Oude verhalen en een vraag.

Bij het opschonen van de laptop kwamen een paar bijna-vergeten verhalen voorbij.

Ook oeroude, in oorspronkelijke vorm. Op de typemachine en enkele handgeschrevene, gescand. Waarschijnlijk was ik te lui om ze over te typen.

Grappig om terug te lezen. Het overdadige gebruik van bijvoeglijke naamwoorden; de overdreven uitleg, bang niet begrepen te worden. Ach gut, dacht ik, en zoiets stuurde ik zonder gene naar wedstrijden. Bloos achteraf. Lef berustte op onnozelheid.
Eén stukje werd in de schoolkrant geplaatst van dochter, met verbeterde tikfouten en al. Ze waren al blij dat tenminste één ouder interesse toonde.

Ik wil ze plaatsen maar moet ze eerst herzien en daarna uitzoeken hoe ik ze onder een link zet.
Weer een vraag: hoe doe je dat? Ze staan in Documenten.

Leesmiddag


Vanmiddag, bij het leeghalen van de zoveelste kast te (ik lijk er honderden te hebben) kwam een  ontstellend aantal mappen, losse vellen, schriften, schrijf- en kladblokken tevoorschijn.
De meesten zijn vijf à tien jaar oud maar ook getypte en handgeschreven stukken zaten erbij.
Wat moet je met zoiets, meteen bij het oud papier kieperen?  Misschien het verstandigste. Ja, maar toch, er was al zoveel weggegooid.  Weifelend door een paar verhalen bladerend  raakte ik geïnteresseerd
Uiteindelijk nam ik de stapel onder mijn arm en ging er eens breed voor zitten. De kast kon wachten.
Het werd een woordenslemppartij.
Veel stukken misten een hoofdstuk, toch amuseerde ik me kostelijk met flauwekul,  romantiek en idiote drama’s, vol doorhalingen en aantekeningen.
Schrijven is schrappen heet het. In deze schriften was het  knoeien hetgeen de pret aanmerkelijk verhoogde; al dat gekras maakte de plots alleen maar warriger met raadselachtige situaties.
Toen ik uitgelachen was  vond ik onderaan nog iets terug van de allereerste weblog. Een verloren gewaand voorleesverhaaltje en een vervolgverhaal in 24 delen. Helemaal compleet.  Als een extraatje.
Het was een van de gezelligste middagen van de laatste tijd.