De bijna ge-aarde zoon.

Magere Hein bekeek zijn zoon met ongeloof, ontzet klakte hij zijn hand voor de ooggaten.
Een kind van hem? Dit menselijke wezen?
Nu begreep hij. De mensenkleren, het eten. Gesloten badkamer.
Geschokt liep hij weg van het kiertje waar hij gluurde.
Goed dat hij het niet vertrouwde, nu kon hij er nog iets aan doen, hopelijk.
skeletwedding-1324049__340Huiverend dacht hij terug aan de trouwdag waarvan hij de foto definitief naar de hel verwezen had.
Zijn vrouw wilde zo graag ‘in kostuum’,  dat noemde ze sjiek.
‘Voor die ene keer,’ pleitte ze en hij gaf toe.
Stonden ze daar in dat kostuum en jurk, het was afschuwelijk, een vreselijke ervaring.
Nooit eerder had hij zich zo geschaamd.
En nu dit, een kind van zijn eigen bot en merg, hoe diep kan een geraamte zakken, vroeg hij zich af.
Hij verbeende zich en googlede een psychiater. Uitgebreid beschreef hij de situatie van een zoon die aardse kleding droeg en DIE VOLLEDIG OPVULDE, zich weigerachtig gedroeg tegenover zijn vader.
Laat hem,‘ luidde het advies, ‘hij wordt vanzelf ouder en zal zich met graagte ontdoen van het vlees. Hoe meer U  nu toegeeft, hoe eerder dat tijdstip zal aanbreken. Voer hem zoveel mogelijk vet en bier, biedt hem sigaretten en laat hem  luieren wanneer hij maar wil.’
Met grijnzend begrip las Hein de boodschap, als deskundige kende hij de symptomen en zijn zoon zou het ook leren. Met praktijklessen, een kostelijk vooruitzicht.
Zo geschiedde.
Zoon genoot een paar verrukkelijke jaren tot hij de trap naar de vliering niet haalde, misselijk en amechtig beklom hij twee treden en viel neer, grijpend naar zijn nietbestaande hart.
Vader Hein zag het aan. Hij gaf geen commentaar, verbeet slechts een grijns.
En inderdaad, met graagte liet de jongen zijn vlees vergaan.

Het is al duizenden jaren geleden maar ze hebben het er nog vaak over.
Zoon en zijn vader.
=

 

Niet echt blij

De aller-allerlaatste foto is bekeken en op de juiste plaats terechtgekomen.  De allerslechtsten zijn verscheurd en weggeggooid.
Het cryptogram is af en ingestuurd, de volgende ligt klaar.
Bed verschoond.
Shirt ingenomen (met lijmpistool).
Bijzonder lekker warm gegeten.
Paar wandelingetjes gemaakt, 1 droog, 1 met regen.
En er liggen drie biebboeken klaar waarvan ik hoop dat ik ze niet al eerder las.
Als laatste heb ik de zon besteld maar daar is geen zekerheid over.
Laat het weekend maar komen, dacht ik vanmiddag nog.
Het nieuws uit Nice echter geeft er een akelig smaakje aan.
==

Vis

Er kwam een stukje van Geubels’show voorbij, over eten in Nederland.
Het boeide me matig tot hij over haring begon.
Er kwam een herinnering boven
Kermis, stappen, lol en een bezoek aan de viskraam ter afsluiting.
Aanstaande hield van gerookte paling, ik van haring met veel uien, we bestelden flinke porties.
Daarna meurden we naar huis.
Het waren geslaagde avonden waarvan ik graag een foto zou hebben.
Maar ja, visetende geliefden waren niet gewild voor de camera.
=

Koel gevoel

Een ijsje, daar zou ik nu een moord voor doen, een grote  cornetto of een literbak van Hertog.
Waar die trek vandaan komt? Geen idee maar hij is er.
Het zit er nu niet in.
Ik neem genoegen met een ijzige foto. Oudje van november 2010.
Het heeft geen smaak anders dan dat het een mooi plaatje is maar ziet er  koud uit.
Sneeuw in die maand komt vaker voor, een laat bloeiende roos ook. Dat ze elkaar troffen zou een gedichtje waard zijn of een zoet verhaaltje. Ook dat zit er niet in.
Waarom die foto me juist nu in de handen loopt weet ik niet, er is niets wat me aan sneeuw en roze rozen doet denken maar het geeft in ieder geval een koel gevoel.☻
=

“I’m seeking a man”


Bertjens wou een man ontmoeten
vooreerst als vriend
eventueel
op vrijersvoeten
plaatste foto en profiel.

Men bekeek haar mild en lievig
en prees zichzelf
met veel elan
en positievig
als loyaal en zeer stabiel.

Bij het inzien van haar postvak
dacht ze ernstig
nu, wat moet ik?
Is er draagvlak
voor een deugdelijke deal?

Lezend in het mannenaanbod
viel het oogsten
ietwat tegen
nergens zelfspot
niemand een achilleshiel.

Ze sloot de site en stopte’t zoeken.
Niet eentje paste
teveel eisen
niets te boeken
geen man die haar eens echt beviel.
==

Zwart gat in beeld gebracht door telescopennetwerk


Heel  bijzonder
Opwindend ook.
Deze foto-uitleg is nog  te begrijpen, in feite weet ik nog steeds niet wat een zwart gat precies is. Of waar het toe dient, er van uitgaande dat alles in de natuur een functie heeft. Wat zijn de gevolgen voor de rest van het heelal? Worden ooit alle sterren opgeslokt? Gaat dat hel of hemel worden?
Uiteraard lees je over zwaartekracht en het opslokken van licht en van implosie, maar ik kan me er niets bij voorstellen.
Ook niet bij het lezen van sf’s waarin iemand erin gezogen wordt, eruit weet te komen en weer op aarde terugkeert waar blijkt dat er vele jaren voorbij zijn terwijl het slachtoffer zelf niet verouderde.
Dat ik praktisch ongeschoold ben helpt ook niet mee. Natuurkunde op de MULO hield maar een ietsje meer in dan spoelen maken, bunsenbranders en de Maagdenburger Halve Bollen.
Vraag ik het aan een slimmerik, dan komt die met de geijkte termen en kan ik net zo goed dit dit lezen.
Misschien wordt het me ooit duidelijk.
==

Haagbekleding

Welk dier maakt een web als dit?  Is het wel een web?
De bladeren zijn van een paar heggen die door elkaar groeien, misschien zegt de soort  iemand wat?
Elk jaar komen we de foto tegen en we weten nog steeds niet wat zich achter dat gordijntje verschuilt.
Dat het van een spin was geloven we niet, deze kleur en fijne structuur zie je niet bij een gewoon web.
Een paar keer  heb ik gekeken op insectensites maar de afbeeldingen vergallen mijn eetlust tot kokhalzen toe.
De enige plek waar ik iets dergelijks zag was in het Maasheggengebied, alleen waren de weefsels daar witter en zaten op meidoornstruiken.
(foto is van september 1911 met oude camera, let niet op kwaliteit.)
(bedoel natuurlijk 2011…)

Reuzenwesp of hoornaar?

‘Hoor je dat vreemde geluid? Zeker een nieuw soort helicopter.’ Kennis keek op.
We gingen naar buiten maar zagen niets en hoorden ook niets meer.
Weer binnengekomen vloog het vreemde geluid ons om de oren. We schrokken.
‘Tjeuss, dat moet een libel zijn, wacht, ik stuur hem naar buiten.’
Zwaaiend met een krant tikte hij het geval aan dat haastig de keuken in dook en zich verschool achter de de radiator.
Geschrokken keken we hem na. Het was geen libel maar een bovenmaatse wesp. Een hoornaar, denk ik.
We vonden hem niet meer en hoopten er het beste van.
Het zat me niet lekker. Van de meeste steekbeesten ben ik niet erg bang maar dit gevaarte vond ik eng, zo fors en luidruchtig, zal hij ook wel een groot ego hebben.
In sluipgang door de keuken en vooral niet kuchen of zoiets leek me het veilgst.
Het was onnodig. Plotseling liet hij een korte en zeer luide zoem horen en viel voorgoed stil.
We zochten en vonden hem op een schoteltje in de gootsteen. Gekrompen want kromgetrokken alsof hij buikpijn had, wie weet?
Voor de foto probeerden we hem recht te trekken.
Het lukte niet, hij hield zijn poot stijf. De andere vijf  ook trouwens.
We rouwden niet.

Vader en dochters

Ontspannen zoekt Brett de juiste afslag.
Spanje. Vrijheid. Nieuw werk, nieuw land, nieuw leven.
‘Een eigen huis, een plek onder de son,’ zingt ze. Goed,  pappa’s huis maar voorlopig is ze eigen baas en ze gaat ervan genieten, YES.
Het staat leeg en zij mag er in. Lieve pappa, haar zo te verwennen. Hij mag dan teveel vrouwenvlees hebben,voor zijn dochter heeft hij alles over; misschien omdat ze zoveel op hem lijkt? Nou ja, ze vergeeft hem sowieso zijn vriendinnen.
Daar is ze dan, weg van dat stomme baantje bij de helpdesk en ontsnapt aan die suffe Jack. Hij durfde niet mee, hij had het niet op buitenlanders, de lul.
Zij heeft durf genoeg, ze zal de Spanjaarden eens wat laten zien. Met een spiksplinternieuw kappersdiploma op zak gaat ze het maken.
Opgewonden stapt ze uit en bekijkt het huis.
Blij wil ze de deur open maken als er een meisje naar buiten komt. ‘O pardon,’ zegt Brett en doet automatisch een stap opzij. ‘Sorry,’ zegt het vreemde kind tegelijkertijd en zet eveneens die stap.
Wat is dit?  Onbewoond toch??
Nieuwsgierig kijken ze elkaar aan. Trekken dan hoog de wenkbrauwen op.
Hoe kan dat?  Is dit een spiegel?  Verbluft is hun staren, naar eendere ogen, mond, wenkbrauwen.
‘Wie ben jij,’ vraagt Brett tenslotte.
‘De nieuwe bewoonster, Brett. En jij?’ antwoordt het meisje. In het Nederlands.
‘Ik ook.’
‘Maar…’
‘Ik heet ook Brett,  heb de sleutel en ga hier een kapsalon openen.’
‘Hoe kom je op mijn idee? Dit huis is van pappa. Ik heb alle papieren, waar zijn die van jou?’
Ze vergelijken hun sleutels, briefjes met aanwijzingen en officiële stempels tot Brett een lichtje opgaat. ‘Wacht eens…’
Ze bladert en houdt een foto van pappa omhoog, ‘is dit jouw vader?’
‘Hè? Waarom loop jij rond met zijn foto?’
‘Luister,’ begint Brett, ‘mijn vader hield van eh, avontuurtjes…’  en eindigt met ‘…vandaar onze gelijkenis, wij zijn halfzussen, snap je? Hij gaf ons ook nog dezelfde naam, de komiek.’
‘Pfff, geen wonder dat moeder gescheiden is.’  ‘Wat dacht je van de mijne.’
Ze zwijgen, tegelijk en op dezelfde manier.
‘Jeetje. Hij is dus jouw en mijn vader  en heeft ons allebei zijn huis gegeven.’
Ze aarzelen, kijken elkaar aan.
‘Wat vind je ervan, samendoen dan maar? Ik heb al wat spullen.’
‘Tja, er zit niets anders op lijkt me.’
Zo is Spanje een dameskapsalon rijker.
COME 2 BRETT’S staat er op de ruit

© Bertie