Over taal.


Moe was tamelijk fel op net taalgebruik.
Dit was niets bijzonders, dat waren de meeste mensen.
Het gros van de klasgenoten werd op gelijke manier opgevoed, vloeken of schunnige taal hoorden we zelden.
Toen kwamen we in Oost-Brabant te wonen.
De taal was anders. Makkelijker. Niet minder fatsoenlijk, wel vriendelijker.
Het kostte Moe moeite er aan te wennen maar ze deed haar best.
‘Nondeju’ accepteerde ze zonder commentaar, zij het met tegenzin.
Ik genoot ervan.
Niet omdat ik graag vloekte, het was het gemak waarmee de mensen omgingen met hun taal zonder zich niet-netjes te voelen, het kwam niet eens bij ze op.
Zoiets als vrijer zijn vergeleken bij de Hollandse beknotting.
Het zal een van de verschillen zijn geweest tussen Holland en Brabant.
Taal verwoordde die verschillen.
Of ze nog steeds bestaan weet ik niet zeker, ik vermoed van wel.
==

Advertenties

Over de grens


Vanmiddag winkelden we in Duitsland.  Daar is het altijd prettig rondkijken, op je gemak ondanks de drukte.
Uiteraard zijn de lage prijzen in sommige zaken welkom (bedenkelijk maar dat is politiek), wat zo plezierig is, is de houding van de mensen. Zowel in supermarkt als in kleding- of wat-dan-ook-zaken is het gedrag over het algemeen kalm. Of is het gewoon fatsoenlijk?
Ook in de goedkoopste winkels wordt nauwelijks gerotzooid, artikelen worden bekeken en weer teruggelegd en niet gesmeten of uit de handen laten vallen. Men stapt opzij voor elkaar, er staan geen gezinnen te schreeuwen, zelfs in een McDonalds gaat het er rustig aan toe.
Nu gaan we meestal naar grensplaatsen als Goch, Emmerich of Kleve; hoe het in de grote steden is, weet ik niet.
Daar is de trend misschien  meer westers.  Niet te hopen.