gasten

Beetje lang logeerpartijtje.

Laat opgezeten, gekletst, gegeten, glaasje erbij.
Fijn, een weekendje met z’n drietjes, daar fleurde ik helemaal van op.
En hun hond.  Die kwam niet goed op de foto maar op pixabay vond ik deze die op haar lijkt, een poolhond maar ze is ook lief zonder slee.  We kunnen het goed met elkaar vinden en ze liep me achterna als een, juist, een hondje. De lieverd.
Nu het journaal, daarna inhaalwerk, ik zal zien hoe ver ik kom.
Groetjes.
==

hondenvoer

Lever en pens.

Uit boek 1946.

Je zou het maar  hebben en gestoofde lever moeten eten.
Gebakken lever met champignons roken heerlijk en smaakten ook. Maar dit.
Eén keer at ik het.  De geur en smaak vielen niet mee,  veel minder lekker dan het broodbeleg van de slager.
Het een heeft niets met het ander te maken maar het deed me denken aan de pens die mijn moeder kocht, voor de hond. Dat was nog erger,  ze bewaarde er speciaal een oude pan voor  en kookte enorme brokken. Alleen als er niemand anders thuis was, voor de geur.
Maar ja, geen afzuigkap. Ondanks open ramen stonk het hele huis ernaar, we vielen haast flauw zodra we ons huis naderden.
Waarom moest dat nou, vroegen we, er is genoeg ander voer, de meeste honden eten gewoon met de pot mee.
Het was super gezond, volgens moe, herders (een mechelse) zijn groot en moeten sterk blijven.Dat hoort bij deze soort. Nou ja zeg, een gewone huishond hoeft toch niet extra sterk te zijn. Vonden wij.
Waarom stonk dat spul zo walgelijk alsof het bedorven was? Een slager legde het uit maar ik weet niet meer van hoe of wat.
Maar goed, de hond was inderdaad een loeisterk beest die we geen van allen de baas konden met de riem, hij sleurde ons de straat over. Wat wil je ook met die pannen vol pens.
Door omstandigheden was hij na een paar jaar weg.
We zuchtten van opluchting, dag hond, dag pens.
Voor degenen die denken dat ik overdrijf: probeer het zelf uit. Sterkte alvast.
Dan nog liever de lever.
==

kerst

Na de Sint

Het zijn dagen van vrolijkheid al vieren we het Sinterklaasfeest niet. Een grote chocoladeletter – of twee – en daarmee is het bekeken.
Intussen bedenk ik wat te doen met de kerst.
Natuurlijk wordt er een dag  samen gegeten en met een glas – of twee –  de avond doorgebracht, dat staat vast.
Daarmee begint het gepieker, een aangenaam gepieker moet ik zeggen.
Wat en welk en hoeveel van alles en dessert of ijs? en welke wijn of bier en horen chips bij kerstmis? maar kaas gaat er altijd in en andere hapjes ook en mag hun hond ook een kerstbrokje of beter van niet …
Fijn om voor te bereiden en vurrukkulluk alles op te eten.
Maar ook ben ik blij dat we dit maar één dag doen, ik moet er niet aan denken zoiets voor twee of meer dagen te verzinnen  terwijl de tweede dag  broodnodig is om uit te buiken.
De rest van de maand ben ik weer baas in eigen huis.
Nu eerst een besluit zien te nemen over boom en versiering.
Ja-nee-waarom niet of wel wanneer en in welke hoek en waar waren die reservesnoeren ook alweer…
==

dromen

Twee zielen één gedachte?

’s Morgens vertelde ik mijn droom over een echtpaar met een irritante hond. Halverwege viel echtgenoot in en maakte het verhaal af.
Ik stond paf, hoe wist hij dat? Simpel: hij had ongeveer hetzelfde gedroomd.
Zonder in paranormale hocus pocus te vervallen probeerden we het te beredeneren.
Waren we zo close?  Blaften we elkaar toe in bed? Hadden we  Bonzobrokken gegeten?  Nou nee…
We denken dat het misschien begrijpelijk was en wel hierom.
Al enige tijd was er ergernis over een doorlopend keffende hond in de straat.
Niemand wilde er ruzie over maken, we riepen af en toe ‘koest’ wat niets hielp en we waren het erover eens dat het een vervelende kwestie was.
Het hield ons nogal bezig, niet gek dat je dan een keer droomt over iets dergelijks.
Het is de enige logische verklaring die ik kan bedenken.

Een vriendin herkende het van haar dochters met een vergelijkbaar verhaal, het komt dus vaker voor.
Een eigenaardige ervaring.
Voordien en naderhand maakte ik het nooit mee maar misschien herkennen  de lezers het wel.
==

oude foto's uitzoeken

Fotowerk vordert


Hoe moest ik dit aanpakken… zucht.
Om te beginnen alle albums  bij elkaar leggen, daarna map voor map leeghalen, bekijken, eventueel apart houden.
Op jaartal leggen of per feest? Per kind? Het eerste lijkt me logischer.
Natuurlijk ga ik niet de hele berg hier showen, enkel een paar die me opvielen.

Deze is van de bevroren Gouwzee waarbij Moe het jaartal 1963 zette, ik weet niet of dat het juiste jaar was.  In 1963 was ook de Maas bevroren, gebeurde niet vaak. We woonden nog in Katwijk/Cuijk en maakten het mee, heel bijzonder. Helaas geen plaatjes.

December 1981. Deze foto begint onderhand ook bijzonder te worden, het zit waarschijnlijk in alle familiealbums.
==

nestelen

Nestelen

Vanmiddag overkwam het me weer.
Uitrustend in de luie (tuin-)stoel zat ik niet lekker. Kussen verleggen. Ietsje naar links, naar voren. Hoofdsteun verstellen. Opstaan en stoel verschuiven,
Nu was het goed. Hoewel, een beetje de rugleuning naar achteren zou beter zijn en die voetenbank juist meer opzij.
Klaar.
Ik nestel me verzaligd en…verdorie, een plooi in het shirt, dat irriteert. Opstaan en rechttrekken. Ho, teveel, nu staat het te strak in de nek…..
Als een hond die tienmaal ronddraait voor hij de juiste houding vindt.

Echtgenoot heeft dit vaak met verbazing zitten bekijken alsof hij een lachfilm zag.
Maar ik doe zoiets niet om leuk te zijn, integendeel, ik vind ook liever meteen die juiste houding. Nu ben ik bekaf voor ik kan beginnen met uitrusten.
Ik vraag me af waar het fout ging.
Zou mijn moeder teveel naar de hond gekeken hebben toen ze zwanger was van mij? Ze was nogal gek op het dier.
==

lachen

Zuur

Een vrouw die we kenden was op bezoek in een woning langs het spoor.
Halverwege de koffie met gebak denderde een trein langs. Ze schrok vreselijk, haar voeten wipten op onder de salontafel die mee wipte en ja, alles lag op de grond. Inclusief haar koffie.
Paniek en gelach volgde.

Op een feestje lag de hond (groot formaat) half onder een bijzettafeltje.  Ook hij schrok ergens van. ging zitten met het tafeltje op zijn kop, glazen en hapjes donderden op de grond, enfin, paniek en gelach.

Tijdens een logeerpartij kregen we een slaapplaats met het hoofdeinde vlak  onder een schuin dak.
Wat te verwachten was gebeurde.
Man schrok ergens van, kwam overeind, stootte zijn hoofd, ik deed met hem mee en…
Er werd niet gelachen.
===

kat en muis·katten

Kat en muis

Hoewel ik geen kat meer heb is er nog wel een aardige herinnering.

We hadden muizen, in de keuken en rondom de schuur.  De hond, een gemakzuchtige spaniel, deed er niets aan.  Die sliep alleen maar.
We plaatsten muizenvallen. In de keuken, onder het afdak en bij de schuurdeur.
Zielig, ik weet het, maar we waren ten einde raad, het muizenidee was onverdraaglijk.
De volgende ochtend waren de klemmen die buiten stonden verdwenen.
Vreemd.
Nieuwe gekocht. Ook die verdwenen.
Enfin, we hadden geen last meer dus lieten we het zo.
Veel later spraken we een buurman die zei: Tommy (hun kat) kwam twee dagen op  rij thuis met een paar dooie muizen die nog in de klem zaten. Snap je dat nou?
We barstten in lachen uit en vertelden van de verdwenen klemmen.

Het is bekend dat sommige katten hun prooi voor je neerleggen. Alsof ze de baas willen behagen. Of willen delen? Wie zal het zeggen.
Maar met klem en al, dat verwachtten we niet.

En dan nog wat.
Het was dezelfde kat die dagelijks een hapje kwam halen. Het beest had me er nooit iets van verteld.
==

schouwspel

Vreemd schouwspel

Wat ik nou weer tegenkwam.
Een hongerige vlo zat op een te magere kat en ging in drie sprongen via een lange hond naar een vet varken dat op een groot paard reed.
Een kip, gewend aan rennen, liep mee.
De bozige baas floot.
Het grote paard stopte abrupt, het vette varken rolde eraf en plette de lange hond en magere kat.
De hongerige vlo zette zich op de baas die hem doodsloeg.
De kippige kip rent nog steeds.

Als ik het niet zelf verzonnen had zou ik het nooit hebben geloofd.

Bloggende Rechter

Bloggende rechter,

‘…ik heb veel overlast van buren, het is een wonder dat ik nog niet in een inrichting zit.
Vanaf de eerste dag schrok ik me wezenloos van een geluid dat me door merg en been ging. Bleken ze een stofzuiger te hebben uit het jaar nul, rammelend en hikkend jaagt hij door hun huis.
Wanneer ze koken klepperen de pannendeksels luidruchtig.
Eindeloos laten ze de baby huilen, soms wel meer dan vijf minuten terwijl mijn arme hond na een uurtje al wordt uitgescholden.
Zomers zitten ze ’s avonds buiten en maar kleppen, mijn heggen verschrompelen van hun prietpraat en van stoelpoten die op de erfgrens staan. Moet ik dat pikken?
En dan hun bankstel. Zo onvoorstelbaar lelijk, wanneer ik langs hun ramen loop word ik duizelig van de vloekende kleuren die erdoor schemeren, dat doe je je buren toch niet aan. Waarom houden ze de overgordijnen niet dicht?

In het begin kwam ik er voor een kennismakingsborrel.
Toen liep het al snel mis, reeds na twee kopjes koffie serveerden ze grote bellen cognac hetgeen de gesprekken versoepelde maar waarvan de kwaliteit zo beroerd was dat ze me na enige glazen naar huis brachten en in bed stopten. De brutaliteit, ze hadden een dokter moeten bellen!
Nu ben ik aan de sukkel, door alle narigheid ontspan ik alleen nog maar met 3 kilo tranquilizers per dag.

Op een klacht bij de verhuurder werd niet gereageerd.
Evenmin op mijn voorstel de woning naast mij in het vervolg onbewoond te laten.
Bloggende rechter:
ik eis een rustige plek om mijn dagen te slijten, zonder gestoord te worden door luidruchtige buren.’
==