Bijna een griezelverhaal

Het zachte zuchtgeluid weerklonk nu achter haar.
Raspend bij vlagen, ingehouden daartussenin.
Op een avond wachtte het haar op toen ze naar boven ging.
Akelig, beklemmend, benauwend.
Dan naast haar op het hoofdkussen. Ze kromp bij het geluid..
Ze analyseerde de zucht, vluchtig, in een poging zich niet te laten meeslepen in overspannen angsten. Wie ademde op deze manier?
Niet de echtgenoot, hij was er niet meer.
Die viezelijke ouwe oom? Maar hij was dood en kreeg een kruis na.
Ze schrok op door een diepe hijg, de ongeduldige zucht van een wachtende.
Geschrokken keek ze naar de keuken vanwaar het geluid kwam.
Ze rende, niemand te zien. Of toch?
Bang zette ze zich weer in haar stoel, steels om zich heen kijkend. Kwam iemand haar halen? Waarom?
Ze huilde hardop…..

Ooit blogde ik dat ik graag een griezelverhaal wilde schrijven maar het niet durfde. Bang voor mijn eigen creaties.
Herhaaldelijk begon ik er aan, even vaak moest ik afhaken. Ook nu.
Waarom begin ik dan telkens?
Griezelverhalen zijn fascinerend.
Jammer dat ze zo eng zijn.

Mocht iemand hier een vervolg op weten, dan ben ik heel nieuwsgierig en plaats het.

Advertenties

Griezelplan


Dat plan heb ik al heel lang, een eng verhaal schrijven. Een serieus stuk zonder mijn gebruikelijke flauwe kul.
Maar ik durf niet meer.
Als schijtlijster voelde ik me niet goed bij het bedenken alleen al.
En wanneer ik het schreef bestierf ik het bijna.
Te vaak was ik druk met pen of toetsen, schichtig rondkijkend, de adem over mijn rug voelend van de grote griezel die met kille vingers naar mijn hals greep en zijn hatelijk gegorgel in mijn oor fluisterde of sissend gore taal uitbraakte en dan, o god, dit moet niet…
…dan maakte ik er liever een zootje onzin van. Iets minder engs. Sissen werd slissen, hatelijk werd stompzinnig, griezel werd halve gare. De angst verging maar het verhaal ook.

De nieuwste technologie is eveneens een goed griezelonderwerp.
Denk aan een huishoudrobot die de geest krijgt door een verkeerd geïmplanteerd brein. Alles afsluit en naar je gaat staren. De hele dag met flikkerende ogen naar je kijkt, uur na uur, weigerend de buitendeuren te openen, je achterna loopt op trappen en in de badkamer, bij het koken, almaar kijkend, je blik probeert te vangen, gadverdamme….
…en weer maakte ik er een lolletje van.

Ik houd het netjes, akeliger voorbeelden geef ik niet. Over het kruip- en sluipgedierte zal ik het maar niet hebben.
Ze komen allemaal op hetzelfde neer: ik verzin wat en ben te bang om verder te schrijven.
Misschien later, ooit.