Hoe feestelijk was kerstmis?

Het schiet me zomaar te binnen.
Dat de dag voor kerstmis spannend was en het feest zelf bestond uit lekker eten en lange hangdagen.
Dat er nooit een kerstboom was.
Dat vonden we niet erg, katholieken hadden een kerststal. Bij ons waren het hopeloze erfstukken, schaapjes met aangevreten oren en een Jezusje zonder neus, Maria nog half geverfd.
‘Volgend jaar toch eens nieuwe kopen‘  maar alles werd opgeborgen en het jaar erop weer uitgestald met nog meer gebreken.
Op kerstavond was het spannend, lampen uit, kaarsjes aan.
Er hing een tevreden sfeer,  aandoenlijk, met vlammetjes en oranje micaruitjes van de kachel als enige lichtbron. We waren rustig, het kwam niet in ons op te vervelen of te zeuren, we zongen lieve liedjes voor het neusloze kindeke.
Maar ja.
Na een paar kerstliedjes wilden de groten het licht aan, lezen, kaarten, handwerken en Pa zocht de krant.
Wij hingen rond de kaarsjes. Wie het langst zijn vinger in de kaarsvlam kon houden of heel langzaam blazen zodat het vuur nog nèt niet het strodakje raakte.
Natuurlijk werd het janken. ‘Hij duwde me, zij begon…
Even natuurlijk riep iemand ‘BRAND!’ voor de grap.
Dan was de kerstavond voorbij, we moesten vroeg naar bed en meteen slapen, dan mochten we mee naar de nachtmis.
Midden in de nacht op straat, goh!
==

Over vader- en moederdag

Echtgenoot en ik hebben veel moeite gedaan om de kinderen te laten afzien van het vieren van deze dagen. We vonden (en ik vind nog) het dagen waarbij een bloemetje of een ander kleinigheidje voldoende was.
Het ging moeizaam.
Er waren de tekeningen en ingefluisterde ideetjes van kleuter-  en andere juffrouwen. Dat waren vertederende cadeautjes waar je niet omheen kon.
Later probeerden we het uit te leggen, dat het opgedrongen feesten waren, te commercieel, niet nodig.
Helemaal zonder franje kwamen we er niet langs.
Dat maakten we af met  ‘Kopen jullie samen een bos bloemen, dan zorgen wij voor taart en wat lekkers.’
Niet alle kinderen hadden er vrede mee maar op de een of andere manier kwamen we er uit.
Gelukkig maar, deze dagen zijn geen onenigheid waard.