Moeilijk doen

Dit zijn dagen waarop je iets anders uit de kast pakt.
De hele dag luieren bij een aangenaam briesje, dat maakt misschien de lust vrij om me door een  lastig boek te worstelen.
Ik zocht een kleine stapel uit en begon.
Het werd niks, ik kon net zo goed met mijn ogen dicht lezen.
Een boek spreekt je aan of niet, de bries maakt ze niet aangenamer. Ze blijven saai, langdradig, humorloos, oninteressant, alle goede wil mijnerzijds hielp me opnieuw niet verder dan enkele hoofdstukken. Waarschijnlijk snap ik ze niet.
Daarbij viel ik telkens in slaap waardoor ik de toch al dunne draad herhaaldelijk kwijtraakte.
Vergeleken bij dit stapeltje is de Kamerplantengids een bron van vermaak.
Na enkele pogingen gaf ik het op en legde de miskende oogst terug in de kast.
Ik wil ze weg doen maar weet niet aan wie, het is bijna een belediging om ze te geven.
In mezelf pruttelend liep een ander oudje me in handen, tja, mooi, daarom ken ik het ik uit mijn hoofd. Uiteindelijk nam ik het bibliotheekexemplaar maar weer op.
Waarom zou ik moeilijk doen.

Voor morgen heb ik andere plannen.
Ik ga hetzelfde doen als vorig jaar en maak een kussenovertrek   
Er ligt nog een grote lap stof.
Je verzint graag wat om de warmte te slim af te zijn.
Tenzij het niet lukt. Te warm, te geen zin, te lui, te suf.
Dan verlies je.
=