Dear John

‘Dit zijn de allerlaatste woorden die je van me krijgt..
Ik ga weg, voorgoed.
Ik heb genoeg van je, je gezeur om ‘leuke’ spelletjes, de parenclubs, je almaar eigenaardiger wensen.
De gekneusde schouder was al erg maar de hap uit mijn teen was tè genant, en je nieuwste voorstel deed me besluiten definitief te vertrekken.
Ik laat me niet meer overhalen tot achterlijke sextoeren, je gaat maar naar een bordeel al is het zeer de vraag of ze je willen bedienen. Waarschijnlijk lachen ze je in je gezicht uit.
Misschien dat een psychiater iets voor je kan doen?
Hoe dan ook, ik ga weg.
Zoek maar iemand anders voor dat triootje met Bokito.
Tot nooit,

Gina.’

Advertenties

Brokken-pastoor


Bij toeval kwam ik het volgende citaat tegen, van Jan_Brokken
Hij stelde:

‘In een dorpspastorie zie je meer van het leven dan in een bordeel.

In eerste instantie schoot ik in de lach, denkend aan de geijkte grappen.
Daarna vroeg ik me af, wat bedoelt hij eigenlijk?

Het zal een goeie quote zijn voor de kroeg, de pastoor die van bil gaat met de huishoudster was in menige mop een geziene gast.

Maar in een pastorie kwamen ook parochianen met hun noden;  sommigen passeerden de biechtstoel en vroegen liever om priesterlijke raad in een huiselijker omgeving, een biechtstoel was tenslotte maar een akelig donker ding waar je nooit eens je gevoelens kon tonen. Doelde Blokker daar op?
Niet echt belangrijk maar ik pieker er over en bekijk onze vroegere pastoor (en kapelaan en dominees) met andere ogen. Ze leven niet meer en daar mogen ze blij om zijn want ik zou ze hinderlijk aan hun hoofd zeuren over dat bordeelgedoe.
Ze waren natuurlijk veel wereldwijzer dan wijzelf.
Of ze dat uit persoonlijke ervaring waren is een vraag.
Misschien kent Blokker het antwoord?