de appel valt...

De appel valt…

Champignons, ze zagen er zo mooi uit dat ik een doosje meenam en smakelijk opat.
Al etende dacht ik onwillekeurig: goed dat Moe het niet ziet.
Zij was matig in gebruik van voedsel. Van kleding, drinken, van alles eigenlijk. Ook toen het niet meer nodig was, het zal de gewoonte zijn geweest.
Ik had daar een hekel aan, noemde het bekrompen, zo arm waren we toch niet meer?
Ze verdedigde zich met verstandige woorden. Zuinig, gezond en meer van dat.
Dat raak je nooit kwijt, het zit me ingebakken bij veel aankopen: goed dat Moe het niet ziet.

Toch kon ze best uit de band springen door iets te doen wat niemand deed, althans, niet in de familie.
Een stukje echt bont kopen en op de kraag van haar mantelpak laten zetten.
Een veel te grote hoed dragen vóór het in de mode kwam.
Waardeloze maar sjieke schoenen dragen. In het huishouden….
Af en toe  -echt héééél af en toe vanwege de prijs-  op zaterdag biefstuk eten, ieder een lapje van ca 100 gram.
Een boek kopen. Van die dingen.
En toen hoorde ik haar zeggen:  als mijn vader dit eens wist.
==

 

buiten

Zo’n dag

Ligstoel laagste stand
boek lezen,  laten  vallen
vuiniswagen bescheiden piepend
gedempte stemmen
muziekflarden
ruziënde vogels
een bloem drijft langs
klimop beschermend boven me…

….ik vergat bijna te eten.
==

vraag

Hoe kan dit

– Je zet een bevroren product in de koelkast. En dan wordt het schap aan de onderkant nat. Verbaast me altijd weer want ik was slecht in natuurkunde.
– Het is laat op de avond en stil op straat, buren slapen. Dan hoor je leidingen suizen. Wanneer het overdag stil is, er geen verkeer is, televisie of burengerucht, hoor je het nooit.
– Buurtje komt om een stukje worst. Ik leg het voor hem neer bij de achterdeur. Hij blieft het niet. Half geërgerd gooi ik het naar buiten, hij vliegt er achteraan en vreet het in twee happen op.

Slechts een paar van de dingen die ik niet begrijp, het leven lijkt vol moeilijkheden te zitten voor een simpele ziel.
Toegegeven, het zijn geen vraagstukken waar wereldleiders over piekeren (al verdenk ik Trump) maar ik zie Poetin of Xi elkaar nog niet bellen over zoiets.

Morgen ga ik weer aan de achtertuin, of verder met  Arago (boek Lieske), nieuw verhaal, coronatoestand op tv.
Daarna denk ik opnieuw aan de vragen zonder antwoord.
Nou ja, nog altijd beter dan ziek worden.
Dan zou ik pas ècht wakker liggen.
==

spelletje·verveling

Boekenbon en verveling

Wat zal ik er voor kopen. Ja, een boek maar wat voor een?
Welk boek is goed of spannend of mooi?  Reviews bieden houvast over inhoud en stijl, toch kan het boek  tegenvallen…


Lang thuiszitten, uitgekeken op Netflix, camera of elkaar?

Dan is dit een spelletje om de verveling te verdrijven: verander het woord ‘boek’ in wat je maar wilt en lees het opnieuw. Je bent er weer een kwartiertje zoet mee.

‘…Wat zal ik kopen? Ja een koe maar wat voor een? Welke koe is goed of spannend of mooi? Reviews bieden houvast over inhoud en stijl, toch kan het beest tegenvallen…
‘… wat zal ik kopen? Ja, een kroket maar wat voor een? Welke kroket is goed of spannend of mooi? Reviews bieden houvast over inhoud en stijl…
‘…wat zal ik kopen?Ja een tante maar wat voor een? Welke tante is goed of spannend of mooi? Reviews bieden houvast over inhoud en stijl, toch kan het mens tegenvallen…

Ja,een popzanger/kok/vriendje/fiets/weblog/ koning, enzovoorts.
==

slaap

Vroeg naar bed

Nog geen tien uur en ik heb al slaap.
Tistochwat, was ik vol onbegrip voor een paar oudere weduwen die vroeg naar bed gingen, nu begin ik zelf ook.
Een van hen gaat zelfs  al om 8 uur naar boven om in nachtgoed van het Journaal te genieten. Wat die pijama daaraan bijdraagt begrijp ik niet maar wie weet verzacht het flanel de ergste nieuwtjes.
Ik vroeg aan deze en gene of ze ook sliepen, ze hadden toch geen drukke baan?
Ziehier de antwoorden.
Nee, ik dut  wat, soes bij vlagen even weg, schrik wakker en lees een paar minuutjes tot de schrik voorbij is, kijk televisie, het maakt niets uit wat er te zien is, lach soms mee, val wederom in slaap, dut nog een keer, doe een plas en kruip weer terug…
Mijn god, dacht ik, zo wil ik echt de dagen niet eindigen.
Het leven ook niet.
Maar vandaag genoot ik wat langer van de buitenlucht. Na een wandeling en een paar klusjes, boodschappen en andere huishouddingen zit ik zelf ook bijna te slapen. Voor tienen!  En nu is het is nog maar half elf.
Gaaaaaap, sorry.
Er zit niets anders op, ik ga naar bed. Met boek, telefoon en tablet stiefel ik de trap op. Ruim elf uur inmiddels.
Maf ze.
==

krant·lezen

Lezen, ho maar.

Vandaag leesdag.  Inhaaldag, gister kwam er niets van.
Lekker, dacht ik, handenwrijvend leegde ik de keukentafel en spreidde de kranten breeduit. Koffie ernaast.
Net wilde ik beginnen toen ik het boek zag,  het keek me aan. Vooruit dan, nog één hoofdstuk.
Boek uit, koffie koud. Nieuwe gemaakt.
Kranten!
Er viel me iets in.
O ja, A. was jarig, meteen bellen voor ik het vergeet.
Gesprek afgelopen, nieuwe koffie.
Ziezo, nu aan de lees.
Telefoon…..
Enz.
En nu.
De kranten liggen nog op dezelfde plaats, opengevouwen op dezelfde pagina’s en ernaast staat een lege koffiemok met donkere kringen.
Zegt het stel dat net wegging:
‘Lees je de krant altijd zo langzaam? Ik heb hem meestal in een half uurtje uit.’
Ik zei niets, maar…
…. gelukkig ben ik niet gewelddadig.
==

.

lezen·obsessie

Obsessie

Spannend woord.
Een thriller waarvan de beschrijving of titel dit aangeeft kan rekenen op op veel belangstelling.
De betekenis is zeer negatief, waarom wil men er dan zo graag  over lezen? Zo fraai is het niet.
Een obsessie is dwangmatig denken, een geestestoestand waarin een persoon bezeten is van een specifiek idee. Een persoon die ergens door geobsedeerd is, kan de gedachten niet uit zijn hoofd zetten, hoewel hij of zij dit meestal wel wil. Het dwangmatig denken leidt vaak tot dwanghandelingen, ook wel compulsies genoemd.

Ik heb er geen ervaring mee, niet in familie en kennissenkring, voor zover ik weet tenminste.
Uiteraard zijn er mensen die alles uit de kast halen om iets te verkrijgen. Een aanbedene, kledingstuk, huis, wie kent ze niet maar dan denk je niet direct aan een stoornis.

Dwanggedachten kreeg ik hoogstens toen ik afkickte van sigaretten. Hetzelfde zag ik bij een exalcoholist die aan niets anders kon denken dan aan zijn jenever, vertelde hij. Het geldt waarschijnlijk voor elke verslaafde van welke middel dan ook.
Dat lijkt misschien op obsessief denken.

Maar beheerst worden door een idee of wens, tegen je wil, die alle andere interesses en gedachten overklast, het moet op zijn minst een onaangename aandoening zijn. Of stoornis, of ziekte, wat is het eigenlijk? Een idee-fixe is ook zoiets of hetzelfde?
Dit alles is voer voor psychologen, verhalen zijn leerzaam op hun eigen manier zij het niet altijd juist.

Nu weet ik natuurlijk wel waarom deze romans populair zijn.
Vooral als het gaat het over lustmoordenaars die achter purperen rokjes aanjagen en, samen met politie en slachtoffers voor nagelbijtende spanning zorgen inclusief verscheurde rokjes die ze in hun jeugd van hun tirannieke moeder moesten dragen op straffe van minachting enzovoorts enzovoorts.
En men zucht van opluchting als hij gepakt wordt dan wel zichzelf doodschiet, verbitterd door meer inzicht over zijn aandoening en daarmee niet verder wil leven. Bijvoorbeeld.
Je oordeelt zo lekker mee, alsof je weer in je eerste Arendsoog zit.


Ik lees ze niet vaak maar af en toe is het best aardig.
Vanmorgen zag ik een boek met een bloedstollende kaft aan mijn neus voorbijgaan. Het zag er aantrekkelijk uit, de gruwelijkheden dropen er van af.
Iemand anders was vlugger.
Waarschijnlijk geobsedeerd door de rode kleur.
==

boodschappen

Raad het plaatje

Hèhè, een heel gedoe met volle tas en mandje en dan nog naar de bakker.
Opgelucht komt ze thuis.
Gauw de boodschappen opruimen en doorgaan met het boek.
Er flitst een beeld door haar hoofd, ze drukt het meteen weg.
Zo. Het brood hier, aardappelen daar, dan had moeder het toch maar goed bekeken met een kruidenier-aan-huis.
Opnieuw schiet het beeld voorbij, vlug het boek pakken. Of de ramen doen?  Iets om handen hebben is beter.
Ze vult de emmer, pakt spons en trekker. Ziezo, dat lucht op.
Straks meteen de vloer maar even en – het beeld doemt weer op. Met moeite drukt ze het weg.
De vloer is nog best schoon. Toch maar het boek?
Haar maag speelt op, hoe laat is het eigenlijk? Half vier al? Ah, bijna kooktijd.
Nogmaals verschijnt het beeld. Ze verzet zich tegen, even maar.
Dan geeft ze zich over en haalt het luxebroodje tevoorschijn.
Kan nog net voor de anderen thuiskomen.
=

misselijk

Misselijk mens


Dat was ik gister al en vanmorgen nog.
Mijn reactie op kwaaltjes is meestal: net doen of er niets aan de hand is dan vergeet je het vanzelf.
Of afleiding zoeken.
Dus vandaag een raam gelapt, een stukje tuin bijgewerkt, boodschap gedaan, kletspraatje gehouden, vloertje gedweild, van die dingen.
En toen ik tegen de avond buiten uitrustte viel ik in slaap. Na een uurtje werd ik wakker met een boek in de handen en een kop nes naast me.
Verdwaasd keek ik rond, er stond een bezem en een emmer, een berg dooie planten ernaast. De slaap was zeker diep geweest.
Opstaan viel tegen.
Ik had de voeten op tafel gelegd en dan zakken je benen zo raar door, alsof je ingewikkelde gymnastiek doet. Ze zaten in de knoop, ik kreeg ze uiteindelijk aan de praat en was daarmee definitief wakker.
En zag dat het, huishoudelijk gezien, een productieve dag was geweest.
Sjonge, dacht ik, waar kwam die ijver vandaan?
Een niet-gelezen boek maar wèl gepoetst?  Dat is niet des Bertjens.
Toen herinnerde ik me dat ik me niet lekker had gevoeld.
Misschien moet ik vaker misselijk worden.
==

spanning

Iets boeiends..

..daar had ik zin in. Opgevoerde spanning met een onvoorspelbare ontknoping.
In de bibliotheek vond ik  niets van mijn gading.
Dat is jammer, het dagelijkse leven is soms wat slapjes. Het valt niet mee om voldoening te putten uit vragen als
wat voor weer wordt het?
– koppie thee, buurvrouw?
– is het al tijd voor de bollen?
– branden de aardappelen niet aan?
– waar heb ik dat potlood neergelegd
Dat soort slomigheden kan ik niet ernstig nemen, daar brand ik zelf van aan.
Natuurlijk kan ik de spanningspanning opvoeren door het potlood te verstoppen en de buurvrouw zout in haar thee te doen maar ik denk niet dat me dat lang boeit, bovendien moeten we  vrienden blijven. Zij heeft een auto.
Het  valt niet mee  de sjeu er in te houden.
Ik heb wel eens nieuwe vragen bedacht, een niet onaardige bezigheid maar er kwamen geen antwoorden.
– Vaart deze week het goudschip binnen?
– Vangt de haai eindelijk die rolmops ?
– Hoelang kan ik de melkboer nog weerstaan?
Boeiend was het wèl. Alsof ik in een Hitchcockfilm leefde.
Toen werd de spanning me teveel en heb ik drie weken met hoofdpijn op bed gelegen.
Daar was niet veel aan.
==