Wat wordt het nou…

…begeven we het straks door  stikstof
of stikken we van de hitte?
 

Heet


Het was bloedheet toen ik wakker werd. Zelfs in bed voelde ik het.
De vorst is verdwenen, dacht ik en sliep verder zonder dekbed.
Niet lang. Het leek zo raar dat april een hoogzomerse temperatuur bood, in de vroege morgen nog wel.
Zwetend zette ik de thermostaat lager, zag dat hij maar op vijftien graden stond. Toch vreemd, dan had het koeler moeten zijn.
De badkamer leek een sauna.
Aan het ontbijt werd het nog warmer.
Ik besloot de weerman te bellen.

Goedemorgen meneer, kunt U me uitleggen waar die hitte vandaan komt?
– Vóórzomer mevrouw, heel normaal hoor.
Jawel maar het moet hier nu ongeveer 15 graden zijn en het lijkt eerder tropisch.
– Mevrouw, U heeft waarschijnlijk een heet brein.
Een wàt??
– Een heet brein. Bent U soms bijgelovig?
Eh, ja maar wat heeft dat met hitte te mmaken?
– Daar heb je het al. Klopgeesten, zwarte katten of wat dan ook.
Ik sta paf meneer, hoe werkt dat dan met het brein?
– Weet ik veel. Ik hoorde het toevallig.
En wat moet ik daar aan doen?
– Simpel. Werp het van U af en leer nuchter te denken.
Dank U wel meneer, ik zal mijn best doen.

Wat nu. Nuchter denken, hoe zou ik dat moeten leren?
Rondkijkend zag ik niets wat mijn bijgeloof zou temmen.
Misschien bood de krant een tip, ik sloeg hem open bij Dorpsnieuwtjes
Speurend naar mogelijheden stond mijn hart plotseling stil.
‘Jan Schildering liep onder zijn ladder door, enige minuten later liep zijn zwarte buurkater zich dood onder de trein.’
Maar… dat kan toch niet… ik flipte van ongeloof.
Dat is helemaal verkeerd, het hoort anders…
Eindelijk zag ik de nonsens van bijgeloof en begreep het nuchtere denken.
Een verrukkelijke verkoeling overviel me.
==