Soms druk, soms alleen, maar eigen baas.

Vorige week. Niemand gesproken behalve een enkele bekende in winkels of op de markt.
Deze week. Dagelijks een koffie- of theeleut. Voor morgen staat een afspraak.
Het is de gewone gang van zaken.
Het komt voor dat je een paar weken achter elkaar alleen de vaste bezoekers treft dan wel zelf op bezoek gaat. Berichten blijven uit behalve die van apotheek of tandarts, zelfs de huistelefoon laat zich niet horen, vaak heb ik zelf ook geen zin in gezelschap.
En net als je denkt: zalige vrijheid maar nu wordt het wel èrg eenzaam, stuurt iemand een koffieverzoek.
Belt voor een praatje.
Stelt een shopuurtje voor.
Vraagt voor een evenementje.
Er komt een boodschap door.

Het ongeordende leventje is een groot voordeel van gepensioneerd zijn. Als alleenstaande, moet ik erbij zeggen. Voor een (echt-)paar loopt het wellicht anders.
Ik zou niet meer in een vast ritme willen zitten behalve wat eten en slapen aangaat en bij een club is het ook aanpassen.
Verder ben ik, tot op zekere hoogte, eigen baas, daar hoort onregelmatige aanspraak ook bij.
Met de bus weg als ik daar zin in heb.
Poetsen als ik daar zin in heb. Of niet.
Boeken in één ruk uitlezen als ik daar zin in heb.
Enzovoorts.
Nooit eerder kreeg ik zo vaak mijn zin als nu.
Dat had ik als kind niet kunnen bedenken.
==

Je kunt beter alleen zijn dan je bij iemand eenzaam voelen.

Een bekend thema, het raakt aan de keuze: samen ongelukkig zijn of zelfstandig van je vrijheid genieten.
Niet iedereen denkt daar hetzelfde over.
‘Alleen is maar alleen’ is een van de antwoorden, men gaat automatisch uit van een chronisch verdriet.
Er zijn mensen die liever doorgaan met een slechte relatie, zij geven de voorkeur aan een foute verhouding boven rust in hun eentje. Een kennis was zo gewend aan haar harteloze echtgenoot dat ze hem miste na zijn overlijden, ze was nu alleen. Ze vereenzaamde, we zagen het gebeuren maar niemand kon haar eenzelfde chagrijn bezorgen.
En andere vrouw bad om extra tijd voor haar negentigjarige buurman die op zijn dood lag te wachten. Liefdevol verzorgd door zijn inwonende dochter was hij eenzaam, daar begreep de vrouw niets van: hij was immers niet alleen?
Zelf denk ik er anders over.
Bij het zien van een paar foto’s kwam dit oud zeer boven.  Het gevoel van verlatenheid, bijna verdwalend in een slecht-passende vriendschap maakte dat ik liever alleen was en ik maakte het uit, al was hij nog zo knap.

Het is goed dat het geaccepteerd is, je wordt als single of weduwe niet meer meewarig aangekeken op verjaardagen. Behalve door een paar antieke figuren maar die leren het nooit, zij zijn degenen die liever doormodderen in hun twee-eenzaamheid.