Verdord versje

De droogte duurde voort
er was geen frisser oord
geen regen aan de poort
slechts  dorre wind uit noord.

We zagen door de ruit
een spreeuw. Wat dorstelijk gefluit
meer was er niet als buit.
Toen gingen we maar uit

en reden langs de Maas
er liep wat vee te graas
in gras met bruinig waas
de ogen stonden daas.

Het pontje vaarde scheef.
De stroming die het dreef
en langs de boorden wreef
had weinig lust te geef.

We reden terug naar huis
in droge lucht-met-ruis
piepend door het gruis
als een verkouden muis


Het weerbericht was pet:
opnieuw een zonballet.

Van die dingen


Al vroeg stond ik bij de supers. AH was open, ik wachtte bij de ander.
Er stond een man die gelukzalig een sigaretje wegpafte. Het rook zo lekker kruidig in de ochtendlucht dat ik er trek in kreeg. Ook een paar anderen snuifden, misschien speelde melancholie ons parten.
‘Niet doen,’ zei hij. We lachten.
En praatten.
Over corona, uiteraard. En de vogelgeluiden. De droogte.
Ondanks de afstand hoefden we niet te schreeuwen, een toontje luider spreken wordt gewoon.
Worden de stemmen ook eens getraind.
Oefening voor eenzamen.
==

Klimaatperikel

De afvoerputjes rieken door de droogte, regen blijft uit.
Zo loop je met een waadbroek door de bagger, even later stuift de vijver alle plantjes eruit.
In feite ga je tweebeens door je tuin,  links een lieslaars, rechts een sandaal met sproeizool.
Het lijkt grappig maar is in werkelijkheid doodvermoeiend, gesop en droog zand passen niet bij elkaar. Je merkt het, ik zweer je dat ik het gemopper van de grond kan horen als ik schoffel:  slobber – pfff, slobber-pfff en grrrr.
Waarom verdeelt het klimaat zijn eigenschappen niet wat gelijkmatiger?
Kan het KNMI hier niets aan verbeteren? Dat is toch een soort kenniscentrum van weer en slecht weer?
En de overheid? Waar blijven de Kamers?
Rutte, doe er iets aan!
=

Heksenwerk?

Over de Doornappel schreef ik al eerder. Een aparte plant, giftig maar mooi.
Hij doet het bijzonder goed ondanks een minimum aan water.
Bloeit met spierwitte kelken en krijgt uitlopers.
Beetje vreemd vind ik dat. Kent hij geen dorst?
De scharnierbloem, vlak naast hem, profiteert mee, met nog minder water. Ook al zoiets raars.
En wat te denken van die schaduw, doorschijnend als van een geest?
Bestaan er dan toch heksenkunsten?
U mag gerust weten dat ik dit beangstigend vind, ik durf hem niet eens te rooien. Wat zal de reactie zijn? Vergif spugen? Bijten?
Ik neem geen risico, op fluwelen voeten sluip ik naar de schuur waar de fiets staat en rijd met een boog om hem heen.
Stel je voor dat ik ook ga groeien en bloeien en uitlopers krijg.