bloembak·vervolgverhaal

Bloembakstory 3

bloemen wild-flowers-571940__340 - kopie
Wederom wekte de zon alle bloembakbewoners.
‘Oeaaaahhh,  ik droomde zo kwaadaardig dat ik er wakker van werd.’ het lobeliaatje rilde er van. ‘Een eng beest kroop tussen mijn blaadjes door…’
Distel verbeet een grijns. ‘Was het geen pedopad?’
‘Allez stekel, zo kannie wel weer.’  Hoofdzonnebloem riep hem tot de orde en sprak verder.
‘Er liggen inderdaad botjes maar ze zijn klein en vooral oud, dat is niets bijzonders, mol of muis. Iets anders is de waarschuwing die we kregen: er schijnt een bloemenhater rond te lopen, een ziekelijk figuur voor wie we moeten oppassen. Diverse parken zijn al aangevallen, hun perken onherstelbaar verminkt.’
Plots scheurde een knerpend ‘RRRRRRRRRR’ de stilte aan flarden. Geschrokken richtten de stelen zich op en zagen in het aangrenzende gazon…..
‘…een grasmaaier,’ schreeuwde Amarant. ‘Duiken!’
RRRRR en een schelle stem riep. ‘Hahaaaa, dat stomme bloembakvolkje, ik snijd ze allemaal de koppen af.’
Een paar nieuwsgierige klaprozen keken voorzichtig. ‘Een verknipte kikker,’ fluisterden ze en alle bloemen gaven het door.
‘Het is een gifkikker. Hij knipt gras en straks ons ook. Pas op!’
De kikker was behoorlijk vals en joeg met grote snelheid de maaier naar de bloemen. Trillend wachtten ze op de beul en toen…
RRRRchrrr–Knal! Pang! Rook, wieltjes en schroefjes vlogen de lucht in, de geschifte kikker erachteraan. What happened??
Versuft van schrik lagen de bewoners daar, voorzichtig hieven ze hun kroonblaadjes.
‘Hééj jongens, dat was goed hè?’ Een groepje kiezelige stenen stak hun duim op naar de bloemen die ‘Reuze bedankt’ riepen, nog maar half van de schrik bekomen.

De rest van de dag gebruikten ze om te herstellen van de enerverende dagen en een verdiend feestje te organiseren voor de kiezels.
Wat een meemaaksels, bijna onthoofd, enge dromen, traumatisch gewoon.
En nèt kwamen ze ’n beetje bij bloed toen er een vreemd figuur op de rand sprong. Het droeg een geruite puntmuts en  zwaaide met een loep.
‘Aangenaam, ik ben kabouter Holmes. Vertel het maar, waar zijn de vingerafdrukken?’
Het bloembakvolkje staarde hem minachtend aan en hij droop af.
Vingerafdrukken. Dom figuur.
==

zestien

… nee. Als je groot bent.

Als kind had je het gevoel te blijven steken rond het tiende jaar. Het schoot maar niet op en alle leuke dingen gingen je neus voorbij.
Uiteindelijk  was je zestiende verjaardag en mocht je meedoen.
Een deceptie, voor mij althans.
Ik schaamde me dood.  Pa en moe bekeken me trots en voor die glimmende gezichten mocht ik officieel een glas wijn of bier drinken, sigaret opsteken (andere tijden) en meepraten. Ik voelde me te kijk staan en was blij geen klasgenootjes te hebben uitgenodigd.
Ook werd ik geacht hiervan heel erg te genieten, godbetert.
Ik deed opzichtig mijn best me onhandig te gedragen. Dat was nodig om te verbergen dat ik al lang stiekem biertjes dronk en rookte.
Een zus en broer wisten dat. Natuurlijk. Ze grijnsden om elke beweging mijnerzijds en lagen krom toen ik als eerste mijn glas leeg had.
Enfin. Ik was groot.

Pa en moe hadden geen tijd dus geen notie van de gewoontes die hier in de dorpen rondom ons  normaal waren.
Meisjes uit mijn klas gingen op hun veertiende of vijftiende jaar naar de kermisdanszalen. Ze  rookten een sigaret, een enkeling had een vrijer. Werd geheel geaccepteerd zolang ze zich maar netjes gedroegen.
En dan je zestiende verjaardag feestelijk te moeten vieren met je zogenaamde eerste rook en glas.
Het ìs dat ik mijn ouders niet wilde teleurstellen maar anders…
==