik ze weglopen, ze gingen achterom.
Ik vloog naar het keukenraam, trok de gordijnen dicht en draaide de deur op slot.
O god, de gordijnen sloten niet aan en ik hoorde de poort al.
In paniek dook ik naar de grond waar ik onder het raam ging liggen, strak tegen de muur.
Net op tijd. Ze rammelden aan de deur, scharrelden bij het raam, murmelden. Gesmiespel. Weer stilte. Een harde tik, voetstappen en de poort die met een knal werd dichtgegooid.
Ik bevroor.
De spiegel, ik had niet aan de spiegel gedacht. Die hing tegenover het raam en de plek waar ik lag. Als ze naar binnen keken moeten ze me hebben gezien. Een klassieke spotprent.
Toch beschaamd kroop ik overeind en was naderhand opgelucht te merken dat ze me niet zagen. Of het niet wilden zeggen. Dat kan ook.
Nu deze dame nog weg zien te houden.
Of zal ik een fort bouwen?