Schapen scheren…


…het is er de tijd voor.
Als kinderen keken we elk jaar.  Het was geen muzikaal evenement, het gebeurde gewoon bij een buurboer. Langs de straat was een weitje waarin de beesten ont-manteld werden.
Wat we er zo mooi aan vonden weet ik nog steeds niet, eigenlijk was het een beetje zielig maar, zei mijn vader, de scheerder stond bekend om zijn handigheid en de schapen waren blij van hun vacht af te zijn. Dat troostte.
Op de feestelijke scheersessis van nu gaat het ongeveer hetzelfde maar dan met muziek en publiek, braderietje en dergelijke.
Daar hielden we niet zo van.

Een jaar of 7 geleden fietsten echtgenoot en ik een stille route door het achterland tot we ineens een bekend geluid hoorden: gegier en gemekker, iemand was schapen aan het scheren.
Nieuwsgierig stapten we af, een praatje met een boer was altijd gezellig.
Daar kwamen we deze keer rap van terug, ziende hoe de man te keer ging met de stomme dieren. Lomp werden ze heen en weer gegooid, het scheerapparaat leek een wapen. Hij keek op, zei niets, gooide een nieuw slachtoffer onder zijn knie.
Nu zijn we wel wat gewend op het platteland, we waren echt geen kleinzerige en jammerende buitenstaanders. We weten dat schapen geen kleinemeisjespoppen zijn.
Maar dit.  De geschorenen waren stuk voor stuk flink bezeerd.
‘Alles bloedt,’ riep echtgenoot. Hij wist dat het er, buiten het zicht, niet altijd zo zachtjes aan toe ging maar ergerde zich evengoed. ‘Dit is niet nodig.’
De man ging stug door.
Wij zijn opgestapt.

Vanaf die tijd juich ik het feestelijke scheren toe.
In het openbaar is tenminste toezicht, alle kijkers leven met de schapen mee.

Advertenties